Dutch Fluency
Find my levelLevel
Login

Ep40: Kurt's marathon in Amsterdam – voorbereiding en B2

Kurt, je hebt me verteld dat je in oktober de marathon van Amsterdam gaat lopen.

Dat is een groot doel, en ik weet dat je ook werkt aan je B2-examen.

Twee grote uitdagingen tegelijk, maar ik denk dat ze elkaar kunnen versterken.

Hoe?

Door dezelfde principes te gebruiken: consistentie, planning en kleine stapjes.

Laten we beginnen met een paar woorden die je vandaag kunt gebruiken.

Woord één: 'de voorbereiding'.

Dat is de tijd waarin je je klaarmaakt voor iets, zoals de marathon of het examen.

'De voorbereiding op de marathon begint met een schema.' Woord twee: 'het schema'.

Een schema is een plan met tijden of stappen.

'Ik maak een schema voor mijn hardlooptraining en mijn studie.' Woord drie: 'het uithoudingsvermogen'.

Dat is hoe lang je iets kunt volhouden, zoals hardlopen of Nederlands spreken.

'Mijn uithoudingsvermogen wordt beter door elke dag te oefenen.'

Woord vier: 'de ademhaling'.

Tijdens het hardlopen is een goede ademhaling belangrijk, en ook tijdens het spreken van Nederlands.

'Let op je ademhaling als je een lange zin zegt.' Woord vijf: 'de concentratie'.

Je hebt concentratie nodig om te hardlopen en om te studeren.

'Mijn concentratie is beter na een korte pauze.' Woord zes: 'de rustdag'.

Een dag zonder training of studeren, om te herstellen.

'Neem elke week een rustdag, voor je lichaam en je hersenen.' En woord zeven: 'de motivatie'.

Dat is waarom je doorgaat, ook als het moeilijk is.

'Mijn motivatie is om in Nederland te werken en de marathon uit te lopen.'

Nu een grammaticapunt: de woordvolgorde in bijzinnen.

Je weet dat in een bijzin het werkwoord vaak naar het einde gaat.

Bijvoorbeeld: 'Ik hoop dat ik de marathon kan lopen.' Het werkwoord 'kan' staat aan het einde.

Of: 'Omdat ik veel train, word ik sneller.' Let op: na 'omdat' komt het werkwoord 'train' aan het einde van de bijzin, en dan de hoofdzin.

Oefen dit door zinnen hardop te zeggen, zoals: 'Ik denk dat ik mijn B2-examen haal.'

Een tip voor jou: combineer je training met je Nederlands.

Luister naar een Nederlandse podcast tijdens het hardlopen, of praat met jezelf over je schema in het Nederlands.

Bijvoorbeeld: 'Vandaag loop ik tien kilometer, en morgen studeer ik voor het examen.' Zo train je twee dingen tegelijk.

Kurt, je bent op de goede weg.

Je hebt een marathon in oktober en een B2-examen in het vooruitzicht.

Blijf consistent, vier kleine overwinningen, en vergeet niet te genieten van het proces.

Je kunt dit.

Tot morgen.

Volledig transcript · gratis

Log in voor quiz, flashcards, chat en PDF

Word lid