

Audio1x
Snelheid
Pauze
OefenenLees
Modus
Woordenschat
# Weekrecap Reddit Stories in Dutch - A2 — 2026-W24 Hieronder volgen de afleveringen van deze week.
Vat ze samen in één natuurlijke Nederlandse Deep Dive aflevering: geef per aflevering de kerngedachte, link de verhalen aan elkaar waar dat kan, en sluit af met wat luisteraars deze week kunnen meenemen. ## Taalniveau Dit is een A2 aflevering.
Spreek rustig en in korte, duidelijke zinnen passend bij A2.
Vermijd zeldzame woorden en complexe constructies; leg lastige begrippen kort uit als ze nodig zijn. ## The Golden Bicycles Hallo allemaal.
Ik ben Rick, jullie leraar uit Den Haag.
Vandaag heb ik een grappig verhaal over het internet en sociale media.
Het verhaal gaat over Sanne en haar oom Bert.
Het is zondagmiddag.
Sanne zit op de bank in een gezellige woonkamer in Delft.
Het is de verjaardag van haar moeder.
De woonkamer is warm en vol met mensen.
Je ruikt de heerlijke geur van verse koffie en zoete appeltaart.
Op de grote tafel in het midden staan glazen met sap.
Er staan ook schaaltjes met blokjes kaas en plakjes worst.
Sanne neemt een slokje van haar warme thee.
Ze geniet van de rustige sfeer.
Ze hoort de mensen praten en lachen.
Het is een fijne dag.
Maar dan komt haar oom Bert naast haar op de bank zitten.
Oom Bert is de broer van haar moeder.
Hij is een grote man met een rode trui.
Oom Bert kijkt altijd heel veel op zijn telefoon.
Hij leest graag nieuws op het internet.
Hij gebruikt veel sociale media.
Soms leest hij vreemde verhalen.
En hij gelooft bijna alle vreemde verhalen.
'Sanne, kijk eens naar dit filmpje,' zegt oom Bert.
Hij klinkt een beetje boos.
Hij houdt zijn grote telefoon vlak voor het gezicht van Sanne.
'Dit is toch niet normaal!
Dit is de waarheid, maar niemand doet iets!' Sanne zucht even en kijkt naar het kleine scherm.
Ze ziet een video.
In de video deelt een bekende burgemeester dure, gouden fietsen uit.
Hij geeft de gouden fietsen aan een grote groep asielzoekers.
De asielzoekers in de video lachen en zwaaien naar de camera.
Ze dragen hele dure kleren.
Sanne kijkt beter naar de video.
Er klopt helemaal niets van.
Het beeld is heel erg vreemd.
De kleuren zijn veel te fel en te licht.
De gezichten van de mensen zijn onnatuurlijk glad.
Het lijken wel poppen.
Sanne ziet ook iets heel raars aan de handen van de mensen.
'Oom Bert,' zegt Sanne langzaam en rustig.
'Kijk eens heel goed naar de handen van de burgemeester.' Oom Bert kijkt naar het scherm van zijn telefoon.
'Wat is daarmee?' vraagt hij.
'Hij heeft zes vingers aan één hand,' antwoordt Sanne met een kleine glimlach.
'En kijk naar de letters op het gebouw op de achtergrond.
Dat is helemaal geen Nederlands.
Dat zijn rare, vreemde tekens.
Dit is geen echte video, oom Bert.
Dit is gemaakt met een computer.
Het is kunstmatige intelligentie.
Het is een AI filmpje.' Oom Bert schudt stijf zijn hoofd.
Hij wil het absoluut niet geloven.
'Nee hoor,' zegt hij streng.
'Dit is de echte waarheid!
De kranten willen niet dat wij dit zien.
Ze houden het geheim.
Maar het staat op het internet, dus het is waar!' Sanne zucht nog een keer.
Ze weet dat oom Bert niet wil luisteren.
Hij gelooft alleen wat hij zelf wil geloven.
Sanne kijkt nog een keer naar de vreemde video.
De burgemeester in de video heeft inderdaad zes vingers.
En een van de gouden fietsen heeft helemaal geen wielen.
De fiets zweeft in de lucht.
Het is eigenlijk heel grappig om te zien.
Hoe kan je geloven dat dit echt is?
Maar oom Bert ziet de duidelijke fouten niet.
Hij ziet alleen wat hij wil zien.
Hij is boos op de asielzoekers en de burgemeester.
Sanne pakt een blokje kaas van de tafel.
Ze stopt het blokje kaas in haar mond.
Ze besluit om niet boos te worden.
Ze gaat niet met haar oom in discussie.
Dat kost veel te veel energie op een leuke verjaardag.
Ze glimlacht vriendelijk naar haar oom.
'Oké, oom Bert,' zegt ze zacht.
'Als jij het zegt.
Maar ik ga nu even een stukje appeltaart halen.' Ze staat op van de bank.
Ze drinkt haar thee op en loopt naar de keuken.
Ze luistert naar de andere mensen op het feestje.
De echte wereld, met echte appeltaart en echte mensen, is veel leuker dan de neppe video's op het internet.
Tot de volgende.
Alle transcripten op dutchfluency.com slash transcripts. ## De Tikkie voor vijftig cent Hallo allemaal.
Ik ben Rick, jullie leraar uit Den Haag.
Welkom.
Vandaag heb ik een grappig verhaal voor jullie.
Het gaat over geld.
Nederlanders houden van geld, dat weten jullie misschien wel.
En we houden van de app 'Tikkie'.
Ken je Tikkie?
Het is een app op je telefoon om geld te vragen aan vrienden.
Het is zaterdagmiddag.
De zon schijnt fel aan de blauwe lucht.
Bram en Sanne zitten op een groot terras in Haarlem.
Het terras is heel druk.
Overal zitten mensen.
Je hoort mensen praten en lachen.
Bram en Sanne zitten aan een klein tafeltje.
Op het tafeltje staan twee grote kopjes koffie.
De koffie is warm en ruikt heerlijk.
Bram drinkt zijn koffie zwart.
Sanne drinkt haar koffie met veel melk en suiker.
Ze praten over hun werk en lachen veel.
Ze zijn al meer dan tien jaar heel goede vrienden.
Na een uur willen ze naar huis gaan.
'Ik ga betalen,' zegt Bram tegen Sanne.
Hij roept de ober.
'Mag ik de rekening, alstublieft?' vraagt Bram vriendelijk.
De ober knikt en brengt de rekening op een klein schoteltje.
'Dat is dan zes euro voor de twee koffie,' zegt de ober.
Bram pakt zijn portemonnee en betaalt met zijn pinpas.
Sanne kijkt ondertussen in haar grote tas.
Ze zoekt haar portemonnee.
Ze zoekt en zoekt, maar kan hem niet vinden.
Ze haalt haar sleutels en telefoon uit de tas.
Geen portemonnee.
'Oh nee,' zegt Sanne.
'Ik ben mijn portemonnee thuis vergeten.' Bram lacht naar haar.
'Dat is geen probleem,' zegt hij.
'Ik heb al betaald.
Jouw koffie was drie euro.
Dat is een cadeautje van mij.' Maar Sanne schudt haar hoofd.
Ze kijkt serieus.
'Nee, Bram,' zegt ze.
'Ik wil betalen voor mijn eigen koffie.
Stuur me maar een Tikkie.' Bram zucht diep.
Een Tikkie sturen voor drie euro?
Dat vindt hij een beetje raar en overdreven.
'Sanne, het is echt niet nodig,' zegt Bram rustig.
'Ik betaal graag voor jou.' Maar Sanne is heel streng.
'Bram, stuur me een Tikkie.
Nu.' Bram pakt zijn telefoon en opent de Tikkie app.
Hij typt het bedrag in: 3,00 euro.
Hij typt een kort berichtje: 'Koffie op het terras'.
Hij stuurt de link via WhatsApp naar Sanne.
Ping!
De telefoon van Sanne maakt direct een geluidje.
Ze opent het bericht en betaalt de drie euro meteen.
'Zo, dat is geregeld,' zegt ze blij.
Ze staan op en lopen samen naar hun fietsen.
Het was een gezellige middag.
'Bedankt voor vandaag,' zegt Sanne.
'Jij ook bedankt,' zegt Bram.
Dan maakt de telefoon van Bram plotseling een geluidje.
Ping!
Bram kijkt op het scherm van zijn telefoon.
Het is een nieuw WhatsApp berichtje van Sanne.
Hij opent het bericht.
Het is een Tikkie.
Een Tikkie van Sanne voor hem.
Bram snapt het niet.
Waarom stuurt Sanne een Tikkie?
Hij kijkt naar het bedrag.
Het bedrag is vijftig cent.
Nul euro en vijftig cent.
Bram leest het berichtje bij de Tikkie.
Er staat: 'Voor de paracetamol van gisteren'.
Bram kijkt Sanne aan met grote ogen.
'Een Tikkie voor vijftig cent?' vraagt hij vol verbazing.
'Voor één paracetamol?' Sanne begint heel hard te lachen.
'Ja,' zegt ze.
'Jij wilde mijn koffie betalen.
Maar ik betaal altijd mijn eigen dingen.
En jij moet ook betalen voor jouw dingen.
Dat is eerlijk.' Bram kan het bijna niet geloven.
Hij moet ook lachen.
Dit is zo typisch Nederlands.
Hij betaalt de vijftig cent op zijn telefoon.
'Jij bent echt een gierige Nederlander,' zegt hij als grap.
Ze stappen op hun fietsen en rijden vrolijk naar huis.
Tot de volgende.
Alle transcripten op dutchfluency.com slash transcripts. Het magische brood. Hallo allemaal.
Ik ben Rick, jullie leraar uit Den Haag.
Welkom bij een nieuw verhaal voor taalleerders.
Vandaag heb ik een grappig verhaal van het internet voor jullie.
Het gaat over vreemde berichten op sociale media.
Soms lees je dingen en dan denk je echt: hoe is het mogelijk?
Laten we snel beginnen met het verhaal.
Het is zaterdagochtend in de stad Utrecht.
De zon schijnt en de lucht is prachtig blauw.
Johan zit op een groen bankje in het park.
Hij is een rustige man en hij houdt van de zaterdagochtend.
Hij heeft een warme kop koffie in zijn rechterhand.
De beker voelt lekker warm aan.
Hij ruikt de lekkere, sterke koffie.
Hij neemt een klein slokje.
Heerlijk.
Hij hoort de kleine vogels zingen in de hoge bomen.
Hij ruikt ook het verse groene gras.
Het is een heerlijke, rustige ochtend.
Johan heeft vandaag geen stress.
Hij hoeft niet te werken.
Hij heeft de hele dag de tijd om te doen wat hij wil.
Een oude man leest een krant en een vrouw loopt met haar hond.
Johan pakt zijn mobiele telefoon uit zijn jaszak.
Hij opent de app van Facebook.
Hij kijkt heel vaak op de speciale pagina van zijn buurt.
De pagina heet 'Buren in Utrecht'.
Johan herinnert zich nog goed dat hij vorige maand zijn oude fiets op deze pagina heeft verkocht.
Dat was heel makkelijk.
Een student kocht de fiets voor dertig euro.
Soms staan er hele leuke dingen op deze pagina.
Mensen zoeken bijvoorbeeld een oppas voor hun kat, of ze verkopen oude meubels.
Maar soms staan er heel rare berichten op.
Vandaag leest Johan een bericht van een buurvrouw.
Ze heet mevrouw De Vries en ze is heel boos.
Johan leest haar bericht.
Er staat: "Help!
Wie heeft mijn blauwe tuinkabouter gezien?
Hij stond in mijn voortuin, maar nu is hij weg.
Hij is dertig centimeter groot en heeft een rode muts op." Johan moet een beetje lachen.
Wie steelt er nu een blauwe tuinkabouter?
Johan leest de reacties onder het bericht.
Een buurman schrijft: "Misschien is hij weggelopen." Johan vindt de pagina 'Buren in Utrecht' echt heel grappig.
Je leest altijd iets nieuws.
Johan neemt nog een slokje van zijn warme koffie.
Hij kijkt weer naar het park.
Dan ziet hij ineens iets vreemds.
Bij een grote boom, niet ver van zijn groene bankje, ziet hij iets blauws.
Ligt daar een blauwe tuinkabouter in het gras?
Johan staat op en loopt langzaam naar de boom.
Ja hoor, het is echt waar.
Daar ligt een blauwe tuinkabouter met een rode muts.
Er zit een beetje zand op zijn gezicht.
Naast de kabouter zit een kleine, zwarte hond.
De hond is blij en beweegt zijn staart.
Hij denkt dat de kabouter speelgoed is.
Een jonge jongen komt aanrennen.
"Sorry meneer," zegt de jongen, "mijn hond heeft dit ding ergens gevonden." Johan lacht vriendelijk.
"Geeft niet," zegt Johan.
"Ik weet toevallig van wie deze tuinkabouter is." Johan pakt de kabouter op.
Hij maakt snel een foto met zijn mobiele telefoon.
Hij plaatst de foto op Facebook, onder het bericht van mevrouw De Vries.
Hij typt: "Ik heb uw kabouter gevonden in het park.
Een hond wilde ermee spelen.
Ik breng hem zo naar u toe." Binnen twee minuten krijgt Johan een berichtje terug.
"Oh, dank u wel!
U bent een held!" typt mevrouw De Vries.
Johan glimlacht.
Hij loopt met de blauwe tuinkabouter onder zijn arm het park uit.
Hij kijkt naar de blauwe lucht en voelt de warme zon op zijn gezicht.
Het was een heel normale zaterdagochtend, maar nu is het een grappig avontuur.
Sociale media is soms vreemd, maar vandaag was het heel handig.
Johan is blij dat hij de kabouter heeft gevonden.
Tot de volgende.
Alle transcripten op dutchfluency.com slash transcripts. Hallo lieve studenten.
Ik ben Rick, jullie taalleraar uit Den Haag.
Welkom bij een nieuwe aflevering.
Vandaag vertel ik jullie een heel grappig verhaal.
Het is een verhaal over een heel normale situatie.
Maar het is ook een heel ongemakkelijke situatie.
Kennen jullie dat gevoel?
Je voelt je een beetje dom.
Je weet niet wat je moet zeggen.
Precies dat gevoel.
Luister maar mee.
Het is een zaterdagmiddag in november.
Het is koud in Nederland.
De wind waait hard door de straten.
De lucht is donkergrijs.
Het gaat misschien regenen.
Maar het is wel gezellig in de stad.
We zijn in het centrum van Utrecht.
Het is druk op straat.
Overal lopen mensen met grote tassen vol boodschappen.
Je ruikt de warme, zoete geur van verse stroopwafels.
Je hoort de fietsbellen rinkelen.
Tring, tring!
Mensen praten en lachen met elkaar.
Maarten loopt door de winkelstraat.
Maarten is een jonge, rustige man.
Hij draagt een dikke, blauwe jas.
Hij heeft het koud en wil zo snel mogelijk naar zijn warme huis.
Hij loopt snel en kijkt naar de grond.
Dan hoort hij opeens zijn naam.
"Maarten?
Ben jij dat echt?" Maarten stopt met lopen.
Hij draait zich langzaam om.
Hij ziet een vrouw staan met een grote, rode sjaal.
Het is Julia.
Ze is een oude collega van Maarten.
Ze hebben drie jaar geleden samen op een kantoor gewerkt.
"Hé Julia," zegt Maarten verrast.
Hij lacht een beetje.
"Wat leuk om jou hier te zien." "Ja, heel leuk," zegt Julia.
"Hoe gaat het met jou?" "Goed," zegt Maarten.
"Het gaat goed.
En met jou?" "Ook goed," antwoordt Julia.
Ze praten ongeveer vijf minuten met elkaar.
Ze praten over hun oude werk en het koude weer.
Het is een vriendelijk gesprek.
Maar het is ook een beetje moeilijk.
Ze kennen elkaar niet meer zo goed.
Na vijf minuten is het gesprek klaar.
Er valt een ongemakkelijke stilte.
Ze kijken allebei naar de straat.
"Nou," zegt Maarten.
Hij kijkt op zijn horloge.
"Ik moet maar weer eens verder." "Ja, ik ook," zegt Julia snel.
"Ik moet nog boodschappen doen.
Het was leuk om je even te spreken." "Vond ik ook," zegt Maarten.
"Fijn weekend, Julia!" "Jij ook, Maarten!
Doei!" Maarten zwaait.
Julia zwaait vrolijk terug.
Maarten draait zich om.
Hij is blij dat het gesprek klaar is.
Hij loopt verder door de lange straat en kijkt naar de winkels.
Maar dan hoort hij iets geks.
Hij hoort voetstappen dichtbij.
Hij kijkt opzij.
Tot zijn grote schrik ziet hij de rode sjaal weer.
Het is Julia.
Ze loopt precies naast hem.
Julia kijkt naar Maarten.
Maarten kijkt naar Julia.
"Oh," zegt Julia.
Ze krijgt direct een rood gezicht.
"Jij moet ook precies deze kant op?" "Ja," lacht Maarten.
Hij voelt zich nu heel erg ongemakkelijk.
"Ik loop naar het station." "Ik ook," zegt Julia zachtjes.
Ze hebben net al 'doei' gezegd.
Wat nu?
Ze lopen samen door de straat.
Het is opeens heel stil.
Maarten kijkt naar de grond.
Hij telt de stenen op de straat.
Een, twee, drie.
Dit is de langste minuut van zijn leven.
Eindelijk zijn ze bij het grote kruispunt.
"Nou," zegt Maarten snel.
"Ik moet hier naar links." "Oh gelukkig," zegt Julia zenuwachtig.
"Ik moet rechtdoor.
Nog een keer doei dan!" "Ja, doei!" zegt Maarten.
Hij loopt snel naar links.
Hij is enorm opgelucht.
Hij ademt diep in en uit.
Gelukkig, denkt hij.
Dat was echt raar.
Maarten loopt verder naar de bushalte.
Hij moet bus twaalf hebben.
Hij ziet de bushalte in de verte.
Er staat maar één persoon te wachten in de kou.
De persoon draagt een grote, rode sjaal.
Het is Julia weer!
Ze moet blijkbaar toch ook met dezelfde bus.
Maarten stopt direct met lopen.
Hij wil niet nog een keer 'hallo' zeggen.
Hij draait zich snel om en loopt de andere kant op. De Blinde Man in het Park. Hallo allemaal.
Ik ben Rick, jullie leraar uit Den Haag.
Vandaag heb ik een grappig verhaal van Reddit voor jullie.
Het verhaal heet 'Ik in het echt', met een plaatje van een hond.
Laten we beginnen.
Het is zondagochtend.
We zijn in een mooi park in Rotterdam.
De zon schijnt en de lucht is blauw.
Mark loopt in het park.
Hij is moe.
Hij heeft gisteren een feestje gehad.
Nu heeft hij een beetje hoofdpijn.
De zon is te fel voor zijn ogen.
Daarom draagt hij een grote, donkere zonnebril.
Hij heeft ook een kopje koffie in zijn hand.
Hij ruikt de verse koffie.
Dat is lekker.
Naast Mark loopt zijn hond.
De hond heet Max.
Max is een grote, lieve hond.
Hij heeft zacht, bruin haar.
Max draagt vandaag een nieuw tuigje.
Een tuigje is een riem voor het lichaam van de hond.
Het tuigje is felgeel.
Mark heeft het gisteren gekocht.
Hij vindt de gele kleur mooi.
In het donker is de kleur heel veilig.
Mark kijkt naar de bomen en het gras.
Dan ziet hij een oudere vrouw.
Ze heet mevrouw Visser.
Ze kijkt serieus naar Mark.
Ze kijkt naar zijn donkere zonnebril.
Dan kijkt ze naar de felgele riem van de hond.
Ze denkt iets verkeerds.
Ze denkt dat Max een blindegeleidehond is.
Ze denkt dat Mark blind is.
Mevrouw Visser loopt snel naar Mark toe.
"Hallo meneer", zegt ze met een zachte stem.
"Kan ik u misschien helpen?" Mark is in de war.
Hij stopt met lopen.
"Mij helpen?", vraagt hij verbaasd.
"Nee hoor mevrouw, dank u wel." Maar mevrouw Visser pakt de arm van Mark vast.
"Pas op meneer", zegt ze bezorgd.
"Er is een grote plas water voor u.
U mag niet in het water stappen." Mark kijkt naar beneden.
Hij ziet de plas water.
"Ja, ik zie het", zegt Mark.
"Dank u wel." Mevrouw Visser lacht vriendelijk.
"Wat een slimme hond heeft u.
Hij helpt u echt goed.
Hij is een goede hulphond." Mark begrijpt de situatie nu.
De vrouw wil hem helpen door zijn zonnebril en het gele tuigje.
Ze denkt dat hij blind is!
Wat een grappige fout.
Mark wil zeggen dat hij niet blind is.
Hij doet zijn mond open.
Maar dan ziet Max plotseling iets.
Max ziet een eend bij de vijver.
Max wil spelen.
Hij rent opeens heel hard naar de eend toe.
"Max, nee!
Stop!", roept Mark luid.
Maar Max luistert niet.
De hond is heel sterk.
Mark moet rennen.
Hij rent hard achter Max aan.
Hij rent soepel om een boom heen.
Hij springt over de grote plas water.
Tijdens het springen valt zijn zonnebril op het gras.
Mevrouw Visser staat stil.
Ze kijkt met open mond naar Mark.
Ze is geschrokken.
Een blinde man die zo snel kan rennen en over water springt?
Dat is onmogelijk!
Mark stopt bij de vijver.
Max blaft vrolijk naar de eend.
Mark loopt langzaam terug naar de verbaasde mevrouw Visser.
Hij pakt zijn zonnebril op.
Hij heeft een rood gezicht en schaamt zich een beetje.
"Sorry mevrouw", zegt Mark.
"Ik ben niet blind.
Ik heb alleen hoofdpijn.
En Max is geen hulphond.
Hij is gewoon een drukke hond." Mevrouw Visser begint heel hard te lachen.
"Oh, wat dom van mij!", zegt ze.
"Ik dacht echt dat u blind was." Mark lacht mee.
"Kom Max", zegt hij.
"We gaan naar huis." Soms kan een zonnebril voor veel verwarring zorgen!
Tot de volgende.
Alle transcripten op dutchfluency.com slash transcripts. ## The Blue and Yellow Train to Germany Hallo allemaal, ik ben Rick.
Ik ben leraar en ik woon in Den Haag.
Vandaag is het zaterdag en ik heb vrij.
Ik zit in een klein, gezellig café.
Het café heet 'De Wachtkamer'.
Het ligt direct naast het grote treinstation, Den Haag Hollands Spoor.
Het is druk in het café.
Ik hoor mensen praten en lachen.
Ik ruik de sterke geur van verse koffie en warme appeltaart.
Ik drink een grote cappuccino.
De koffie smaakt heerlijk.
Ik kijk door het grote raam naar buiten.
Ik zie veel mensen lopen.
Ze lopen snel, want ze moeten hun trein halen.
Ik hoor de treinen ook.
Ze maken een hard, piepend geluid als ze remmen.
"Sssss", doet de trein als hij stopt.
Tegenover mij zit mijn goede vriend Johan.
Johan is een grote fan van treinen.
Hij weet echt alles over treinen.
Hij leest elke dag het nieuws over het openbaar vervoer.
Johan kijkt geconcentreerd op zijn telefoon.
Dan begint hij ineens te lachen.
"Rick, kijk hier," zegt Johan blij.
"Dit is fantastisch nieuws." Ik neem nog een slok van mijn koffie.
"Wat is er, Johan?" vraag ik nieuwsgierig.
"Is er een nieuwe trein?" Johan knikt enthousiast.
"Ja, precies!
De Nederlandse Spoorwegen, de NS, heeft een heel nieuw plan." Ik luister aandachtig.
"Vertel," zeg ik.
Johan leest het artikel voor.
"De NS wil een nieuwe route maken.
Een route van Nederland naar Duitsland.
Naar het Ruhrgebied." Ik ken het Ruhrgebied goed.
Het is een grote, drukke regio in Duitsland.
Er zijn daar veel steden dicht bij elkaar, zoals Düsseldorf en Duisburg.
"Dat is leuk," zeg ik.
"Maar we hebben toch al treinen naar Duitsland?
We kunnen al naar Berlijn of Frankfurt." "Ja, dat klopt," zegt Johan.
"Maar dit is anders.
Dit wordt een echte Nederlandse trein.
Een blauw met gele trein.
Onze eigen kleuren, in Duitsland!" Ik moet lachen.
"Een blauw-gele NS trein in Duitsland?
Dat is een grappig gezicht.
De Duitse treinen zijn altijd wit met rood." Johan lacht ook.
"Zeker!
En weet je hoe vaak deze nieuwe trein gaat rijden?
Zes keer per dag!
Zes ritten heen, en zes ritten terug." Ik denk na over dit plan.
Zes keer per dag is veel.
Dat is erg handig.
"Dat is geweldig nieuws voor reizigers," zeg ik.
"Dan kunnen we heel makkelijk naar Duitsland." Johan kijkt dromerig uit het raam.
"Stel je voor, Rick.
We stappen in op het station.
We zitten in een zachte stoel.
De trein is van buiten blauw en geel.
We kijken uit het raam.
We zien de bomen en de weilanden.
En even later zijn we in Duitsland." "Wat gaan we daar dan doen?" vraag ik lachend.
"Dat is makkelijk," antwoordt Johan direct.
"We gaan eerst winkelen in Düsseldorf.
Daarna eten we een echte Duitse curryworst.
En we drinken een groot glas koud bier." Ik ben het helemaal met hem eens.
De Duitse curryworst is heerlijk.
Het ruikt altijd zo lekker naar warme kruiden.
"Het is ook heel goed voor het milieu," zeg ik serieus.
"De trein is beter dan de auto." Johan knikt.
"Precies.
Veel mensen nemen nu de auto naar het Ruhrgebied.
Maar er is daar altijd heel veel file.
Met de blauw-gele trein heb je geen last van file.
Je kunt gewoon rustig een boek lezen of lekker slapen." Ik kijk weer naar het station.
Ik zie een normale trein vertrekken.
Hij is ook blauw en geel.
Reizen maakt de wereld kleiner.
Het brengt mensen samen.
"Wanneer gaat deze trein rijden?" vraag ik aan Johan.
Johan kijkt op zijn telefoon.
"Dat duurt nog wel even.
Ze moeten alles nog regelen met de Duitse spoorwegen." "Wat jammer," zeg ik met een zucht.
"Ik wil eigenlijk morgen al gaan." Johan lacht hard.
"Geduld, Rick.
De curryworst wacht wel op je." Tot de volgende.
Alle transcripten op dutchfluency.com slash transcripts.
OefenenLees
Tekst
Modus
Audio
Pauze