Dutch Fluency
Find my levelLevel
Login

De Buurtapp Ontploft

Lisa and her neighbor Mark are standing in the hallway of their apartment building.

Lisa’s phone keeps buzzing because the neighborhood app is exploding with messages about a mysterious noise in the building.

Mark thinks it’s nothing, but Lisa wants to investigate.

Lisa: Hoor je dat ook?

Mark: Hoor ik wat?

Lisa: Dat geluid.

Het komt van boven.

Mark: Ik hoor niks.

Misschien is het de verwarming.

Lisa: Nee, het is niet de verwarming.

Kijk naar mijn telefoon.

Mark: Waarom?

Wat is er aan de hand?

Lisa: De buurtapp ontploft.

Iedereen praat erover.

Mark: Over het geluid?

Lisa: Ja.

Meneer Jansen zegt dat het om drie uur begon.

Mark: Drie uur?

Dat is vroeg.

Lisa: Mevrouw De Vries hoort het ook.

Ze is een beetje bang.

Mark: Bang?

Voor een geluid?

Lisa: Ja, ze zegt dat het klinkt als een dier.

Mark: Een dier?

In het gebouw?

Lisa: Misschien een vogel in de schoorsteen.

Mark: Een vogel?

Dat kan niet.

We hebben geen schoorsteen.

Lisa: Dat weet ik niet.

Ik lees alleen wat er in de app staat.

Mark: Laat eens kijken.

Wat schrijft ze precies?

Lisa: Ze schrijft: “Ik hoor gekrab.

Het komt van de muur.” Mark: Gekrab?

Dat klinkt niet goed.

Lisa: Nee, en nu schrijft meneer Bakker dat hij ook iets hoort.

Mark: Meneer Bakker?

Die woont op de derde verdieping.

Lisa: Ja, en hij zegt dat het geluid elke tien minuten terugkomt.

Mark: Elke tien minuten?

Dat is raar.

Lisa: Kijk, er is weer een bericht.

Mark: Van wie?

Lisa: Van de nieuwe buurvrouw.

Ze stelt zich voor.

Mark: O ja?

Hoe heet ze?

Lisa: Ze heet Sofia.

Ze schrijft dat ze op nummer 14 woont.

Mark: Nummer 14?

Dat is naast mij.

Lisa: O, dan ken je haar?

Mark: Nee, ik heb haar nog niet ontmoet.

Maar ik zag wel een verhuiswagen.

Lisa: Ze schrijft dat het geluid bij haar begint.

Mark: Bij haar?

In haar appartement?

Lisa: Ja, ze zegt dat het achter de muur zit.

Mark: Dat is de muur tussen haar woning en de mijne.

Lisa: O nee.

Dat is niet fijn.

Mark: Nee, wacht even.

Ik hoor het nu ook.

Lisa: Zie je wel!

Het is echt.

Mark: Het klinkt als… getik?

Lisa: Ja, precies.

Tik, tik, tik.

Mark: En nu stopt het weer.

Lisa: Kijk, nog een bericht.

Meneer Jansen schrijft dat hij de politie wil bellen.

Mark: De politie?

Voor een tikgeluid?

Lisa: Hij schrijft dat het misschien een inbreker is.

Mark: Een inbreker?

Overdag?

Lisa: Mensen zijn soms thuis, Mark.

Mark: Ja, maar een inbreker maakt geen tikgeluid.

Lisa: Wat dan wel?

Mark: Misschien is het de verwarming toch.

Lisa: Maar de verwarming is uit.

Het is april.

Mark: Goed punt.

Misschien is het de lift.

Lisa: De lift is aan de andere kant van het gebouw.

Mark: O ja.

Vergeet ik even.

Lisa: Kijk, Sofia schrijft weer.

Ze zegt dat het geluid harder wordt.

Mark: Harder?

Dat is vreemd.

Lisa: Ze schrijft: “Het klinkt nu als hameren.” Mark: Hameren?

Wie hameert er nou?

Lisa: Misschien is er iemand aan het klussen.

Mark: In het appartement naast mij?

Ik zie niemand.

Lisa: Misschien achter de muur?

Mark: Lisa, dat is een beetje gek.

Lisa: Ik weet het.

Maar de app is er voor dit soort dingen.

Mark: Voor gekke geluiden?

Lisa: Voor het delen van informatie met buren.

Mark: Oké, wat stelt Sofia voor?

Lisa: Ze vraagt of iemand even komt luisteren.

Mark: Nu?

Lisa: Ja, ze is een beetje ongerust.

Mark: Ik ben toch de buurman.

Ik kan wel even gaan.

Lisa: Echt?

Dat is aardig van je.

Mark: Ja, ik ben toch benieuwd.

En ik wil niet dat de politie komt.

Lisa: Haha, nee.

Dat is geen goed idee.

Mark: Ik stuur wel een bericht in de app.

Lisa: Goed idee.

Schrijf dat je gaat kijken.

Mark: Ja, ik typ: “Ik kom even luisteren bij Sofia.” Lisa: Perfect.

En schrijf erbij dat je het geluid ook hoort.

Mark: Oké. “Ik hoor het ook.

Ik kom eraan.” Lisa: Kijk, er komt al een reactie.

Mark: Van wie?

Lisa: Van meneer Jansen.

Hij schrijft: “Dank je wel, Mark.” Mark: Mooi.

Dan ga ik nu.

Lisa: Wacht, ik ga met je mee.

Mark: Echt?

Je hoeft niet mee.

Lisa: Ik ben nieuwsgierig.

En ik kan ook meekijken.

Mark: Oké, kom dan maar.

Maar wees stil.

Lisa: Waarom stil?

Mark: Als er echt iets is, willen we het niet laten schrikken.

Lisa: Goed punt.

Ik neem mijn telefoon mee.

Mark: Voor foto’s?

Lisa: Nee, voor de app.

Voor het geval we iets vinden.

Mark: Oké, laten we gaan.

Lisa: Ik hoop dat het niets engs is.

Mark: Het is waarschijnlijk een muis of zoiets.

Lisa: Een muis?

Dat kan ook.

Mark: We gaan het zien.

Kom op.

Lisa: Ik typ alvast in de app dat we onderweg zijn.

Mark: Goed.

Dan weten de buren dat.

Lisa: Kijk, Sofia reageert al.

Ze zegt: “Dank jullie wel!” Mark: Laten we hopen dat het niet de hele dag duurt.

Lisa: Ja, ik heb vanmiddag nog een afspraak.

Mark: We kijken gewoon even.

Klaar.

Lisa: Oké.

En als het niets is?

Mark: Dan schrijven we dat in de app.

En dan is het klaar.

Lisa: En als het wel iets is?

Mark: Dan weten we dat ook.

Kom op, niet te veel praten.

Lisa: Oké, oké.

Ik kom eraan.

Volledig transcript · gratis

Log in voor quiz, flashcards, chat en PDF

Word lid
0:00

Tekst

Modus

Audio

Pauze