

Audio1x
Snelheid
Pauze
OefenenLees
Modus
Woordenschat
Het was een grijze dinsdagochtend in Den Haag.
De lucht hing laag boven de stad, en een lichte motregen maakte de straten glanzend.
Ik stond met mijn koffie voor het raam van mijn appartement, uitkijkend over het Plein.
In de verte hoorde ik het gedempte geluid van een megafoon.
Demonstranten verzamelden zich voor het gebouw van de Tweede Kamer.
Het was een vreedzaam protest, zoals altijd.
Maar vandaag zou er iets bijzonders gebeuren, iets dat niemand had verwacht.
Op straat zag ik een groep van ongeveer vijftig mensen lopen.
Ze droegen spandoeken en zongen liederen.
Sommigen hadden regenjassen aan, anderen een paraplu.
Ze leken vastberaden, maar ook een beetje moe.
De politie stond op een rij, met hun waterwerpers klaar.
De agenten droegen helmen en schilden, en hun gezichten stonden serieus.
Iedereen wist dat er een nieuwe maatregel was aangekondigd, maar niemand wist precies wat die inhield.
Mijn buurvrouw, mevrouw Jansen, kwam naast me staan.
Ze was een vriendelijke vrouw van in de zestig, met grijze krullen en een bril op haar neus.
'Rick, heb je het nieuws gehoord?' vroeg ze.
'Er gaan geruchten dat ze iets nieuws hebben.
Iets met verf.' 'Verf?' zei ik verbaasd.
'Wat voor verf?' 'Blauwe verf, geloof ik.
Smurfenverf, zeggen ze.' Ze lachte zachtjes.
'Kun je het je voorstellen?
Demonstranten die straks helemaal blauw zijn.' Ik schudde mijn hoofd.
'Dat kan toch niet serieus zijn?
Dat moet een grap zijn.' Maar mevrouw Jansen keek me aan met een serieuze blik.
'Het is echt, Rick.
De burgemeester heeft het goedgekeurd.
Ze willen de demonstranten markeren, zodat ze later herkend kunnen worden.
Maar ze denken dat het ook een afschrikwekkend effect heeft.' Ik zette mijn koffie neer en pakte mijn jas.
'Ik moet dit zien.
Dit wil ik met eigen ogen zien.' Beneden op straat was de sfeer gespannen.
De demonstranten stonden nu vlak bij de waterwerpers.
Ik zag een jonge vrouw met een paars haar en een zelfgemaakt bord.
Ze riep iets over klimaatverandering.
Naast haar stond een oudere man met een grijze baard, die een trommel sloeg.
De politiecommandant gaf een signaal.
De waterwerpers werden aangezet.
Maar in plaats van water kwam er een dikke, blauwe vloeistof uit de kanonnen.
Het leek op verf, maar het was dunner, meer als gekleurd water.
De eerste straal raakte de jonge vrouw vol in het gezicht.
Haar paarse haar werd donkerblauw, en haar kleren veranderden in een natte, blauwe vlek.
Ze schreeuwde niet van pijn, maar van schrik.
Even was het stil.
Toen begon iedereen te lachen.
Ja, echt, lachen.
De demonstranten keken naar elkaar en zagen dat iedereen nu blauw was.
Hun spandoeken waren onleesbaar geworden, en hun gezichten leken op die van de Smurfen uit de tekenfilm.
Ik stond daar, met mijn handen in mijn zakken, en ik moest ook lachen.
Het was zo absurd.
De agenten zelf konden hun lachen ook niet inhouden.
Een jonge agent, die er nog maar net uitzag alsof hij van de academie kwam, veegde een traan van zijn wang.
De commandant schudde zijn hoofd en gaf het signaal om te stoppen.
De blauwe vloeistof droop van de demonstranten op het plaveisel.
De jonge vrouw met het paarse haar liep naar de agent toe.
'En nu?' vroeg ze, met een glimlach.
'Gaan jullie ons ook nog een kus geven?' De agent grijnsde.
'Sorry hoor, maar dit is niet mijn idee.
Ik hoop alleen dat het water weer vanzelf weggaat.' 'Ja, dat hoopt iedereen,' zei ze lachend.
Later hoorde ik dat de verf niet gemakkelijk te verwijderen was.
De demonstranten liepen de hele dag rond met blauwe gezichten en handen.
Sommigen vonden het vernederend, maar de meesten zagen het als een soort ereteken.
Ze waren blauw, maar ze hadden hun punt gemaakt.
De nieuwsberichten stonden vol met foto's van blauwe demonstranten, en de sociale media explodeerden.
Mensen maakten grappen over de 'Smurfendemonstratie'.
Toen ik die avond weer thuis was, belde mevrouw Jansen me op.
'Heb je het gezien?' vroeg ze opgewonden.
'Ja, ik stond er vlakbij,' zei ik.
'Het was bizar, maar ook een beetje grappig.' 'Grappig?
Ik vond het vooral een vreemde manier om met protesten om te gaan.
Alsof je ze bespot.
Maar ja, misschien werkt het wel.' Ik dacht na.
'Misschien.
Maar ik vraag me af wat ze nu gaan doen.
Volgende week is er weer een demonstratie.
Gaan ze dan weer met blauwe verf gooien?' 'Wie weet,' zei mevrouw Jansen.
'Misschien wordt het wel een nieuwe traditie.
Blauwe maandag, maar dan op dinsdag.' We lachten samen.
Toen ik ophing, keek ik uit het raam naar de donkere straten.
De regen was gestopt, en de maan scheen op de plek waar de demonstranten hadden gestaan.
Er waren nog wat blauwe vlekken op de straat.
Ik vroeg me af of dit het einde was van de vreedzame protesten, of het begin van iets nieuws.
Maar één ding was zeker: deze dag zou niemand snel vergeten.
Tot de volgende.
Alle transcripten op dutchfluency.com slash transcripts.
OefenenLees
Tekst
Modus
Audio
Pauze