

Audio1x
Snelheid
Pauze
OefenenLees
Modus
Woordenschat
Hallo allemaal.
Ik ben Rick, jullie leraar uit Den Haag.
Vandaag heb ik een heel grappig verhaal voor jullie.
Het is een verhaal van het internet.
Het heet 'ik perzik in het echt'.
De perzik staat voor billen.
Ja, je billen!
Het is een heel normaal, maar heel grappig probleem.
Luister maar.
Het is zaterdag.
Het weer is mooi in Rotterdam.
De zon schijnt en de lucht is blauw.
Mijn vriend Daan loopt in de stad.
Daan is een lange man.
Hij is vrolijk, want hij heeft weekend.
Daan heeft nieuwe kleren nodig.
Hij zoekt een nieuwe broek.
Zijn oude broek is kapot.
Daan loopt naar een grote kledingwinkel in het centrum.
De winkel is heel druk.
Er zijn veel mensen.
Er is muziek in de winkel.
Het is gezellige muziek.
Daan kijkt naar de broeken.
Hij ziet rode broeken, blauwe broeken en zwarte broeken.
Daan houdt van blauw.
Hij pakt een mooie, blauwe broek.
'Deze broek is mooi,' denkt Daan.
'Ik ga de broek passen.' Daan loopt naar het pashokje.
Het pashokje is een kleine kamer in de winkel.
Daar kan je kleren proberen.
Daan doet zijn oude broek uit.
Hij doet de nieuwe, blauwe broek aan.
Maar er is een probleem.
De broek is een beetje klein.
Daan trekt en trekt.
Pff, het is moeilijk.
Uiteindelijk is de broek aan.
Daan kijkt in de spiegel.
De broek zit heel strak.
Heel erg strak.
'Misschien is dit de mode,' denkt Daan.
'Strakke broeken zijn modern.' Dan gebeurt er iets.
De telefoon van Daan valt op de grond.
Boem.
De telefoon ligt op de vloer van het pashokje.
Daan moet zijn telefoon pakken.
Hij buigt naar voren.
Hij buigt diep naar de grond.
En dan hoort hij een geluid.
Rrrrrrrt.
Daan schrikt.
Hij weet direct wat het is.
Het is de broek.
De nieuwe, blauwe broek is kapot.
En waar is de broek kapot?
Precies op zijn billen.
Een groot gat op zijn achterwerk.
De perzik, zeg maar.
Daan kijkt in de spiegel.
Hij ziet zijn eigen onderbroek.
Zijn onderbroek is felrood met witte stippen.
Iedereen kan het zien!
Daan krijgt een rood gezicht.
Hij schaamt zich heel erg.
Wat moet hij nu doen?
Hij kan niet naar buiten lopen.
Hij heeft een kapotte broek aan.
En zijn oude broek ligt op de stoel.
Maar de nieuwe broek is van de winkel.
Hij moet de winkel betalen voor de kapotte broek.
Daan doet de kapotte broek snel uit.
Hij doet zijn oude broek weer aan.
Hij neemt de kapotte, blauwe broek in zijn handen.
Hij loopt heel langzaam naar de kassa.
Bij de kassa staat een vrouw.
Ze heet Anna.
Anna lacht vriendelijk.
'Hallo,' zegt Anna.
'Heb je een mooie broek gevonden?' Daan kijkt naar de grond.
'Nou, ja en nee,' zegt Daan zacht.
Hij legt de broek op de balie.
Anna ziet het grote gat.
'Oh,' zegt Anna.
Ze probeert niet te lachen.
Maar haar ogen lachen wel.
'Ik bukte,' zegt Daan.
'En toen ging de broek kapot.
Ik wil hem graag betalen.
Sorry.' Anna begint hard te lachen.
Ze vindt het heel grappig.
'Dat geeft niet, meneer,' zegt Anna.
'Dit gebeurt heel vaak.
De broek was gewoon te klein.
Je hoeft niet te betalen.' Daan is heel blij.
Hij is ook opgelucht.
Hij lacht nu ook.
Daan koopt een andere broek.
Een broek die wel groot genoeg is.
Hij loopt vrolijk de winkel uit.
Zijn rode onderbroek is weer veilig.
Tot de volgende.
Alle transcripten op dutchfluency.com slash transcripts.
OefenenLees
Tekst
Modus
Audio
Pauze