

Audio1x
Snelheid
Pauze
OefenenLees
Modus
Woordenschat
RICK: Hoi Pieter.
Hoi Lisa.
PIETER: Hoi Rick.
Lekker hier.
LISA: Ja, jouw huis is fijn.
RICK: Dank je.
Ik lees vandaag nieuws.
PIETER: Wat is er?
RICK: Veel kinderen zijn ziek.
LISA: Waar?
RICK: In Indonesië.
Op school.
PIETER: Waarom?
RICK: Het eten is slecht.
LISA: Echt?
Slecht eten?
RICK: Ja, honderden kinderen zijn ziek.
PIETER: Dat is niet goed.
LISA: Nee, kinderen moeten goed eten.
RICK: Het eten is gratis.
PIETER: Gratis?
Dat is mooi.
LISA: Maar het eten is slecht.
RICK: Ja, het eten is vies.
PIETER: Wat is er in het eten?
RICK: Ik weet het niet.
Misschien bacteriën.
LISA: Bacteriën?
Oh nee.
PIETER: Zijn de kinderen nu beter?
RICK: Sommigen zijn beter.
Anderen zijn nog ziek.
LISA: Dat is jammer.
RICK: Ja, kinderen hebben hulp nodig.
PIETER: Hebben zij een dokter?
RICK: Ja, zij gaan naar het ziekenhuis.
LISA: Dat is goed.
PIETER: Maar waarom is het eten slecht?
RICK: De school weet het niet.
LISA: De school is verantwoordelijk.
PIETER: Ja, de school moet goed eten geven.
RICK: Jij hebt gelijk, Pieter.
LISA: Ik eet nu geen rijst.
PIETER: Haha, waarom niet?
LISA: Rijst is misschien slecht.
RICK: Nee, rijst is goed.
Het eten heeft een probleem.
PIETER: Wat is het probleem?
RICK: Misschien is het vlees oud.
LISA: Oud vlees?
Vies.
PIETER: Of de groenten zijn niet schoon.
RICK: Ja, dat kan ook.
LISA: Ik kook thuis.
Dat is veilig.
PIETER: Zeker.
Jij bent een goede kok.
RICK: Ja, jouw eten is lekker.
LISA: Dank je.
Kom je eten?
PIETER: Graag.
Wat maak je?
LISA: Ik maak aardappelen en groenten.
RICK: Dat klinkt goed.
PIETER: En vlees?
LISA: Ja, ik heb kip.
RICK: Kip is lekker.
Maar de kip moet goed zijn.
LISA: Natuurlijk.
Ik koop verse kip.
PIETER: Mooi.
Wij eten goed vandaag.
RICK: Ja, wij hebben geluk.
LISA: Kinderen in Indonesië hebben geen geluk.
PIETER: Dat is waar.
Zij hebben slecht eten.
RICK: Wij kunnen niet veel doen.
LISA: Nee, maar wij kunnen praten.
PIETER: Praten helpt?
RICK: Ja, bewustzijn is goed.
LISA: En wij kunnen goede keuzes maken.
PIETER: Zoals kip kopen?
LISA: Haha, ja.
En verse groenten.
RICK: En schoon water drinken.
LISA: Ja, water is belangrijk.
PIETER: Ik drink nu water.
RICK: Goed.
Water is gezond.
LISA: Zullen wij iets drinken?
PIETER: Ja, ik wil water.
RICK: Ik ook.
Ik haal het.
LISA: Dank je, Rick.
PIETER: En dan praten wij over het nieuws.
RICK: Oké.
Maar geen slecht eten nu.
LISA: Nee, wij hebben goed eten.
PIETER: En goede vrienden.
RICK: Ja, dat is fijn.
LISA: Zeker.
Tot later.
RICK: Tot de volgende.
Alle transcripten en meer Nederlandse verhalen op Dutch Fluency, dutchfluency.com slash transcripts.
OefenenLees
Tekst
Modus
Audio
Pauze