Audio1x
Speed
Pause
PracticeRead
Mode
Woordenschat
Je bruin is eigenlijk verrassend slecht in het onderscheiden van dreigingen, weet je dat?
Ja, echt heel slecht.
Kijk, vanaf een evolutione perspektief, maakt het voor ons hechts een heel muniservel uit of een gevaar zich vijf jaar geleden afspeelde.
Of dat het zich op dit moment, zeg maar duizend de kilometer verder op bevindt.
Precies. Of dat het letterlijk nu naast je in de auto zit.
Exakt.
Voor dat oor oude deel van ons bruin is dan ons inpelweg gevaar.
En we doen de meest fascinerende en soms volstekt onlogische dingen om daar mijn taal mee om te gaan.
Dus welkom bij deze nieuwe verkending.
Ja, welkom.
We duiken vandaag voor jou in een stapel bronnen die op het eerst de gezicht, nou ja, echt helemaal niets meer elkaar te maken hebben.
Het zijn drie toetal verschillende levensverhalen uit Nederland.
Klaopt.
We hebben een jonge voetballer, we hebben een schoonmijsje in een bus, en een nogal beschonken automobilist in Amsterdam.
En onze minciën vandaag is ontdekken hoe ze allemaal worstelen met precies hetzelfde fenomen,
namelijk reizen met onzichtbare begaasje, zoals letterlijk als figuurlijk.
Ja, en als we dit koppelen aan het grotere plaatje, dan zien we dat deze drie verhalen ons iets fundamentals vertellen over de menselijke psychologie.
Het gaat er eigenlijk niet om wat deze mensen precies mee maken.
Nee, het gaat er om hoe ze de balans proberen te vinden, die balans tussen angst, verantwoordelijkheid en ergens ook hoop.
Zouden ons echt een spiegel voor als het gaat om controle?
Ja of nee, ja, de ilusie van controle toch.
Precies dat.
Hoe we houdt vast zoeken in onbeduidende objecten of humor?
Oké, laten we direct in dat eerste verhaal stappen.
Verzijningsvolle, het regent buiten, woont het daan, een jongen van 20.
Zinneveriek is vanuit een hagelbezoek en ze zitten gewoon, weet je wel, aan de tee met brood.
Ja, heel huiselijk.
Ja, maar de olie van tinderkamer is een tas, een tas met voetbalschoenen, die naast de stil van Daan staat.
Daan staat ernaar, want we...
Hij wijgen tot een hele tijd om het voetbalveld op te gaan.
En met een goede reden?
Zeker.
Het racht een gigantisch waartrouw met zich mee, opgelopen bij zijn eigen voetbalclub.
De war op een dag op een keihard knallen, paniek, hij zat verstopt onder een tafel en dacht alleen maar aan zijn moeder.
Ja, dat is intensen doodzangst.
Precies, dat soort angst wist je niet zomaar uit.
Maar goed, vandaag ligt hij als er niet voor niet.
Er is iets fundamentals veranderd.
Hij hoorde in het nieuws dat de dader, de genet die verantwoordelijk was voor die knallen, 16 jaar cel heeft gekregen.
En daan noemt dit heel mooi eigenlijk een dichte deur.
Ja, die termes psychologisch gezien erg briljant.
Hoe zodo?
Nou ja, zo'n uitsprek van een rechter is veel meer dan alleen maatschappelijke gerechtigheid.
Het is verdaam een neurologische nieuw.
Kijk, zo lang in een situatie onbeslist is, of een dader vrij rondloopt,
dan blijft het brein van een slachtoffer in een soort chronische staat van alarm.
Het blijft de dreigingskennen.
Exact, het blijft omweus die dreigingssimuleren.
Maar die 16 jaar cel creëert een harde, externe grens.
Het vertelt zijn zenuels zelfs wel eigenlijk van, oké, het akutige vaar is ingekaderd.
En daardoor is het dus ubrouwd weer ruimte om die tas op te pakken?
Ja, precies.
Het geeft die broodnodige afsluiting.
Maar toch, hij is nog steeds heel terughoudig, he.
Hij zegt ergeriek dat hij alleen maar even veel kijk op de club klopt.
En dan gebeurt er iets in dat verhaal in de opbouw naar dat moment toe,
wat ik zo fascinerend vond, ze gaan eerst nieuwe zoggekopen voor dan.
Ja, hij had gehad bij z'n tene.
Ja, hij zegt letterlijk, heel droog.
Mijn tene willen ook naar buiten en een kieste nieuwe dure blauwe zokken.
Maar hij vindt ze zo'n ideo dure dat hij grapt.
Voor dat geld moeten ze zelf kunnen voetballen.
Hummer als overlevensmegen is men.
Ja, en het gaat maar door.
Iemand onderweg vertelt Nevrik over zijn fiets in Den Haag,
die blijkbaar klinkt en dit is een letselijke kwot,
als een eent met een slechte dag.
Fantastisch dit tijd.
Dan doet het eentig geluid na een kind lacht.
Oké, laten we dit uitpakken.
Ik stel me voor dat trauma een soort veel te zwaar rugzak is,
die ongemerkte altijd draagt, tot dat je probeert hard te lopen
op dat groene veld.
Hoe fungeren dit soort onnouzelig grapjes nou als een brug
onder je rugzak even af te zetten?
Dat is een hele goede analogie.
Kijk, het lijkt heel trivial die grapjes over zokken en eenden.
Maar het is een cruciaal biologisch meegenisme.
Als je richting een plek gaat waar je zo'n doodzangst hebt ervaren,
dan neemt de amiechtelaar de controle over.
Het angcentrum, toch?
Ja, het angcentrum in je brein.
Dat de fechtvlucht bevries reactie aanstuurt.
Het deel dat daandwong om onder die taal te kruipen.
Maar de amiechtelaar kan niet goed nadenken.
Het regert puur op in pils.
Oké.
Maar humor daarin tegen is cognitief ontzettend complex.
Om een grap over een eent met een slechte dacht te verzinnen,
of te snappen, moet je brein de prefrontale cortex activeren.
Oh, dat is het logische deel voor aan je hoofd.
Precies, je dwingt je brein letterlijk om te schakelen
van het paniekcentrum naar het rationele centrum.
Je kunt niet en een complexe grap maken en in totaal blinden paniek zijn.
Wow.
Dus die humor is letterlijk een soort neurologische handrem op zijn angst.
Exact, het trekte de reging terug naar het alle dagen.
Prachtig.
En het werkt, want ze komen aan op de club.
En je ruikt als het waren het natte gras in het verhaal.
Je ziet die witte lijnen, een ballrottsen kant op en hij stopt hem reflexmatig.
Het liggen we nog precies wat het moet doen.
Ja.
En hij besluit mee te doen.
Hij trekt die veel te duren blauwe zokken aan.
We bijna de 1e eerst aan de verkeerde voet zit,
waardoor die concluderde dat zinnen dat niet zelf kunnen voetballen.
Ja.
Maar gaat het veld op.
Alleen, hij speelt maar 10 minuten.
Ze wangen zijn rood, zijn haar is nat en hij vraagt nog lachend of je langer mag.
Maar neef Rick wijst reis de resoluut naar hun tas en ze stoppen er mee.
Waarom mag 10 minuten?
Als hij er toch staat.
Omdat dit echt de puurste vorm van Exposure Therapie is.
Bloodstrengste Therapie.
Het doel vandaag is helemaal niet om de wedstrijd te winnen.
Of om zijn conditie te testen.
Zijn doel is puur bewijzen dat het veld weer veilig is.
Hij neemt de regie terug in behapbare stukjes.
Precies.
Als hij een hele wedstrijd zou spelen, introduiseer je onvoorspelbaarheid.
Misschien een harde tekel, vermoeiteheid of een onverwachtig knal ergens verderop.
En dan ben je weer terugbeelden.
Dan risker je haar traumatiseringje.
Dan precies 10 minuten te spelen stopt hij op het hoogtepunt.
Hij behouden controle en sluit het af met een succes ervaren.
Indrukwekkend.
Dan wordt het dus met een lokaal trauma.
Een gebeurdende is uit het verleden op een specifieke plek.
Maar wat als je begag je geen verleden tijd is?
Wat als het een akuten, onzichtbare dreiging is in het heden,
maar dan duizend de kilometer's verderop?
Ja, een verschuifte dynamiek enorm.
Dat brengt ons bij tweede verhaal.
We stappen in een gele schoelbus.
Neverrik uit het vorige verhaal is nu gewoon Leraar Rick.
Klaopt.
Hij zit in de bus met zijn klas.
Het regent.
En Rick morst prongelen koffie op een grote landkaart.
Leerlingbicie lacht de eerst.
En roept.
Nu zwemmen de vissen in jouw koffie.
Leukes veer.
In eerste instantie.
Ja, heel onschildig.
Maar direct daarna valt bicie helemaal stil.
Ze kijk naar een rode tas en blijft maar naar haar telefoon staren.
Ze maakt zich namelijk vreselijke zorgen over een ziekte uitbraak in Afrika.
Ja.
Er is in het nieuws dat er nu ook een man ziek is in Igeria.
En lateraar wordt ons daar nou net liggen.
haar moeder werkt daar op dit moment in een winkel.
Bicie belt haar moeder vanuit de bus.
Puur om haar stem te worden.
Wat hier fascinerend is is de sociologische kant van dit verhaal.
Het gaat om het gigantische contrast.
Ja, want je leest over een jongen, Tom, die intens gelukkig is dat ze benaan niet geplet is.
Ja.
En Leraar Rick wiens prood compleet plat gedrukt is onder een dikboek.
De absolute banaliteit van een Nederland schoorrijsje.
Precies.
En mide in die knulligheid zit een meisje via een onzichtbare lijn in verbinding met een existentiele
crisis in Igeria.
Maar, en hier wordt het echt interessant, ik bleef haken bij dat telefoon gesprek.
Oh ja.
Bicie spreekt haar moeder, die is gewoon aan het werk.
En die moeder waarschuwt Bicie die dus in een veilige bus in Nederland zit om haar jas dicht te doen.
Ja.
Is die waarschuwing dat doe je jas dicht?
Niet eigenlijk gewoon een vanhopige poging om op afstand moederschap uit te oefenen in een situatie
waar ze totaal geen controle over heeft.
Technologie maakt de wereld klein, maar de angst is ook gigantisch groot.
Daar slijden spijker op z'n kop.
Dus inderdaad precies dat.
Die moeder kan dan een epidemie in Igeria niet stoppen.
Ze is mag de loos tegen dat grote gevaar.
Dus wat doet ze?
Ze pak de regie over het enige wat ze wel kent, zorgen voor haar kind.
Zelfs als het kind duizend de kinimetres vetrop zit en alleen maar last heeft van de beetje regen.
Exakt.
Het is een eluysie van controle.
Een Bicie doet zelf eigenlijk iets vergelijkbaar met een object.
Die blauwe koffer.
Juist.
Bicie heeft een blauwe koffer gekocht, want ze zou volgende maat naar Igeria reizen.
Blau is de lievelingskleur van haar moeder.
In het museum zien ze oude boten en Bicie kopt daarna een kaart van een blauwe zee.
Die kleur blauwe is overal.
Ja.
En dan stuurt haar moeder een foto terug van die blauwe koffer die daar in de slaapkamer staat met een hartje.
Waarom clampen ze zich zo vast aan die koffer?
Omdat hij fysieke objecten, die koffer, die rode tas, de kaart, vergeren als emotionele anchers.
Een reis in de toekomst is onzeker met zo'n uitbraak.
Het is abstract.
Maar een blauwe koffer die ook klaar staat in een kamer.
Dat is tastbaar bewijs van hoop.
Een soort fysieke bewijs dat de toekomst gewoon doorgaat.
Precies.
Dat geeft ze iets concrete om een hoop aan vast te maken.
Maar dan zorgt controle over het verleden op het veld.
Bicie zoekt controle over de toekomst, via die telefoonlijnen en die koffer.
Wij de situaties gingen over dreigingen en die ze niet zelf hadden veroorzaakt.
Maar we zien in ons laatste verhaal iemand die de controle juist volledig uithanden geeft.
Door puuren over moet, tijdens een reis die zelf levens gevaardig wordt.
En dat is waar de mieten van controle echt problematie zorgt.
Ja, we gaan naar een zaterdagavond in Amsterdam.
Bram stapt uit het café.
Hij draagt een groene jas en een oude rode muts.
Hij heeft flink wat bierch dronken, hij stapt toch in zijn auto.
Heel onverstandig.
Zeker.
Hij moet bij zijn vriendin lotten twee jongens slangen op halen.
Bruin met donkere vlekken.
En let op.
Bram houdt het plastic bakje op.
Zet het uitdust voorzichtig tussen de voorstoolen en maakt zelfs nog de grapp.
Je hoeft geen kaartje te kopen.
Zijn over moet je zegt stuitend daar.
Ja.
En er wordt hier bij een brug in de koude lucht aan de kant gezet door agentellen.
Hij moet blazen, valt hopeloos en raakt in paniek.
Hij probeert Ellen dan te wijzen op zijn stille gasten die slangen.
Ja.
Maar agentellen is onverbeerlijk en zegt, die zie ik hier niet elke avond.
Maar u mag niet rijden naar zoveel bier.
Uiteindelijk komen vriendin Lotten en haar nuchtere broer die hier ook de hele avond te heeft gedronken.
De slangen redden.
Een pijnlijke afgang.
Dat is nog zachtig uitgedrukt.
Lotten levert de pijnlijkste, maar misschien wel de beste kwot van deze hele analyse.
Ze zegt tegen Bram.
Een boek over dieren leert je niet alles.
Bram gaat met de taxi naar huis en neemt zich voor de volgende keer de tram te pakken.
Maar luister, ik zat hierover na te denken.
Vertel.
Stel je voor.
Je hebt een parachuteist.
Je pak met oud te precies je parachute in.
Je weet alles over de winstroomingen, de luchtvochtigheid, noemen er op.
Maar je vergeet die porus u daadwerkelijk om te doen als je uit het licht hergespringt.
Ja.
Bram weet alles over die slangen, wat ze eten, de exacte temperatuur van de kamer.
Hoe kan iemand zo hyper verantwoordelijk zijn voor de natuur en zo blind voor zijn eigen levensgevaarlijke gedrag?
Dit roept een belangrijke vragen op over hoe we onszelf voor de gek houden.
Wat je hier heel helder ziet, is extremen kochtnitieve dissonatie.
Oké, leg dat eens uit.
Bramvertoont roekenloos azociaal gedrag door dronken te rijden.
Maar hij ziet zichzelf verschijlijk als een goed verantwoordelijk mens.
Om die twee tegen strijdigheden met elkaar te rijmen in zijn hoofd, kompenseert hij.
Door extra goed voor die slangen te zorgen.
Ja.
Hij doet zo verantwoordelijk over die specifieke kleine nietsen die slangen, dat hij in zijn eigen beleving ontheven is van de algemene menselijke regels.
Agente Ellen trap daar gelukkig totaal niet in, ze laat zich nul afleiden door die exotische lading.
Gelukkig maar.
En Lotters opmerking slaat de spijker op zijn kop.
Het benadrukte gigantische verschil tussen Theorie, dus die boekenwijsheid van Bram en praktijk.
Of terwijl levenswijsheid en echte verantwoordelijkheid nemen.
Ja, Theorie vs praktijk.
Dus wat betekent dit allemaal?
We hebben nu drie verschillende soorten reizen gezien.
Ja.
We zagen taansrijs uit het verleden naar herstel met die absurde te dure blauwe sokoop dat grasveld.
We zagen bici-serijs over de wereld via de telefoonlein naar haar moeder, met de blauwe koffer.
En we zagen Brams compleet misleukte, fysieke reis, door zijn eigen stomiteit met de twee slangen.
Klopt.
De les voor jou, als luisteraar, is eigenlijk dat iedereen die je ziet in de bus, op het veld of bij een stoplicht,
een vorm van onzichtbare bagage met zich meetraagt.
Positief of negatief.
En weet je wat ik daar aan toe zou willen voegen als laatste gedachten?
Ja.
We hebben het heel erg gehad over de opjekte uit deze bronnen, toch?
Een tas met voedbasgroene, een blauwe koffer, een plastikbakje met slangen.
Maar wat als de spullen die we vaak zo krampachtig vast houden, helemaal geen praktische waarde hebben?
Wat zijn het dan wel?
Wat als het simpelweg spiegelst zijn.
Spiegelst die ons laten zien hoeveel we verlangen naar controle in een wereld die eigenlijk gewoon altijd onverspelbaar is.
Of dat nou komt door geweld, zoals bij Daan, ziekte, zoals bij Bici, of onze eigen slechte keuze, zoals bij Bram.
Dus de vraag die we ons zelf eigenlijk moeten stellen is...
Wat is de blauwe koffer die jij vandaag met je meetraagt?
Welk opjekt gebruik jij om jezelf de illusie van controle te geven?
Dat is een gedachte om even goed over te laten bezinken.
Wat is jouw blauwe koffer?
Ons zet ik bedankt voor het meedenken en meeluisteren bij deze verkening.
We hopen dat je er met net zoveel verwondering naar hebt geluisterd als wij.
Zeker weten, bedankt voor het luisteren.
Tot volgende keer.
Settings
Text
Mode
Audio
Pause