

Audio1x
Snelheid
Pauze
OefenenLees
Modus
Woordenschat
RICK: Hé, jullie kennen die brug bij het Centraal Station?
SOPHIE: Ja, natuurlijk.
Waarom?
RICK: Ik sta daar vanmorgen met mijn fiets.
DEAN: En dan?
RICK: Een toerist vraagt mij de weg.
SOPHIE: Dat is normaal toch?
RICK: Hij vraagt de weg naar het Centraal Station.
DEAN: Ha!
En hij staat er vlak naast?
RICK: Ja, hij staat er vijf meter vandaan.
SOPHIE: Vijf meter!
Dat is echt te grappig.
RICK: Ik wijs gewoon naar het gebouw.
DEAN: En wat zegt hij dan?
RICK: Hij zegt: oh, dat is groot!
SOPHIE: Typisch toerist, hoor.
DEAN: Ik snap dat wel, want Amsterdam is verwarrend.
RICK: Ja, maar het gebouw is enorm.
Je kunt het niet missen.
SOPHIE: Nee, echt niet.
Het is het grootste gebouw bij het water.
DEAN: Misschien keek hij de andere kant op.
RICK: Ja, hij had een grote kaart voor zijn gezicht.
SOPHIE: Haha, dan zie je niks meer.
RICK: Precies.
Arme man.
SOPHIE: Ik was ook een keer verdwaald hier.
DEAN: Jij?
Maar jij woont hier al lang!
SOPHIE: Ja, maar ik had mijn bril niet mee.
RICK: Dat is een goed excuus, Sophie.
SOPHIE: Het is geen excuus, het is de waarheid!
DEAN: Zonder bril zie je geen straatnamen.
SOPHIE: Precies.
Alles was wazig.
RICK: Hoe lang was je verdwaald?
SOPHIE: Bijna een half uur.
Ik belde mijn vriend voor hulp.
DEAN: Haha, en hij woont ook in Amsterdam?
SOPHIE: Ja, gelukkig wel.
DEAN: Ik ga altijd met de metro, want fietsen is gevaarlijk.
SOPHIE: Gevaarlijk?
Jij bent gewoon lui.
DEAN: Nee, ik ben slim.
RICK: Gisteren ging ik bijna onderuit op de tramrails.
SOPHIE: Au!
Dat doet pijn.
RICK: Ik was op tijd, maar mijn koffie niet.
DEAN: Je koffie viel?
RICK: Ja, alles op mijn jas.
SOPHIE: Arme Rick.
DEAN: En je jas dan?
RICK: Die rook de hele dag naar koffie.
SOPHIE: Dat is eigenlijk wel lekker.
DEAN: Ik wil ook een koffiegeur-jas.
RICK: Haha, koop er dan een.
SOPHIE: Of val gewoon van je fiets met koffie.
RICK: Ja, dat is de goedkope versie.
SOPHIE: Amsterdam heeft altijd zulke rare dingen.
DEAN: Elke dag is anders hier.
RICK: Vorige week zag ik een man met een gans.
SOPHIE: Een gans?
Op straat?
RICK: Ja, gewoon op de Albert Cuyp.
DEAN: Aan een riem?
RICK: Ja, alsof het een hond was.
SOPHIE: Dat is normaal in Amsterdam.
DEAN: Ik zag een keer een kat op een fiets.
RICK: Een kat op een fiets?
DEAN: Ja, in een mandje voorop.
SOPHIE: Dat zie je hier elke dag.
RICK: Ik wil ook een kat op mijn fiets.
DEAN: Jij hebt geen kat.
RICK: Dan koop ik er een.
SOPHIE: Eerst een nieuwe jas, dan een kat.
RICK: Goede planning, Sophie.
DEAN: Wonen jullie eigenlijk al lang in Amsterdam?
SOPHIE: Ik woon hier al acht jaar.
RICK: Ik was hier student en bleef gewoon.
DEAN: Ik kwam hier voor werk.
SOPHIE: En nu ga je niet meer weg?
DEAN: Nee, want de bitterballen zijn te goed.
RICK: Dat snap ik heel goed.
SOPHIE: En de bitterballen hier zijn echt beter dan in andere steden.
DEAN: Ja, dat is geen mening, dat is een feit.
RICK: Haha, een heel belangrijk feit.
SOPHIE: Amsterdam houdt je vast.
DEAN: Letterlijk, want de fietsen blokkeren alles.
RICK: Haha, dat is zo waar.
SOPHIE: Maar we houden er toch van.
DEAN: Ja, het is een rare stad maar onze stad.
RICK: Precies, gewoon een dag in Amsterdam.
SOPHIE: Elke dag een nieuw verhaal.
DEAN: Morgen weer een toerist bij het station.
RICK: Of een gans op de tram.
SOPHIE: Haha, dat wil ik zien.
DEAN: Nog een rondje bier?
RICK: Ja, graag!
SOPHIE: Doe maar.
RICK: Tot de volgende keer.
Alle transcripten en meer Nederlandse verhalen vind je op Dutch Fluency, dutchfluency.com slash transcripts.
OefenenLees
Tekst
Modus
Audio
Pauze