

Audio1x
Snelheid
Pauze
OefenenLees
Modus
Woordenschat
Mark, a strawberry farmer from Westland, is in a tense meeting with Lena, a buyer from a large supermarket chain.
They are negotiating the price for a new exclusive contract, but Mark feels his hard work is being undervalued.
Mark: Oké, Lena, ik waardeer het dat je hierheen bent gekomen, maar ik sta perplex.
Lena: Waarom precies, Mark?
We hebben een redelijk bod gedaan.
Mark: Redelijk?
Twee euro vijftig per kilo voor handgeplukte aardbeien?
Dat is onder de kostprijs.
Lena: De markt zit tegen.
We hebben scherpe prijzen nodig om te concurreren.
Mark: Dat snap ik, maar ik kan niet onder de drie euro gaan.
Mijn standpunt is duidelijk.
Lena: Drie euro is veel.
Andere telers zitten lager.
Mark: Die andere telers leveren niet dezelfde kwaliteit.
Mijn aardbeien zijn zoet en groot.
Lena: Kwaliteit kost geld, dat begrijp ik.
Maar wij hebben ook marges.
Mark: Luister, ik wil graag een langetermijnrelatie opbouwen.
Maar dan moet het wel eerlijk zijn.
Lena: Wat als we twee zeventig doen?
Dan kunnen we een proefperiode van drie maanden afspreken.
Mark: Twee zeventig… dat is nog niet genoeg om mijn seizoenswerkers fatsoenlijk te betalen.
Lena: Jouw werknemers?
Die verdienen toch al een goed loon?
Mark: Ja, maar met de nieuwe regelgeving moet ik meer betalen.
Dat kan ik niet uit eigen zak doen.
Lena: We hebben ook vaste leveringen nodig.
Geen onderbrekingen.
Mark: Natuurlijk, dat begrijp ik.
Maar als de prijs te laag is, kan ik niet garanderen dat ik kan investeren.
Lena: Investeren?
Waarin precies?
Mark: Nieuwe kassen, duurzame energie, minder waterverbruik.
Dat kost allemaal geld.
Lena: Duurzaamheid is belangrijk, dat zien wij ook.
Maar we moeten wel concurrerend blijven.
Mark: Dan moeten jullie misschien accepteren dat duurzaamheid een prijs heeft.
Mijn standpunt is: drie euro of geen deal.
Lena: Dat is een hard standpunt.
Kun je niet iets flexibeler zijn?
Mark: Ik ben al flexibel geweest.
Ik ben van drie tien naar drie euro gegaan.
Lena: Oké, wat als we een bonusregeling afspreken?
Bij goede kwaliteit krijg je meer.
Mark: Een bonus?
Hoeveel dan?
Lena: Bijvoorbeeld tien cent extra per kilo als de suikerspiegel hoog genoeg is.
Mark: Dat klinkt interessant, maar het is geen garantie.
Lena: Nee, het is een stimulans.
Het laat zien dat we kwaliteit waarderen.
Mark: Hmm.
Maar de basisprijs moet omhoog.
Twee tachtig, minimaal.
Lena: Twee tachtig… dat is een forse stap.
Mark: Ja, maar dan kan ik mijn mensen betalen én investeren in duurzaamheid.
Lena: We hebben een vergadering volgende week.
Ik kan dit voorleggen aan mijn manager.
Mark: Goed, maar ik heb snel antwoord nodig.
Het seizoen begint over zes weken.
Lena: Ik doe mijn best.
Maar jij moet ook iets doen.
Mark: Wat bedoel je?
Lena: Als we de prijs verhogen, verwacht ik exclusiviteit.
Geen leveringen aan andere supermarkten.
Mark: Exclusiviteit?
Dat is een groot risico voor mij.
Lena: Jij krijgt een hogere prijs, wij krijgen zekerheid.
Iedereen wint.
Mark: Maar als jullie niet genoeg afnemen, zit ik met de overschot.
Lena: We kunnen een minimumafname afspreken.
Bijvoorbeeld duizend kilo per week.
Mark: Duizend kilo?
Dat is veel.
Kunnen jullie dat garanderen?
Lena: Met de juiste marketing wel.
We zetten jouw verhaal centraal: de lokale boer.
Mark: Dat klinkt goed.
Maar ik wil het zwart-op-wit.
Lena: Natuurlijk.
Ik stuur een conceptcontract.
Maar jij moet ook toegeven.
Mark: Toegeven?
Ik heb al toegegeven.
Lena: Ja, maar je standpunt was drie euro.
Nu praten we over twee tachtig.
Mark: Twee tachtig is mijn nieuwe standpunt.
Daar blijf ik bij.
Lena: Oké, ik ga met twee tachtig naar mijn manager.
Maar ik kan niets beloven.
Mark: Ik waardeer je inzet.
Hopelijk zien we elkaar snel met goed nieuws.
Lena: Dat hoop ik ook.
Fijne dag, Mark.
Mark: Jij ook, Lena.
En bedankt voor het gesprek.
Lena: Graag gedaan.
Tot snel.
Mark: Ja, tot snel.
OefenenLees
Tekst
Modus
Audio
Pauze