

Audio1x
Snelheid
Pauze
OefenenLees
Modus
Woordenschat
Hey, heb je pannenkoekenmix nodig?
Vroeg mijn vriendin, Sarah.
Ik ga naar de supermarkt.
Ja, graag, zei ik.
En misschien stroop?
De stroop is bijna op.
Sarah ging naar de Albert Heijn.
Onze supermarkt.
Ze had de regen verwacht, maar het was droog.
Fijn.
Ze dacht aan de pannenkoeken die we later zouden bakken.
Met poter.
Natuurlijk.
Toen Sarah in de supermarkt was zorgt ze eerst de pannenkoekenmix.
Ze vond het meteen.
Goed?
Dacht ze.
Nu de stroop.
Maar toen zag ze iets raars.
Ze wilde een pakje met zes pannenkoeken kopen.
Je weet wel, die kant en klaren pannenkoeken.
Normaal zitten er zes in een pak.
Maar nu.
Nu zaten er maar vijf in.
Sarah was een beetje boos.
Ze dacht, he, dat is niet eerlijk.
De prijs is hetzelfde, maar ik krijg minder pannenkoeken.
Ze pakte het pakje toch.
Ze wilde pannenkoeken aan de kassa betaalde ze.
Ze zei tegen de kasiëren.
Vroeger zaten er zes pannenkoeken in dit pakje.
Nu maar vijf.
Is dat normaal?
De kasiëren lachten.
Nee.
Dat is niet normaal.
Dat is crimpflatie.
Het product is minder, maar de prijs blijft hetzelfde.
Sarah snapte het.
Ze betaalde en ging naar huis.
Ze vertelde mij over de pannenkoeken.
Wat raar, zei ik.
Misschien komt het omdat het moeilijk is om de ingrediënten te krijgen.
Ik las iets over een straat die dicht is.
De straat van Hormous.
Misschien heeft dat er iets mee te maken.
Misschien wel, zij Sarah.
Maar ik vind het niet leuk.
Ik wil zes pannenkoeken.
We besloten om zelf pannenkoeken te bakken met de pannenkoeken Mix en de nieuwe stroop.
Dat is veel leuker.
En we weten precies wat er in zit.
We hadden een recept met spinatie gezien.
Dat wilden we proberen.
Gisteren hadden we nog een blender gekocht.
Dus het maken van het beslag was heel makkelijk.
We pakten de pannen en de boter.
Het werd een lekkere pannenkoeken avond.
Ook al waren de pannenkoeken in de winkel minder geworden.
We hadden genoeg geld voor de ingrediënten.
Dus dat was geen probleem.
OefenenLees
Tekst
Modus
Audio
Pauze