Dutch Fluency
Find my levelLevel
Login

Verdieping: 23 t/m 26 oktober

Stel je voor. Jouw land heeft zo'n historische aardverschuiven en verkiezing achter de rug.

Jarelang heb je gehoopt op verandering en nu, gewoon letterlijk vannacht, heb je dat werkelijk gewonnen.

Ja, het oude regime is eindelijk weggestemd.

Precies.

Dus wat zijn je allereerste instincten, Ochtend?

Want kun je de champagne pakken?

Ren je de straat op om te juichen?

Nou, als jouw antwoord is, van ik ga heel verzichtig een leegplastik flasje uit de rivier vissen,

een zorgen dat ik geen broodkruimels moors.

Wat best wel heel specifiek is.

Heel specifiek.

Maar als dat je antwoord is, dan komt je verrassen dicht in de beurt van de echte menselijke realiteit.

Welkom bij deze nieuwe verkening.

Ja, super leuk dat je meeluistigt.

Vandaag duiken we echt in het absurden, maar ook wel briljante meegenisme van ons eigen bruin.

Want ja, hoe gaan we nou echt om het situaties die gewoon zo groot zijn dat we ze eigenlijk niet kunnen bevatten?

Ja en om die vragen te beantwoorden hebben we vandaag een persoonfacineerende zetbronneklaar liggen.

Geen loadzware academische onderzoeken deze keer.

Gewoon leuk, niet?

En nee precies, maar twee korte, ook gescheinelijk hele simpelen verhalen.

En ze zijn gescheven op een vrij toegangelijk taal niveau, bij een, vanuit het perspectief van een Nederlandse docent.

Ja, in die twee verhalen spelen zich af in totaal verschillende werelden, toch?

Klopt.

In de eerste tekst bevindt je zich gewoon in een heel rustig tuintje in de haag, waar die een leerling helpt met een zwaar persoonlijk verlies.

En in de tweede tekst bezoekt je een oude leerling in Belgradeau, letelijk precies op de ochtend na een immense politieke machtwisseling.

Dus wij hebben echt twee compleet verschillende uitersten.

De absolute stilte van de dood aan de ene kant, en de chaotische super-euforische belofte van het nieuwe land aan de andere kant.

Maar, en dit is dus onze missie voor vandaag, wat we gaan ontdekken, is dat onze brein eigenlijk op exact dezelfde manier reageert.

Ja, of het nou een trouwmijs of een grote overwinning.

Precies. We gaan die psychologie echt even helemaal afstellen.

Waarom doen we de afwas als de wereld instort? Weet je wel?

Waarom zoeken we die controle in het microscopisch kleinen als het grote plaatje gewoon te overweldigend wordt?

En dat zien we dus perfect terug in de eerste situatie, daar in dat tuintje in de haag.

Ja, laten we daar direct induiken. Hoe ziet die situatie eruit?

Nou, de setting is heel alle dag. En dat is eigenlijk al cruciaal voor de psychologie der achter.

We zijn bij een bloemenwinkel.

Oké.

En de eigen resten van die winkel Nora heeft net haar broer Marcel verloren.

Marcel woonde in Frankrijk, hij was al heel lang ziek.

En nu zie je dit dus ineens niet meer.

Heftig.

Ja, heel heftig.

En samen met haar zoon Luc en de verteller, de docent, staan ze op het punt om een oude houten stoel van Marcel te gaan schilderen.

Maar wat mij als analyticus direct opvilding niet tekst, is hoe het verhaal opent.

Oh ja?

Ja, het begin met een soort filmetelen frustratie.

Over hoe onze maatschappij eigenlijk ongaat met zo iets groot zoals de dood.

Oh, je bedoelt op een moment met dat raubericht in de krant.

Exact.

Ja, dat was zo treffend.

Nora staat daar gewoon met een pot farvinderhanden, ze draait die langzaam rond.

En ze zegt, voel de ontzetting, in de krant staan maar een paar regels.

Ja, een paar regels voor een heel mensen leven.

Precies.

Het is zo'n koud afgemeten kader, zeg maar.

En dat kontrast wordt in de tekst keihard neergezet naast de herinneringen die ze vervolgens met elkaar ophalen.

Want de echte Marcel was natuurlijk helemaal geen nette voor meelie tekst.

Nee, totaal niet.

Zijn Nederlands was best wel gebrekkig, hij kende vooral woorden voor eten, schijnbaar.

Ja, heerlijk dit, hij zei dat.

En dan dat andere detail, daar moest ik echt hard op om lachen.

Marcel was blijkbaar zo'n beetje de aller slechtste fotograafter wereld.

Ja, met die vinger.

Precies.

Op werkelijk elke foto die hij maakt, dat ze gigantische rosen vingerhalf voor de lens,

luiklaat dat in het verhaal ook op zijn telefoon zien.

Bam, een of ander prachtig strand in Frankrijk en hop een dikrolse vinger pontificaal in beeld.

En dat is psychologisch gezien echt een waanzinnig rijk detail.

Hoe zo?

Nou, ons brijnslaat identiteit namelijk helemaal niet op als een perfecte opzomming van feiten,

zoals een rauw advertensie in de krant dat dus wel proeiet doen.

Ja, het is heel droog.

Geboren, overleden, wie de nabestanden zijn.

Precies.

Maar een menselijke identiteit in ons geheug is eigenlijk een verzameling van afwijkingen,

anomalieë.

Oh wow.

Ja, die grote rosen vinger voor de lens, dat is zeg maar de mentale handtekening van Marcel

in het brijn van zijn neef.

Het illustriert veilig waarom taal vaak zo tekort schiet bij hele grote emoties.

De krant reduceert een complex mens tot abstracte data.

Maar het brein wil dat niet.

Nee, het brein verlangt juist naar specifieke zintuiglijke imperfecties om iemand weer even te kunnen voelen.

Oké, laten we het even uitpluizen, want je hebt dan wel die hele specifieke herinnering,

maar de persoon is nog steeds weg.

Wat doe je dan?

Je gaat iets met je handen doen.

Ja, ze gaan fysiek werk doen.

Ze slepen die stoelen naar buiten en de tekst beschrijft dat zo mooi, witte lakens, wapperen

aan de waslijn bij de buurvrouw, de buurvrouw roept iets over het weer en klagen dat er regen aankomt.

Het normale leven dendert gewoon door.

Exact.

Het echte banale leven gaat door.

En zagen, schuren, kranten onder de poten van die stoel, schuurpapier over dat oude hout.

Waar ik dat hier dus over nadenk en ik vraag me af, is dit wel echt rouwverwerking.

Hoe bedoel je dat precies?

Nou, is zoiets abstracts als verliezen niet gewoon te groot om met een simpel stukje schuurpapier te

lijf te gaan?

Is het niet eigenlijk gewoon pure afleiding, dat je je hersenen even op pauze zet, omdat

je weigert de realiteit onder ogen te zien?

Dat is een hele logische aanname, maar de cognitieve psychologie ziet dat toch echt anders.

Oh echt?

Ja, het is geen afleiding.

Wat hier gebeurt, is bandbreedtemanagement.

Bandbreedtemanagement?

Precies.

Kijk, als je te maken krijgt met een overweldigende realiteit, zoals de dood, dan slaat

de amigdala in je brein keihard aan.

Het zenuwstelsel raakt volledig overbelast.

Je slaat als het ware kort?

Ja.

En door een repetitieve, tastbare en controleerbare handeling uit te voeren, zoals het opschuren

van een houten stoel, breek je die kortsluiting.

Je verlegt de activiteit in je hersenen letterlijk van de emotionele centra naar de motorische

cortex.

Oh wacht even.

Dat is gewoon letterlijk, als je een computer hebt waarvan het werkgeheugen, je ram, zeg maar,

helemaal volledig vol zit door een gigantische update op de achtergrond.

Ja, een hele zware update.

En de hele boel loopt vast, het scherm bevriest en de enige manier om dat systeem weer een beetje

aan de praat te krijgen, is door een hele simpele kleine basisapplicatie te openen en daar andere

rekenkracht heen te sturen.

Dat is echt een perfecte analogie.

Het schuren van die stoel is het openen van die kleine applicatie.

Het geeft het brein gewoon de tijd om op de achtergrond die loodzware, emotionele update

te installeren, zonder dat het hele systeem crasht.

Wow.

Ze dwingen de realiteit eigenlijk terug tot iets wat ze wel met hun handen kunnen vastpakken

en manipuleren.

En manipuleren doen ze, want ze kiezen vervolgens een hele specifieke kleur verf voor die stoel.

Niet zomaar een beetje saai of onopvallend grijs, maar echt fel blauw.

Ja, en daar zit ook weer een heel verhaal achter.

Klopt.

Want waarom fel blauw?

Ja, ze hebben een foto van Marcel die op de deur van de winkel hing.

Daar staat hij op een strand in Frankrijk bij een helderblauwe zee.

Met een strooien hoed op?

Ja, met een strooien hoed en zijn schoenen heel netjes in zijn hand.

En dat stapt hij op zijn eigen wijze met zijn sokken aan in het water.

Ah, geweldig.

Dat is een prachtig, diep menselijk detail.

Het is een volstrekt irrationele actie die zoveel zegt over wie hij eigenlijk was.

En door die stoel fel blauw te verven, is het alsof ze dat specifieke stukje van zijn

ook een stukje van hem terugbrengen.

En als het ware terugdompelen in de fysieke wereld.

Wat hier fascinerend is, is hoe ze dat doen.

Ze transformeren een passieve, pijnlijke herinnering actief in een vrolijk object.

Een object dat voortaan gewoon weer onderdeel is van hun dagelijks leven.

En het is echt een toe-eigening van controle.

Ja, het verdriet wordt iets wat je kunt vastpakken.

Precies.

En wat ook heel mooi naar voren komt in de tekst is de kaartannekdote.

Oh ja, het kaarten.

Luc vertelt tijdens het schilderen dat Marcel hem vaak liet winnen met kaarten.

Hij verloor van Marcel honderd keer en toen won ik.

Het was een rivaliteit tussen die twee.

En het verhaal zit vol met dat soort kleine tasbare momenten.

En het eindigt ook met zo'n moment, dat ze klaar zijn met verven.

De dochter heeft verf op haar handen, Luc heeft een blauwe veeg op zijn neus.

Ze eten broodjes.

Ja.

En dan pakt Luc een plat steentje op.

En hij ligt dat heel bewust naast de voorpoot van de versgeschilderde stoel.

Hij zegt erbij dat is voor de koffie van Marcel.

Gewoon, bam.

Ja, dat geeft me even bij de keel.

Omdat Marcel daar vroeger altijd tussen de planten zijn koffie dronk.

Geen grote speeches, geen dramatische tranen, gewoon een steentje voor de koffie.

En laat zien dat we als mensen overleven door gigantische abstracte problemen terug te brengen naar

extreem kleine dagelijkse ankers.

Exact.

En dat concept is het zoeken naar dagelijkse ankers,

wanneer de werkelijkheid gewoon te groot wordt.

Dat is echt de perfecte brug naar onze tweede bron.

Absoluut.

Want als je denkt dat we dit overlevingsmechanisme maar alleen gebruiken bij zoiets persoonlijks als verdriet

of rouw, dan heb je het dus echt mis.

We verlaten de rustige Den Haag en we springen flink in het diepe.

Ja, want in de tweede tekst bevindt het document zich.

Rick heeft hier geloof ik, zich in Belgrado.

En daardoor rijdt de context echt honderd kilometer per uur.

Zeker.

We zitten niet meer in de persoonlijke rouw, maar in een kolkende nationale spanning.

Het is de ochtend na de verkiezingen in Servië.

Rick zoekt zijn oud-student Luca op, die woont in een van de kleine appartementjes boven een bakkerij.

Ja, de geur van vers brood hangt daar.

En de inzet is echt torenhoog.

Een groep jonge studenten heeft een beweging gevormd om het land te hervormen.

En ze wachten nu echt met de zenuwen gierend door hun lijf op de officiële stemuitslag.

En even voor ik het vergeet, want we hebben het hier wel over een waargebeurde en behoorlijk actuele

politieke context in Servië.

Een hele felle strijd tussen de oppositie en de voormalig president Vucic of zoiets.

Klopt.

Ik wil even heel helder maken, special voor jou als luisteraar, dat wij hier aan tafel

geen enkele politieke stelling innemen.

We steunen geen partijen in dit verhaal, we vellen geen oordeel over wie er in Servië

gelijk heeft of wat de beste koers is.

Nee, totaal niet.

We gebruiken deze brontekst puur en alleen als een casestudy van menselijk gedrag.

Ja.

Het enige wat ons vandaag echt interesseert is de psychologie van de personages.

Hoe reageert Luca op dat hele specifieke zenuwslopende moment?

Een mens op de rand van een historische verandering.

En het antwoord daarop is in eerste instantie fysieke verlamming.

Luca heeft gewoon de hele nacht niet geslapen.

Zijn telefoon ligt naast een bord en hij staart er echt een paar seconden naar.

Hij is zo gespannen, ik krijg er letterlijk geen hap door mijn keel.

Z'n hele systeem staat op scherp.

Ja, z'n sympathisch zenuwstelsel, z'n vecht-of-vluchtreactie staat wijd open.

En wat doet die nuchtere Nederlandse docent?

Heerlijk.

Die pakt een stuk brood, schuift het over tafel naar hem toe en dwingt hem eigenlijk om

zintuiglijk weer even in het hier en nu te komen.

Hij zegt gewoon eten.

Het is zo typisch, hè?

Luca vraagt een beetje verbaasd, van, ja, hallo, hebben Nederlanders dan altijd brood bij belangrijke momenten?

En het antwoord van Rick is goud.

Ja, hij zegt bij bijna alles, maar soms nemen we kaas erbij.

Heerlijk nuchter.

Het is grappig, maar het is eigenlijk ook exact wat we zagen in dat tuinje in Den Haag.

Met die broodjes op het witte bord na het schilderen.

Brood eten is hier de ultieme manier om die waanzinnige realiteit weer even te aarden.

En zie je, het is voorspelbaar, het koude regulatie, ademhalingen, een beetje het voorspelde

lichaam om echt even uit die paniekstand te komen.

En dat brengt de hartslag omlaag.

En dat is ook wel nodig, want precies op dat moment begin die telefoon te trillen.

Luca, sss, Mila stuurt een bericht en wat blijkt.

De studentengroep heeft de meeste stemmen behaald.

Luca staat dan heel langzaam op.

En zegt, we hebben gewonnen.

Ja, ze zetten de tv aan en daar is president Vucic zelf in beeld.

Hij bevestigt gewoon dat de oppositie meer stemmen heeft.

Het is officieel.

Die historische omwenteling waar ze zo lang voor gestreden hebben is gewoon een keihard feit.

En dit is het moment.

Ja, hier wordt het pas echt interessant, want dit is het moment waarop in elke Hollywood film

de muziek zwelt aan, toch?

Daar volgt een montage van vuurwerk, mensen ontkurken champagne, ze vallen elkaar op straat huilend in de armen.

Maar wat gebeurt er in het hoofd van Luca?

Precies.

Rick, de docent vraagt aan hem, ben je niet blij.

En Luca kijkt hem aan, een antwoord bijna te overdoven, ja wel, maar ik moet even aan

wennen.

We hebben hier zo lang op gewacht.

De best helemaal geen feestloss.

Het is alleen maar een soort overweldigende legten.

En dat roepen mij echt een vraag op.

Ik moet denken aan, bijvoorbeeld, als je jarenlang trein voor Marathon, of een waanzinnig

zwaarksamen.

Je komt over die finishlijn, de druk valt weg, in je stataar met je medaille en spierpijn.

En je denkt, oké, en nu is dat winnen of dat bereiken van een levensdool niet stiekem

gewoon een heel eenzaam zwaar moment.

Wat je daar beschrijft, dat kennen we in de psychologie als de rival-vellessie, de aankomst

van leizen.

Oké, leg uit.

Nou, wij mensen zijn neurologisch zo geprogrammeerd om de weg naar een doel te beloden met

dopamine.

De strijd, het verzet, het najaarge van een ideaal, dat geeft ons bruinstructuur en betekenis.

Je hebt iets om voor te vechten.

Precies.

Maar, en dit is cruciaal, op het exacte moment dat je dat doel dan daadwerkelijk bereikt, valt

die hele neurologische aandrijving ineens weg.

Er vocht helemaal geen gigantische blijven de golf van geluk, maar eigenlijk een biogenmische

anticlimax.

Een leegte.

Maar wacht, is het echt alleen maar dat gewoon een trucje van onze dopamine die stopt?

Want volgens mij speelte bij Luca nog wel iets fundamentelers.

Wat een jaren.

Nou ja, hij verteld eerder in het verhaal dat ze hun vrienden altijd fantasieerder over

vertrekken, over naar het buitenland gaan, werkzoeken, ergens anders helemaal opnieuw beginnen.

Dat was hun soort mentale vluchtroete als het zwaar was, waardoor nu deze verkiezingen te

winnen.

Ja, dat verdwijnt die vluchtroete toch, ze kunnen niet meer weglopen.

Is zijn leegte niet ook gewoon het keihard en realisme dat de veilige droomvase voorbij is en

de werkelijkheid nu echt begint?

Dat is een eisersterk analyse, echt ijes laten spijker op zekop.

En de brontext ondersteund dit ook volledig.

Kijk, zalang je de ander dood bent, zalang je de onderdruk te bent of zalang je kunt fantasieeren

over emigreren, heb je psychologisch gezien geen echte verantwoordelijkheid voor de staat van

je land.

Nee, je kunt gewoon klagen van of de zeilijn.

Precies.

En dat is een enorm veilige kochnitieve positie, maar het winnen van de macht, dat betekent

het vliegst van die veilige positie.

In eens wissel je van de rol van kriticus naar de rol van de architect, of ja, dat betekent

dat als het dak nu lijkt, bij jouw dak is dat lekt.

Dat is geen vele simeer, dat is de plotselingen verpletterende last van agency, van handelingsbekwaamheid.

Exact.

Als je wind bent, jij in eerst degene die de rommel moet opruimen, en dat brengt ons eigenlijk

direct bij het meest bizarren en ik vind het prachtig ironische moment in de hele tekst, de opruimfazer.

Ja, die zijn er buiten.

Ja, loek en rik lopen naar buiten, zaal elkaar sprootjes, zo'n moed je loek als Susmila, die in

daar opvallende fel groene jas op een bankje bij de rivier zit.

Zij is ook net zo overweldig, ze had haar vader uit ongelooflijk al drie keer gebeld die ochtend.

En wat gebeurt er dan?

Dit detail is echt fantastisch.

Mila ziet een lege plastic flest in het waterdrijven, ze pak het gewoon een plastic zakje uit

het tas en vist heel concentreerd die flester uit.

En Luca, de medearchitect van de compleet nieuwe toekomst van zijn land, die gaat ernaast

aan, houdt zijn zachte kaasbrootje precies boven haar zakje en hij let extreem goed op dat zijn

kruimeltjes keurig daarin vallen.

Ja, het is een briljant literair beeld, maar ook weer een perfect psychologisch meegenismen.

En het sluit na het lozen aan op wat we daar net in de haag zagen met dat blauwe schuurwerk.

Omdoe je.

Nou, je wordt geconfronteerd met een macroverandering, de vrouw van de regering, en dat past net als

het verlies van een dierbare gewoon niet in je werk geheugen.

Het kres de boel weer.

Dus, wat doe je om de controle te herstellen?

Je voornaal je focus, je locus of control, naar exact één vierkantometer om je heen.

Een plastic flasje uit een rivier halen.

En broodkruimels die echt niet op straat mogen vallen.

Dus wat betekent dit allemaal?

Het is bijna grappig hoe hyper lokaal deze jonge mensen neemt te denken.

Milij is ook zo realistisch.

Ze zegt tegen Luca, morgen is niet ineens alles beter, er moeten huizen komen, scholen moeten

worden opgeknapt.

Ze ziet meteen de praktische problemen.

Precies.

En als je dan verwacht dat Luca met een of andere groot, heroisch, masterplan komt voor

de economie, vergeet het maar, lokaa zegt, nou, maar dan ga ik gewoon weer naar mijn

les.

En hij gaat praten over de ramen.

Ja, hou je vast.

Hij gaat met zijn medische studenten praten over de ramen in het leslokaal, want die sluiten

blijkbaar slecht en in de winter tocht het verschrikkelijk, tochtige ramen.

Dat is het grote spannende van de revolutie: de ochtend naar de overwinning.

Ja, ongelooflijk he.

Maar ergens zit er bij mij toch wel iets dwars, hoor, als ik heel eerlijk ben.

Is dit niet gewoon een beetje een zwaktebod?

Onderschatten we niet of, nou ja, voor mij is er niet gewoon een gigantische maatschappelijke

problemen door zich bezig te houden met kapotte kozijnen en wat zwerfafval.

Wat we in het grotere plaatje zien, is het tegendeel eigenlijk waar.

Het is een fundamentele overlevingstrategie van de menselijke geest.

Een overlevingstrategie?

Zeker.

Zonder dat soort micro-acties raken we verlamd.

Kijk, als Luca nu zou nadenken over de totale wederopbouw van de hele service-infrastructuur,

dan zou die op de bank blijven zitten en verschrikkelijk nooit meer opstaan van de stress.

En zou dichtklappen.

Door zich te richten op dat ene tochtige raam bouwt die eigenlijk de capaciteit op om stapsgewijs

grotere problemen aan te gaan pakken.

En Milla illustreert het later ook heel mooi in de tekst.

Met de buur, toch?

Ja.

Ze geeft aan dat ze wil gaan praten met de oudere buur in een flatgebouw,

buur die anders heeft gestemd dan zij.

En niet omdat ze opeens een verheven filosofisch ideaal nastreeft?

Nee, puur pragmatisch.

Ze zegt we moeten wel in dezelfde stad blijven samenleven.

Ze reduceren de immense, onvatbare abstractie van de natie tot hun eigen vissieke straat,

hun eigen trappenhuis, hun eigen schoolgebouw.

De wereld reduceren tot wat je met je eigen handen kunt aanraken.

Dat is dus wat die mentale kortsluiting voorkomt.

En dat zien we eigenlijk ook weer heel mooi terug in het allerlaatste beeld van dat verhaal.

De dag loopt langzaam te einde.

Luca, Rick en Milla zitten weer in dat kleine keukentje.

De telefoons met al dat overweldigende nieuws zijn weggelegd.

Ja, de gele straatlantaarn buiten gaat aan.

Ze drinken gewoon rustig thee en eten weer brood.

De koers van de geschiedenis is voorgoed veranderd, maar binnen die vier muren, daar heerst rust.

Ze hebben de werkelijkheid weer succesvol teruggebracht naar menselijke proporties.

Wat deze bij de bronnen echt op een fenomenale manier aantonen,

is dat onze interactie met de wereld nachter helemaal niet gedefinieerd worden,

grote kranten kopen of beetje officiële overheidsbesluiten.

Nee, totaal niet.

Het wordt gedefinieerd door de manier waarop wij als mensen constant weigeren

om door die abstracties verpletterd te worden.

We verdedigen onze geestelijke gezondheid letterlijk met schuurpapier,

met felblauwe verf, met het vakkundig opvangen van broodkruimels.

De grote stormen van het leven kun je dus alleen maar doorstaan

door je vast te ketenen aan de allerkleinste ankers.

Mooi gezegd.

En dat vind ik erg zo'n bevrijdende conclusie uit onze analyse vandaag.

Of je nu weg tegen de absoluuten killen stilten van verliez in een geurige bloemenwinkel.

Of dat je probeert te ademen onder de overweldigende verantwoordelijkheid van een veranderd land.

De wijsheid zit hem echt in de details.

Het zit hem in de details.

Het zit in die gigantische roze vinger voor de lens van de camera.

In het eigenwijze besluit om gewoon lekker met je sokken de zee in te lopen.

Ja, of het koesteren van een plat steentje voor een denkbeeldige kop koffie.

En het besef dat je in deze omstandigheden gewoon met je buurman over dat toch de geraamte moet gaan praten.

Die banaliteit, dat is de overwinning op de chaos.

Precies.

We gebruiken de fysieke wereld gewoon als ons externe werkgeheugen

op de momenten dat ons interne systeem dreigt vast te lopen.

Maar en dit is wel een dingetje.

Oh je.

Ja, dit werpt wel direct een compleet nieuwe schaduw over alles wat we nu net besproken hebben.

Iets om, als je dadelijk je eigen dag weer instapt, heel goed over na te denken.

Ik ben benieuwd.

Nou, stel je voor.

Over een paar jaar gaat die felblauwe verf op die oude houten stoel natuurlijk onvermijdelijk weer barsten.

Het gaat bladderen en dat kale hout komt weer bloot te liggen.

Dat is zeker waar.

En die nieuwe krijtlijnen waar Luca en Belgrado zo hard voor wil vechten.

Ook die zullen over 20 jaar ongeveer 20 jaar oud zijn en tochtig worden.

Dus de natuur en de tijd breken al onze fysieke anchers uiteindelijk weer af.

Precies.

En de vraag is dus: blijft de emotionele vooruitgang die we dankzij die objecten boeken dan nog wel bestaan?

Op verliezen we die ook weer?

Ja.

Of is het menselijk berein simpel weggedoemd om onze monumenten van hoop, telkes maar weer, generatie op generatie opnieuw te moeten opschuren en overschilderen?

Puur om onszelfwijs te maken dat we niet stil staan.

Precies dat.

Dus, denk ik daar vandaag maar eens over naar.

0:00
Settings

Text

Mode

Audio

Pause