Dutch Fluency
Find my levelLevel
Login

De Dag Dat de Deur Dicht Bleef

Stond er een man in een donker pak?

Hij keek haar aan en schudde zijn hoofd.

Sorry, zei hij rustig.

U mag vandaag niet naar binnen.

Sara stond stil.

Ze begreep het niet meteen.

Maar ik heb een pas, zei ze.

Ze liet haar kaartje zien.

Dat weet ik, zei de man.

Maar uw station staat op de lijst.

U kunt niet mee naar binnen.

Sara stapte opzij en belde haar baas.

Ze laten me er niet in, zei ze.

Wat moet ik nu doen?

Haar baas,

een rustige man die altijd kalm bleef, zei:

Ga naar het café op de hoek.

Wacht daar.

We zoeken het uit.

Sarah liep naar het café.

Het was er warm en het rook naar koffie en vers brood.

Ze ging aan een tafeltje bij het raam zitten.

Buiten liepen mensen voorbij met paraplu's.

Ze bestelde een koffie en keek naar haar telefoon.

De koffie was heet.

En de warme mok voelde prettig in haar handen.

Ze hoorde het geluid van de regen tegen het raam.

En het zachte geroezemoes van andere mensen in het café.

Op het nieuws zag ze dat andere stations hetzelfde probleem hadden.

CNN mocht niet naar binnen.

Politico ook niet.

En MSNBC evenmin.

Het witte huis had gezegd dat deze stations niet welkom waren.

Trump had dat zo gewild.

Aan het tafeltje naast haar zat een oudere man met een krant.

Hij keek naar haar en vroeg:

Bent u van de televisie?

Ja, zei Sara.

Ik heb het gehoord.

Bedankt voor het luisteren.

Reageer onder deze aflevering of stuur me een DM op Instagram.

Dan stuur ik je een speciale kortingskode voor de interactieve versie van deze aflevering.

Veel plezier verder met het verhaal.

Ik heb het gehoord, zei hij.

Ze laten jullie er niet in.

Dat is toch raar?

Ja, zei Sara.

Ik vind het ook raar.

Mensen hebben het recht om te weten wat er in het witte huis gebeurt.

Dat is mijn werk.

Ik vertel mensen wat er speelt.

De man knikte langzaam.

Vroeger was dat gewoon normaal.

Iedereen mocht vragen stellen.

Precies, zei Sara.

Ze nam een slok koffie.

De koffie smaakte sterk en warm.

Ze dacht aan haar vader die ook journalist was geweest.

Hij had haar geleerd om altijd door te vragen en nooit op te geven.

Ze miste hem.

Na een uur belde haar baas weer.

We gaan een bericht maken buiten het gebouw.

Kom terug.

Sarah pakte haar jas en liep terug naar het witte gebouw.

Haar collega Tom stond er al met een camera.

Het regende nu echt.

Ze stonden onder een klein afdakje.

De regen tikte op het afdakje.

En Sara voelde de koude lucht op haar wangen.

Klaar.

vroeg Tom.

Klaar.

zei Sara.

Ze keek recht in de camera en begon te praten.

Ze vertelde rustig wat er die dag was gebeurd.

Ze stond buiten in de regen, maar ze deed haar werk.

Dat was het belangrijkste.

Later die avond zat Sarah thuis op de bank.

Ze at een boterham en keek naar haar eigen bericht op tv.

Ze zag zichzelf staan in de regen, voor het grote witte gebouw.

Ze dacht aan de man in het café.

Hij had gelijk.

Vroeger was het normaal.

Maar vandaag niet.

Toch had ze haar werk gedaan.

En dat gaf haar een goed gevoel.

Haar telefoon ging.

Het was haar moeder.

Ik heb je gezien op tv.

zei haar moeder.

Je was nat.

Sara moest lachen.

Ja, mam.

Maar ik heb het gedaan.

Dat weet ik.

zei haar moeder.

Ik ben trots op je.

Sara legde haar telefoon neer en keek nog even naar het scherm.

De deur was dichtgebleven.

Maar haar stem had iedereen gehoord.

Tot de volgende keer.

Bedankt voor het luisteren naar Dutch Fluency.

Op Dutchfluency.com vind je de transcript en oefeningen.

Spreek Nederlands, zelfs als het moeilijk is.

Tot de volgende keer.

Transcript en quiz · gratis

De quiz is gratis. Log in voor flashcards, chat en PDF

Word lid
0:00

Tekst

Modus

Audio

Pauze