Alle podcasts

De Reis Die Niet Doorgaat

Sander werkt op een groot kantoor in Utrecht.

Hij werkt daar samen met zijn collega Giulia.

Giulia komt uit het warme Italië.

Ze is een heel goede en slimme collega.

Sander en Giulia hebben een belangrijk plan.

Ze willen naar Amerika reizen voor hun werk.

Ze moeten praten met een grote baas daar.

De baas heet meneer Jansen.

Meneer Jansen woont in de stad New York.

Sander heeft veel zin in de reis.

Hij wil graag de grote stad zien.

Hij wil ook een grote hamburger eten.

Giulia heeft ook veel zin in de reis.

Ze praten elke dag over hun mooie plannen.

Ze boeken een mooi hotel in het centrum.

Ze kopen ook dure tickets voor het vliegtuig.

Het is een koude maandagmorgen in Utrecht.

Sander drinkt koffie bij zijn witte bureau.

De koffie is lekker warm en zoet.

Dan komt Giulia plotseling het kantoor binnen.

Ze kijkt echt heel erg boos.

Haar gezicht is rood van de boosheid.

Sander schrikt een beetje van haar gezicht.

"Wat is er aan de hand?" vraagt hij.

Giulia gaat snel op haar stoel zitten.

Ze zucht een keer heel erg diep.

"Heb je het nieuws al gelezen?" vraagt ze.

Sander schudt langzaam zijn hoofd.

"Nee, ik heb nog niet gekeken," zegt hij.

"Wat is er precies gebeurd?" vraagt hij.

Giulia pakt snel haar zwarte telefoon.

Ze laat een lang bericht zien aan Sander.

Het is een bericht van meneer Jansen.

Meneer Jansen heeft iets heel doms gezegd.

Hij sprak over de baas van Giulia.

De baas van Giulia is een belangrijke vrouw.

Ze woont en werkt in Italië.

Meneer Jansen zei lelijke dingen over haar.

Hij was helemaal niet netjes in zijn woorden.

Hij was zelfs een beetje gemeen tegen haar.

Sander leest het bericht op de telefoon.

Hij snapt nu goed waarom Giulia boos is.

"Dit is echt niet leuk," zegt Sander zacht.

"Nee, dit is heel erg," zegt Giulia boos.

"Ik wil niet meer naar hem toe gaan." Sander kijkt haar met grote ogen aan.

"Gaan we dan niet naar New York?" vraagt hij.

"Nee," zegt Giulia met een strenge stem.

"De reis gaat gewoon niet door." "We gaan niet praten met zo'n domme man." Sander vindt het stiekem een beetje jammer.

Hij wilde heel graag naar New York vliegen.

Maar hij begrijpt zijn collega Giulia heel goed.

Vrienden en collega's zijn veel belangrijker dan werk.

"Oké," zegt Sander met een kleine glimlach.

"Dan blijven we deze week gewoon in Nederland." "Wat moeten we nu precies doen?" vraagt hij.

Giulia pakt haar grijze computer erbij.

"We moeten de tickets voor het vliegtuig veranderen," zegt ze.

Sander knikt en pakt de telefoon.

Hij belt het bedrijf van het grote vliegtuig.

Hij zegt dat ze niet meer willen gaan.

De man aan de telefoon is heel vriendelijk.

Hij helpt Sander heel snel en goed.

Daarna bellen ze samen naar het hotel.

Ze zeggen dat ze niet meer komen slapen.

Alles is gelukkig heel erg snel geregeld.

Sander en Giulia zitten weer rustig aan hun bureau.

Het is nu heel erg stil op kantoor.

"We hebben nu heel veel extra tijd," zegt Sander.

"Wat gaan we doen met al deze tijd?" Giulia lacht nu weer een klein beetje.

Ze is gelukkig niet meer zo boos.

"We kunnen naar een Italiaans restaurant gaan," zegt ze.

"Gewoon hier in het centrum van Utrecht." "Ik trakteer jou op een grote pizza." "Dat is veel beter dan een Amerikaanse hamburger." Sander lacht nu ook heel erg blij.

"Dat vind ik een heel goed idee," zegt hij.

"Een warme pizza is altijd heel erg lekker." "En we hoeven gelukkig niet lang te vliegen." Ze werken de rest van de dag hard.

Ze maken al hun moeilijke taken netjes af.

Om vijf uur sluiten ze hun computers af.

Ze lopen samen gezellig naar buiten.

De zon schijnt mooi in de stad Utrecht.

Het is een heel erg mooie dag.

Ze lopen naar het restaurant op de hoek.

De geur van kaas en tomaten is heerlijk.

Sander is heel blij met zijn leuke collega.

Soms lopen dingen anders dan je eerst denkt.

Maar een goede pizza maakt altijd veel goed.

Tot de volgende keer.

Volledig transcript · gratis

Log in voor quiz, flashcards, chat en PDF

0:00

Tekst

Modus

Audio

Pauze