Dutch Fluency
Find my levelLevel
Login

De Slagerij en de Vegetariër

It’s a sunny Saturday morning on a quiet Dutch residential street.

The neighbors are organizing their annual street party (buurtfeest), and Mark, the new resident, is about to meet his neighbors for the first time.

The neighborhood busybody, mevrouw Jansen, is determined to make sure everything goes perfectly—even if it means telling everyone exactly what to do.

Mark: Hoi, goedemorgen!

Ik ben Mark.

Ik woon nu drie weken hier.

Mevrouw Jansen: Ah, de nieuwe bewoner van nummer 12!

Ik ben mevrouw Jansen.

Welkom!

Mark: Dank u wel.

Leuk om u te ontmoeten.

Mevrouw Jansen: Zeg maar Jannie.

Iedereen zegt hier Jannie.

Kom je voor het straatfeest?

Mark: Straatfeest?

Ik weet niks van een straatfeest.

Jannie: Natuurlijk niet.

Niemand vertelt de nieuwe buren iets.

Het is vandaag om vijf uur.

Mark: Vandaag?

Zo snel?

Jannie: Ja, we doen het elk jaar.

Eten, drinken, muziek.

Heel gezellig.

Mark: Wat moet ik meebrengen?

Jannie: Iedereen neemt iets mee.

Een salade, een taart, iets te drinken...

Mark: Oké, ik kan wel iets maken.

Wat neemt u mee?

Jannie: Ik maak altijd mijn beroemde erwtensoep.

Maar niet met rookworst dit jaar.

Mark: Oh?

Waarom niet?

Jannie: De nieuwe buren van nummer 8 zijn vegetariërs.

We moeten rekening met hen houden.

Mark: Dat is aardig van u.

Jannie: Ja, ik ben heel aardig.

Maar ik ben ook streng.

Jij moet een taart meebrengen.

Mark: Een taart?

Ik kan niet bakken.

Jannie: Niet bakken?

Elke man kan een appeltaart bakken!

Mark: Echt niet.

De laatste keer dat ik iets bakte, was het een ramp.

Jannie: Een ramp?

Vertel eens.

Mark: Nou, ik wilde een cake maken voor mijn moeder.

De cake was zo hard als een steen.

Jannie: Ha!

Dat is grappig.

Maar geen excuus.

Je kunt een taart kopen bij de bakker.

Mark: Goed idee.

Welke bakker is goed?

Jannie: Bakkerij de Graaf op de hoek.

Die heeft de beste appeltaart van de stad.

Mark: Oké, ik ga daar straks langs.

Hoe laat begint het feest precies?

Jannie: Om vijf uur.

Maar kom om half vijf, dan kun je helpen met opbouwen.

Mark: Helpen?

Waarmee dan?

Jannie: Tafels neerzetten, stoelen klaarzetten, de barbecue aansteken...

Mark: De barbecue?

Wie doet de barbecue?

Jannie: Peter van nummer 5.

Hij is de barbecuekoning.

Maar vorig jaar was het een drama.

Mark: Drama?

Wat is er gebeurd?

Jannie: De hamburgers waren verbrand.

Maar de buurman van nummer 3 zei niks.

Hij is altijd zo beleefd.

Mark: Dat is jammer.

Verbrande hamburgers zijn niet lekker.

Jannie: Precies!

Daarom heb ik dit jaar een plan.

Mark: Een plan?

Jannie: Ja, ik heb een schema gemaakt.

Wie wat meebrengt, wie helpt, wie de muziek regelt.

Mark: Een schema?

Dat is heel georganiseerd.

Jannie: Ik ben de voorzitter van de buurtvereniging.

Orde is belangrijk.

Mark: Ik zie het al.

U bent de baas van de straat.

Jannie: Niet de baas.

De coördinator.

Maar ja, sommigen zeggen de baas.

Mark: Haha, oké.

En wie regelt de muziek?

Jannie: Dat is het probleem.

Kevin van nummer 14 zou de speakers regelen.

Mark: En?

Jannie: Hij zegt dat hij ze heeft.

Maar ik geloof het pas als ik ze zie.

Mark: U bent niet optimistisch?

Jannie: Kevin is een goede jongen.

Maar hij vergeet veel.

Vorig jaar vergat hij het vlees.

Mark: Het vlees?

Hoe kun je het vlees vergeten?

Jannie: Geen idee.

Maar hij deed het.

Gelukkig had ik extra worstjes.

Mark: U bent voorbereid, zeg.

Jannie: Altijd.

Je moet voorbereid zijn in het leven.

Zeker bij een straatfeest.

Mark: Nou, ik ga nu naar de bakker.

Tot vanmiddag!

Jannie: Wacht!

Je moet ook drinken meebrengen.

Twee flessen wijn!

Mark: Twee flessen wijn?

Oké, geen probleem.

Jannie: En niet te goedkoop, hoor.

De buren van nummer 9 kennen hun wijn.

Mark: Ik koop iets leuks.

Maakt u zich geen zorgen.

Jannie: Ik maak me altijd zorgen.

Dat is mijn taak.

Mark: Haha, begrepen.

Zie ik u straks?

Jannie: Ja, om half vijf.

Niet vergeten!

Mark: Ik vergeet het niet.

Tot straks, Jannie!

Jannie: Tot straks, Mark!

En denk aan de taart!

Mark: De taart, de wijn... ik schrijf het op!

Jannie: Goed zo!

Een man met een lijstje is een betrouwbare man!

Mark: Dat hoop ik dan maar.

Doei!

Jannie: Doei!

En zeg tegen Peter dat de barbecue om kwart voor vijf aangestoken moet worden!

Mark: Welke Peter?

Jannie: Peter van nummer 5!

De barbecuekoning!

Mark: Hoe herken ik hem?

Jannie: Hij heeft een groen schort met een varken erop.

Onmiskenbaar!

Mark: Een varken op zijn schort?

Voor een barbecuekoning?

Jannie: Ja, zijn vrouw heeft het gemaakt.

Het is zijn trots.

Mark: Geweldig.

Ik zoek hem straks op.

Tot dan!

Jannie: Tot dan!

En Mark...

Mark: Ja?

Jannie: Welkom in de buurt.

Je gaat het hier leuk vinden.

Mark: Dank u wel...

Jannie.

Ik denk het ook.

Volledig transcript · gratis

Log in voor quiz, flashcards, chat en PDF

Word lid
0:00

Tekst

Modus

Audio

Pauze