

Audio1x
Snelheid
Pauze
OefenenLees
Modus
Woordenschat
Het is maandagochtend.
De zon schijnt.
Ik loop naar Basic-Fit in Rotterdam.
De deur is groot en zwaar.
Ik duw de deur open.
Binnen is het druk.
Muziek speelt hard.
Ik hoor de muziek: boem, boem, boem.
Ik zie veel mensen.
Zij lopen op de loopband.
Zij tillen gewichten.
Zij zweten.
De lucht is warm.
Ik ruik zweet en schoonmaakmiddel.
Het is een beetje vies, maar oké.
Ik ga naar de kleedkamer.
Ik zet mijn tas neer.
Ik trek mijn sportkleren aan.
Mijn schoenen zijn wit en nieuw.
Ik kijk in de spiegel.
Ik zeg: "Kom op, Rick.
Vandaag ga je sporten." Ik loop naar de fitnesszaal.
Ik zie een vriend.
Zijn naam is Mark.
Mark is groot en sterk.
Hij zegt: "Hé Rick!
Ben je klaar voor vandaag?" Ik zeg: "Ja, Mark.
Ik ben klaar.
Maar het is druk vandaag." Mark lacht.
Hij zegt: "Ja, altijd druk op maandag.
Maar dat is goed.
Veel energie!" Ik loop naar de machines.
Ik wil de benenmachine gebruiken.
Maar de machine is bezet.
Een man zit op de machine.
Hij kijkt naar zijn telefoon.
Hij doet niets.
Hij zit daar maar.
Ik wacht.
Een minuut.
Twee minuten.
Vijf minuten.
De man kijkt nog steeds naar zijn telefoon.
Ik word ongeduldig.
Ik denk: "Waarom zit hij daar?
Hij sport niet." Ik zeg tegen Mark: "Kijk naar die man.
Hij zit op de machine.
Hij doet niets.
Hij kijkt naar zijn telefoon." Mark zegt: "Ja, dat is normaal hier.
Mensen zitten soms lang op hun telefoon.
Het is vervelend." Ik loop naar de man.
Ik ben beleefd.
Ik zeg: "Excuseer, meneer.
Gebruikt u de machine?" De man kijkt op.
Hij zegt: "Nee, ik rust even.
Ik ben moe." Ik zeg: "Oké, maar ik wil graag sporten.
Kunt u misschien straks verder?" De man zegt: "Ja, ja, ik ga zo weg." Maar hij blijft zitten.
Ik wacht weer.
Tien minuten.
De man staat eindelijk op.
Hij loopt weg.
Ik ga op de machine zitten.
Ik ben blij.
Maar dan hoor ik een geluid: piep, piep, piep.
Ik kijk naar mijn telefoon.
Het is een bericht van mijn baas.
Hij zegt: "Rick, kom snel naar kantoor.
We hebben een probleem." Ik zucht.
Ik denk: "Nee, niet nu.
Ik wil sporten." Maar ik moet gaan.
Ik sta op.
Ik pak mijn tas.
Ik zeg tegen Mark: "Ik moet weg.
Mijn baas heeft mij nodig." Mark lacht.
Hij zegt: "Dat is Basic-Fit, vriend.
Altijd iets." Ik loop naar de deur.
De muziek speelt nog steeds.
De mensen sporten nog steeds.
Ik voel me moe en een beetje boos.
Maar ik denk: "Morgen kom ik terug.
Dan sport ik wel." Ik stap naar buiten.
De zon schijnt.
De lucht is fris.
Ik adem diep.
Ik voel me rustig.
Misschien is sporten niet belangrijk vandaag.
Maar morgen, ja, morgen ga ik weer.
Tot de volgende.
Alle transcripten op dutchfluency.com slash transcripts.
OefenenLees
Tekst
Modus
Audio
Pauze