Dutch Fluency
Find my levelLevel
Login

De Eerste Les van de NT2-cursus

Hoi, is deze stoel vrij?

Ja hoor, ga zitten, ik ben Peter.

Ik ben Fatima, jij zit ook in de NT2-groep van juffrouw De Vries, toch?

Klopt, wat vond jij van de eerste les?

Best wel moeilijk, de juf praat zo snel.

Ja, dat vond ik ook, maar ze is wel aardig, zeker.

Ik snap alleen dat woord niet, gezellig, haha, dat snap ik ook niet.

Iedereen zegt het, maar wat betekent het.

Mijn buurvrouw zegt, wat gezellig dat je er bent, maar ook dat feest was niet gezellig.

Raar, dus het kan goed en slecht zijn.

Volgens mij betekent het leuk met andere mensen.

Oké, dus een beetje warm en fijn samen.

Ja, zo iets. Heb jij het huiswerk al gemaakt?

Nog niet, ik moet oefening drie en vier maken.

Ik ook, zal ik vanavond met jou oefenen.

Graag, waar woon jij?

In Lombok, vlak bij het station.

Ik woon in Ondiep, dat is niet zo ver.

Nee, met de fiets is het tien minuten.

Doe jij alles met de fiets?

Ja, ik heb geen auto, jij wel?

Nee, ik ook niet, in Polen had ik een auto, maar hier niet.

Fietsen is goed voor de gezondheid.

En goedkoper, wat doe jij eigenlijk in Nederland?

Ik ben verpleegkundige, ik zoek werk in een ziekenhuis.

Mooi. Ik ben ingenieur, ik werk al bij een bedrijf in Amsterdam.

Dan spreek je al goed Nederlands.

Nee hoor, ik leer nog elke dag.

Op mijn werk praten ze Engels.

Even tussen door, bedankt voor het luisteren.

Reageer onder deze aflevering of stuur me een DM op Instagram.

Dan stuur ik je een speciale kortingskode voor de interactieve versie van deze aflevering.

Veel plezier verder met het verhaal.

Dat is makkelijk, maar niet goed voor je Nederlands.

Precies, daarom zit ik in deze cursus.

Ik ook, ik wil volgende maand solliciteren.

Spannend, heb jij al een CV in het Nederlands?

Ja, maar het is niet perfect, de juf heeft het nagekeken.

Wat zei ze?

Ze zei, let op de woordvolgorde.

Dat zegt ze tegen iedereen, ook tegen mij.

Wat is jouw grootste probleem in het Nederlands?

De lidwoorden, de, het, een, ik weet nooit welke.

Ik ook, waarom is het de tafel, maar het huis?

Geen idee, dat moet je gewoon leren.

Mijn dochter van zeven leert het sneller dan ik.

Kinderen leren, altijd sneller.

Hoe oud is je dochter?

Ze is zeven, ze zit in groep vier.

Spreekt ze al goed Nederlands?

Ja, beter dan ik.

Ze speelt met de buurkinderen.

Dat helpt, kinderen praten de hele dag.

Klopt, soms verbetert ze mij, dat is een beetje grappig.

En een beetje pijnlijk?

Ja, een beetje.

Maar ik lach erom.

Goed zo, fouten maken is normaal.

De juf zegt, fouten maken is leren.

Slimme juf.

Zullen we nu samen oefening drie maken?

Doen we?

Dan maken we daarna oefening vier.

En daarna koffie?

De kantine is open tot vijf uur.

Gezellig.

Nu gebruik je het woord zelf.

Zie je?

Ik leer al iets.

Bedankt voor het luisteren naar Dutch Fluency.

Op Dutchfluency.com vind je de transcript en oefeningen.

Spreek Nederlands, zelfs als je stottert. Tot de volgende keer.

Transcript en quiz · gratis

De quiz is gratis. Log in voor flashcards, chat en PDF

Word lid
0:00
Lees

Tekst

Modus

Audio

Pauze