Dutch Fluency
Find my levelLevel
Login

Zorgverlener ontslagen na vreemd plan

Het is maandagmorgen in een zorgcentrum in Den Haag.

De zon schijnt door de ramen.

In de gang ruikt het naar koffie en schoonmaakmiddel.

Mark is teamleider.

Hij loopt naar de kamer van zijn collega Peter.

Peter werkt al tien jaar met mensen met een beperking.

Mark heeft een brief in zijn hand.

Zijn gezicht is ernstig. ‘Peter, we moeten praten,’ zegt Mark. ‘Ik heb je plan gelezen.

Het plan voor een zonvakantie naar Curaçao.’ Peter kijkt op van zijn computer. ‘Ja, mooi hè?

De cliënten verdienen een leuke vakantie.

Ze hebben het niveau van een baby, maar ze voelen de zon en het strand echt wel.’ Mark schudt zijn hoofd. ‘Peter, dit kan niet.

Een vliegreis van negen uur.

Een nieuw land.

Andere temperatuur.

Dat is veel te veel voor hen.

Ze raken in de war.

Ze kunnen niet tegen die warmte.’ ‘Maar ik ga mee,’ zegt Peter. ‘Ik zorg voor hen.

Ik heb alles geregeld.

Een speciaal hotel met begeleiding.

Een dokter in de buurt.

Alles.’ Mark zucht. ‘Je hebt het niet met mij overlegd.

Je hebt het niet met de familieleden besproken.

Je hebt het niet met de directie besproken.

Je hebt gewoon een plan gemaakt en geboekt.’ Peter wordt boos. ‘Ik doe dit voor de cliënten.

Ze hebben nooit iets leuks.

Altijd maar binnen.

Altijd maar hetzelfde.

Ik wilde iets bijzonders doen.’ ‘Dat snap ik,’ zegt Mark zacht. ‘Maar je moet je aan de regels houden.

En je moet veiligheid voorop stellen.

Dit plan is niet veilig.

Ik moet je helaas schorsen.

En waarschijnlijk ontslaan.’ Peter staart naar zijn scherm.

Zijn handen trillen. ‘Ontslagen?

Na tien jaar?’ ‘Het spijt me,’ zegt Mark. ‘Maar je hebt een grote fout gemaakt.

Dit kan echt niet.’ Peter staat op.

Hij pakt zijn jas.

De jas is blauw.

Hij loopt naar de deur.

De deur is zwaar.

Hij opent de deur langzaam.

De gang is stil.

Hij ruikt de koffie niet meer.

Hij hoort alleen zijn eigen voetstappen.

Hij denkt aan de cliënten.

Aan hun lach.

Aan hun blijdschap.

Hij ziet hun gezichten voor zich.

Hij hoort hun stemmen.

Hij wilde zo graag dat ze de zee zouden zien.

De zee met blauw water en wit zand.

Maar hij vergat de regels.

Hij vergat het overleg.

Hij voelt zich verdrietig en boos tegelijk.

De zon schijnt nog steeds, maar voor Peter is het een grijze dag.

Hij loopt naar buiten.

De lucht is fris.

Hij hoort vogels.

Hij ruikt het gras.

Hij denkt aan de cliënten.

Hij denkt aan hun lach.

Hij denkt aan de zee.

Maar hij denkt ook aan de regels.

Hij zucht diep.

Hij loopt langzaam naar huis.

De zon schijnt nog steeds.

Maar voor Peter is het een grijze dag.

Onderweg kijkt hij naar de bomen.

De bladeren zijn groen.

Hij hoort de vogels nog steeds.

Hij denkt aan de brief in Marks hand.

De brief was wit.

Hij denkt aan de koffie in de gang.

De koffie was warm.

Hij denkt aan de cliënten.

Hij ziet hun lach weer voor zich.

Hij hoort hun stemmen weer.

Hij wilde zo graag dat ze de zee zouden zien.

De zee met blauw water en wit zand.

Maar hij vergat de regels.

Hij vergat het overleg.

Hij voelt zich nog steeds verdrietig en boos.

De zon schijnt nog steeds.

Maar voor Peter is het een grijze dag.

Hij loopt door.

Hij zucht nog een keer.

Dan gaat hij naar binnen.

Hij gaat zitten.

Hij kijkt uit het raam.

De zon schijnt.

Maar voor Peter is het een grijze dag.

Tot de volgende.

Open de interactieve speler op dutchfluency.com slash transcripts.

Tik op een woord als je vastloopt.

0:00
Settings

Text

Mode

Audio

Pause