Try the apps free
Login
Play me!
Alle podcasts

De verdwenen 60.000: wie zorgt voor hen?

Tim: Welkom bij Nieuws door de Tijd.

Ik ben Tim, en hier naast me zit Pieter, uit 1850.

Pieter, vandaag een verhaal dat mij echt raakt.

Het gaat over mensen die verdwijnen, niet in een mist of op zee, maar gewoon in Nederland, vandaag.

Pieter: Verdwijnen, zegt gij?

Dat klinkt als een raadsel.

In mijn tijd raakten zeelieden wel eens uit het zicht achter de horizon.

Maar mensen in een stad?

Hm-hm.

Vertel op, Tim.

Tim: Het gaat over de ggz, de geestelijke gezondheidszorg.

Dat is zorg voor mensen met psychische problemen.

Uit een groot onderzoek blijkt dat minstens 60.000 mensen met een ernstige psychiatrische aandoening na hun behandeling uit beeld raken.

Ze zijn niet meer bij de hulpverleners bekend.

Pieter: Zestigduizend?

Dat is een hele stad, Tim.

In mijn tijd zou dat een ramp zijn voor de armenzorg.

Maar waarom raken zij uit beeld?

Is er geen registratie, geen gilde dat toeziet?

Tim: Goede vraag.

Het probleem is dat veel patiënten na een behandeling naar huis gaan zonder goede begeleiding.

Kleine problemen, zoals een boete niet betalen, worden snel groot.

Dan verliezen ze hun huis en worden ze dakloos.

En dan zijn ze voor de zorg moeilijk te vinden.

Pieter: Dus zij vallen tussen wal en schip.

Dat is een bekend gezegde in mijn tijd.

Maar zeg mij, Tim, is er dan geen instantie die hen opzoekt?

Zoals de diaconie in mijn kerk deed voor arme zieken.

Tim: Er zijn wel teams die dat doen, zogenaamde FACT-teams.

Zij zoeken actief naar mensen die uit beeld zijn geraakt.

Maar sinds 2015 is die zorg niet meer verplicht voor gemeenten.

En de financiering is ingewikkeld.

Dat is een groot knelpunt.

Pieter: Niet verplicht?

Dat verbaast mij.

In mijn tijd hadden steden een plicht voor hun armen en zieken.

Zonder plicht vervalt de zorg.

Maar is dat niet alsof een koopman zijn schulden niet hoeft te betalen?

Chaos!

Tim: Precies, chaotisch.

En er is nog een probleem: sommige mensen hebben helemaal geen huis.

Ze leven op straat.

Dat is voor niemand stabiel, laat staan voor mensen met psychische kwetsbaarheid.

Ze raken steeds opnieuw in crisis en moeten weer opgenomen worden.

Pieter: Een draaideur, noemt men dat?

Ik zie het voor me: de ene dag in het ziekenhuis, de andere dag op straat.

Dat is geen herstel, dat is een kringloop zonder einde.

Maar wie zijn deze mensen precies?

Tim: Mensen met een ernstige psychiatrische aandoening, zoals schizofrenie of een zware depressie.

Zij hebben vaak moeite met praktische dingen, zoals administratie.

Een vergeten boete kan leiden tot huurschuld en dakloosheid.

Het is een vicieuze cirkel.

Pieter: Vicieuze cirkel, dat begrijp ik.

In mijn tijd hadden we ook mensen die door schulden in het rasphuis belandden.

Maar toen was er nog geen ggz.

Men sprak van krankzinnigheid.

Nu is er moderne zorg, maar toch gebeurt dit.

Hm.

Tim: En het wordt nog erger.

Mensen die een misdrijf hebben gepleegd en hun straf hebben uitgezeten, belanden ook vaak op straat.

De helft van hen zit binnen twee jaar weer vast.

Dat is zorgwekkend, vind je niet?

Pieter: Zeker.

Zonder dak en zonder zorg is terugval bijna onvermijdelijk.

In mijn tijd liet men gevangenen vrij met een klein bedrag, maar zonder werk of huis.

Velen kwamen terug.

Het is alsof men de genezing niet voltooit.

Tim: Ja, en dat is precies het punt.

De behandeling in de kliniek is vaak wel geslaagd, maar daarna stopt de zorg.

En dan gaat het mis.

Het rapport zegt: bij elke overgang moet er begeleiding zijn, zoals meereizen bij ontslag.

Pieter: Meereizen?

Dat klinkt als een goede gewoonte.

In mijn tijd zou een koopman zijn lading niet zonder begeleider op een schip zetten.

Maar hier lijkt men de mens belangrijker te vinden dan de lading.

Toch?

Tim: Zeker.

En die begeleiding heet in het rapport 'wettelijke verankering'.

Dat betekent dat het in de wet moet komen dat elke gemeente bemoeizorg aanbiedt.

Nu is dat versnipperd.

Sommige gemeenten hebben het wel, andere niet.

Pieter: Bemoeizorg, dat woord zegt mij iets.

In mijn tijd bemoeiden buren zich wel met elkaar, maar dat was informeel.

Nu zou het een recht moeten zijn.

Maar wie betaalt dat?

Gemeenten, verzekeraars, het Rijk?

Dat klinkt als een dispuut.

Tim: Precies, en daar zit het probleem.

Zorgverleners krijgen niet betaald voor het zoeken naar dakloze patiënten.

Alleen voor het gesprek als ze iemand vinden.

Dat is krom.

Een casemanager zei: als we zoeken, krijgen we niet betaald.

Pieter: Dat is alsof een visser alleen betaald wordt als hij een vis vangt, maar niet voor de tijd op zee.

Men vergeet dat zoeken zelf werk is.

Maar zeg eens, Tim, hoe is dat in uw tijd, in 2250?

Heeft men dit opgelost?

Tim: In 2250 hebben we geen ziekenhuizen meer zoals nu.

We hebben zorg via holografische systemen die altijd contact houden.

Maar we hebben ook geleerd: zorg moet continu zijn, niet alleen in crisissen.

Het is een les uit het verleden.

Pieter: Een les uit het verleden, hm-hm.

Maar vandaag is het verleden voor u, Tim.

En deze mensen zijn geen hologrammen, maar echte mensen.

Zij hebben een naam en een gezicht.

Ik hoop dat men in 2026 naar dit rapport luistert.

Tim: Ja, en daarom praten we hierover.

Luisteraar, dit nieuws gaat niet alleen over statistieken, maar over mensen zoals jij en ik.

Misschien ken je iemand met psychische problemen.

Of misschien heb je zelf wel eens hulp gehad.

Het kan ons allemaal raken.

Pieter: Zeker.

En als men dit leest, hoop ik dat men niet wegkijkt.

In mijn tijd zeiden we: een stad die haar zieken vergeet, is geen stad.

Maar laten wij verder praten, Tim.

Hoe kan men dit probleem oplossen?

Is er hoop?

Tim: Er is hoop.

Het rapport geeft aanbevelingen, zoals betere financiering en meer woningen.

Maar het vraagt om een politieke keuze.

En jij, luisteraar, kunt je stem laten horen.

Maar eerst, laten we een taalstukje doen.

Pieter, ken jij het woord 'uit beeld'?

Pieter: Uit beeld?

In mijn tijd hadden we geen beelden zoals gij.

Maar ik begrijp het: iets is niet meer zichtbaar.

Zoals een schip achter de horizon.

Maar is het niet gewoon een uitdrukking?

Tim: Ja, en het is belangrijk.

We zeggen: 'Hij is uit beeld geraakt' of 'Zij is uit het zicht van de hulpverleners'.

Een simpele zin: 'De patiënt is uit beeld.' Een betere zin: 'De patiënt is uit beeld geraakt na zijn behandeling.'

Pieter: Ah, dus 'uit beeld raken' is een vaste combinatie.

Dat is net als 'uit het oog verliezen' in mijn tijd.

Maar zeg, Tim, waarom is dit belangrijk voor de luisteraar?

Tim: Omdat het vaak in het nieuws komt.

'Uit beeld raken' gebruik je voor alles wat verdwijnt: een probleem, een persoon, een kwestie.

En het helpt om de zorg te begrijpen.

Maar nu terug naar het nieuws, Pieter.

Wat vind jij van de oplossingen?

Pieter: Ik ben blij dat zij eindelijk erkennen dat een dak boven het hoofd net zo belangrijk is als medicijnen.

In mijn tijd was het niet anders: een arme zieke zonder thuis had weinig kans op herstel.

Maar wat is een FACT-team precies, Tim?

Tim: Goede vraag.

FACT staat voor Flexibele Assertieve Community Treatment.

Klinkt ingewikkeld, maar het betekent gewoon: een team dat naar de mensen toe gaat.

Niet wachten tot ze komen, maar actief zoeken en helpen.

Zoals een vriend die aanbelt als je je terugtrekt.

Pieter: Een soort moderne diaconie, dus.

Maar waarom is dat niet overal?

Het rapport zegt dat gemeenten dit niet meer verplicht zijn.

Dat lijkt mij een groot gemis.

In mijn tijd hadden wij armenzorg per kerk of stad.

Niet perfect, maar wel dichtbij.

Tim: Precies, het is versnipperd geraakt.

Sinds 2015 zijn gemeenten verantwoordelijk, maar zonder wettelijke plicht.

Sommige gemeenten doen het goed, andere minder.

En de financiering is opgeknipt over drie partijen: zorgverzekeraars, gemeenten en het Rijk.

Dat maakt het heel lastig.

Pieter: Drie heren die elkaar de bal toespelen.

Dat kan niet goed zijn.

Maar luister eens, Tim: die casemanager, Steffen, zei dat hij niet betaald krijgt voor het zoeken.

Alleen voor het gesprek als hij iemand vindt.

Dat is toch merkwaardig?

Men betaalt alleen voor de vangst.

Tim: Ja, en dat is een groot probleem.

Want zoeken kost tijd en geld.

Als je alleen betaald wordt voor het gesprek, dan ga je minder zoeken.

En dan blijven mensen uit beeld.

Het is een vicieuze cirkel.

Herken jij dat uit jouw tijd, Pieter?

Pieter: Zeker.

In de haven hadden wij ook arbeiders die uit het oog raakten.

Als de baas alleen betaalde voor gewerkte uren, niet voor het werven van nieuwe krachten, dan liet men ze lopen.

Maar dat was toen ook al niet rechtvaardig.

De mens is geen koopwaar.

Tim: Mooi gezegd.

En dat brengt me bij een taalstukje.

We hebben het al over 'uit beeld' gehad.

Maar er is nog een woord in het nieuws dat belangrijk is: 'bemoeizorg'.

Dat klinkt misschien negatief, maar het betekent juist goed dat je je met iemand bemoeit.

Pieter: Bemoeizorg?

Dat klinkt alsof men zich ongevraagd met andermans zaken bemoeit.

In mijn tijd was dat niet gebruikelijk.

Men zat niet graag andermans huis binnen.

Maar hier lijkt het wel nodig.

Is het dan een vriendelijke bemoeienis?

Tim: Ja, precies.

Het is actief hulp aanbieden, ook als de persoon niet vraagt.

We zeggen: 'Bemoeizorg is er voor mensen die zelf geen hulp zoeken.' Een simpele zin: 'De hulpverlener geeft bemoeizorg.' Een betere zin: 'Bemoeizorg is belangrijk voor kwetsbare mensen thuis.'

Pieter: Ah, dus een zelfstandig naamwoord dat een zorgvorm beschrijft.

Dat is duidelijk.

Maar zeg, Tim, die mensen die uit de gevangenis komen en op straat belanden.

Dat is toch ook een schande?

De helft zit binnen twee jaar weer vast.

Dat is een draaideur.

Tim: Ja, en dat is verschrikkelijk.

Zonder huis en zonder begeleiding is de kans op terugval groot.

Het is een patroon dat we in 2250 gelukkig beter hebben opgelost.

Wij hebben geen 'uit beeld' meer.

Elke burger heeft een sociaal vangnet, ongeacht hun achtergrond.

Pieter: Dat klinkt als een utopie.

Maar ik begrijp dat dit in 2026 nog niet zo is.

Wat zou jij doen, Tim, als jij de minister was?

Zou je eerst de woningen bouwen of de financiering regelen?

Tim: Ik denk dat je beide tegelijk moet doen.

Maar eerst moet je de wettelijke verplichting terugbrengen.

Want zonder wet blijft het vrijblijvend.

En dan de woningen.

Het rapport zegt dat er 3980 nodig zijn, maar er komen maar 1300.

Dat gat moet kleiner.

Pieter: Dus men moet eerst de wet aanpassen en dan de huizen bouwen.

Maar is er dan geen risico dat men vergeet dat het om mensen gaat, niet om cijfers?

Ik hoop dat men in Den Haag de mens achter het getal ziet.

Tim: Dat is een terechte zorg.

En daarom zijn er ervaringsdeskundigen in de teams.

Zij weten hoe het is om psychisch ziek te zijn.

Zij kunnen zeggen: 'Ik heb dit meegemaakt, en zo voelt het.' Dat helpt om de zorg menselijk te houden.

Pieter: Een goed gebruik.

In mijn tijd hadden wij geen ervaringsdeskundigen, maar wel oude zeelui die jonge matrozen waarschuwden voor de gevaren van de zee.

Zij hadden het zelf meegemaakt.

Dat gaf vertrouwen.

Maar hoe zorgt men dat deze mensen niet weer uit beeld raken?

Tim: Goede vraag.

Het rapport zegt: blijf contact houden, ook als het goed gaat.

Dat is een belangrijk principe.

Niet alleen bellen als er een crisis is, maar gewoon af en toe vragen: 'Hoe gaat het met je?' En dat gebeurt nu te weinig.

Pieter: Dus men moet niet wachten tot de storm opsteekt.

Men moet de zeilen al controleren bij mooi weer.

Dat is wijs.

Maar is er dan ook genoeg geld voor die nazorg?

Ik las dat de zoektocht naar dakloze patiënten niet wordt vergoed.

Tim: Nee, dat is het probleem.

En dat is waar de politiek moet ingrijpen.

De brancheorganisatie en de psychiaters vragen al om een wettelijke verankering.

Ook de vier grote steden steunen dat.

Dus de druk is er.

Nu nog de beslissing.

Pieter: En wat zegt dat over onze samenleving?

Dat men moet strijden voor iets dat zo vanzelfsprekend zou moeten zijn.

In mijn tijd was het niet beter, maar ik had gehoopt dat men in de toekomst wijzer zou zijn.

Jij leeft in 2250, Tim.

Is dit opgelost?

Tim: Ja, in 2250 hebben we dit opgelost.

We hebben geen 'draaideurpsychiatrie' meer.

Maar dat heeft lang geduurd.

Het begon met kleine stappen, zoals deze rapporten.

En het vraagt dat mensen blijven luisteren.

Daarom maken wij deze podcast.

Pieter: Een wijs besluit.

Maar ik merk dat wij nog niet klaar zijn.

Er is nog een woord dat ik wil begrijpen: 'negatieve spiraal'.

Wat betekent dat precies, Tim?

Is dat een draaikolk die iemand naar beneden trekt?

Tim: Ja, precies.

Een negatieve spiraal is een situatie die steeds erger wordt.

Je begint met een kleine schuld, dan kun je de huur niet betalen, dan word je dakloos, dan raak je uit beeld.

Elke stap maakt de volgende makkelijker.

Zoals een sneeuwbal die van een berg rolt.

Pieter: Een duidelijke metafoor.

En hoe kan men die spiraal doorbreken?

Het rapport zegt: kleine problemen vroeg aanpakken.

Een boete betalen, een afspraak nakomen.

Dat lijkt simpel, maar voor deze mensen is het een berg.

Men heeft iemand nodig die helpt.

Tim: En dat is precies waar bemoeizorg om draait.

Niet alleen oplossen, maar voorkomen.

En dat is goedkoper, denk ik.

Een gesprek kost minder dan een crisisopname.

Maar de politiek ziet dat niet altijd.

Ze kiezen voor de korte termijn.

Pieter: Een oude wijsheid: een ons preventie is een pond genezing waard.

Maar laten wij niet te somber eindigen.

Is er hoop?

Ja, er is hoop, want men begint de knelpunten te zien.

En zien is de eerste stap naar verbetering.

Tim: Mooi gezegd, Pieter.

En jij, luisteraar, jij kunt ook iets doen.

Praat erover, deel dit nieuws, en vraag je af: hoe kunnen wij samen zorgen dat niemand uit beeld raakt?

En als je meer wilt weten, ga naar nieuwsdoordetijd.com.

Daar vind je meer afleveringen.

Pieter: En vergeet niet: een stad die haar zieken vergeet, is geen stad.

Maar een stad die haar zieken opzoekt, is een thuis.

Tot de volgende keer, Tim.

Tim: Tot de volgende keer, Pieter.

En jij, luisteraar, bedankt voor het luisteren.

Blijf nieuwsgierig.

Tot dan.

Volledig transcript · gratis

Log in voor quiz, flashcards, chat en PDF

0:00

Tekst

Audio