

Audio1x
Snelheid
Pauze
OefenenLees
Modus
Woordenschat
Kees woont in een klein huis.
Het is ochtend.
Kees ligt in bed.
Hij slaapt nog.
Dan hoort hij een hard geluid.
Het geluid is heel hard.
Het is een sirene.
Kees schrikt.
Hij zegt: "Wat is dat?" Hij springt uit bed.
Hij rent naar het raam.
Hij kijkt buiten.
De straat is rustig.
Er is geen brand.
Er is geen politie.
Maar het geluid is er nog.
Kees is bang.
Hij denkt: "Misschien is er een brand in mijn huis." Hij ruikt de lucht.
Hij ruikt niets vreemds.
Maar de sirene is heel luid.
Kees loopt naar de keuken.
Hij kijkt in de kamer.
Niets is aan de brand.
Hij loopt naar de badkamer.
Niets is aan de brand.
Hij loopt naar de gang.
Dan hoort hij het geluid van zijn telefoon.
Zijn telefoon ligt op de tafel.
De sirene komt uit zijn telefoon!
Kees kijkt naar zijn telefoon.
Het is zijn wekker.
Hij heeft de wekker gezet voor een afspraak.
Maar hij is de afspraak vergeten.
Kees lacht.
Hij zegt: "Oh, het is mijn alarm.
Niet een echte sirene." Hij zet het alarm uit.
Het is stil.
Kees voelt zich een beetje dom.
Hij gaat naar de keuken en drinkt een kopje koffie.
Hij denkt: "Ik was echt wakker geworden." De dag begint goed.
Kees lacht nog een keer.
Een alarm is niet eng als je het zelf hebt gezet.
OefenenLees
Tekst
Modus
Audio
Pauze