Alle podcasts

Rick en de Brand in Frankrijk

Rick is in Frankrijk.

Hij is met zijn vrouw.

Zij heet Marie.

Zij staan op een camping.

De zon is warm.

Het is een mooie dag.

Rick kijkt naar de lucht.

De lucht is blauw.

Hij ziet een vogel.

De vogel vliegt hoog.

De vogel is zwart.

Dan ziet hij rook.

De rook is grijs.

Hij zegt: 'Kijk, Marie.

Daar is rook.' Marie kijkt ook.

Zij ziet de rook.

De rook komt van een heuvel.

Het vuur is groot.

Rick hoort een geluid.

Het geluid is hard.

Het is het vuur.

Het vuur maakt een knal.

Rick loopt naar de caravan.

De caravan is wit.

Hij pakt zijn telefoon.

De telefoon is zwart.

Hij belt de campingbaas.

De campingbaas zegt: 'Ga weg.

Het vuur komt.' Rick zegt: 'Wij gaan nu.' Marie pakt de tassen.

De tassen zijn klein.

Zij stopt kleren in de tas.

De kleren zijn van haar.

De kleren zijn zacht.

Zij ruikt de rook.

De rook ruikt naar hout.

De rook is sterk.

Rick pakt water.

Het water is koud.

Hij drinkt een beetje.

Het water smaakt fris.

Het water is lekker.

Dan stapt hij in de auto.

De auto is rood.

Marie stapt ook in.

De caravan staat nog.

Rick kijkt naar de caravan.

De caravan is alleen.

Het vuur is dichtbij.

Rick zegt: 'Wij rijden weg.' Marie zegt: 'Ja, goed.' De auto rijdt.

De weg is smal.

Rick ziet andere auto's.

Zij rijden ook weg.

De mensen zijn bang.

Rick is ook bang.

Hij zegt: 'Het vuur is groot.' Marie zegt: 'Ja, het is groot.' Zij rijden naar een dorp.

Het dorp is klein.

Daar is een plein.

Het plein is groot.

Rick stopt de auto.

Hij stapt uit.

Hij kijkt naar de lucht.

De lucht is nu oranje.

De rook is dik.

De rook is overal.

Rick zegt: 'De caravan is weg.' Marie zegt: 'Ja, de caravan is weg.' Zij zijn verdrietig.

Maar zij zijn samen.

Dat is goed.

Rick eet een broodje.

Het broodje is lekker.

Het broodje heeft kaas.

Hij drinkt water.

Marie drinkt ook.

Het water is koud.

Het water is fris.

Zij zitten op een bank.

De bank is van hout.

De bank is hard.

Rick kijkt naar de bomen.

De bomen zijn groen.

De bomen zijn hoog.

Het is stil.

Rick zegt: 'Ik denk aan de caravan.' Marie zegt: 'Ik ook.

Maar wij zijn veilig.' Rick zegt: 'Ja, wij zijn veilig.' Rick is moe.

Hij sluit zijn ogen.

De zon gaat onder.

Het is stil.

Rick denkt: 'Wij zijn oké.

De caravan is weg, maar wij zijn samen.' Hij is blij.

Marie is ook blij.

Tot de volgende keer.

Volledig transcript · gratis

Log in voor quiz, flashcards, chat en PDF

0:00

Tekst

Modus

Audio

Pauze