Audio1x
Speed
Pause
PracticeRead
Mode
Woordenschat
De man drinkt beer, de man rijdt auto, de vrouw koopt ploemen, de vrouwen stoot.
Ja, dat klinkt er echt, als een soort kinderboek bijna.
Precies. Als je nieuwe taal leert, klinkt de zinnen in je lesmaterieal altijd zo.
volledig veilig, heel erg overzichtelijk.
En vooral gestript van elke form van complexiteit.
Heel klinisch, ja. Heel klinisch.
Maar goed vandaag duiken we dus in een wekelijkste week-app van het Nederlandse nieuws.
En dit is specifiek geschreven op dat simpale a2 taal niveau.
Dold voor mensen die de taal nog aan het leren zijn.
Klopt.
En we gaan ontdekken hoe juist die ultra-korte, klinische zinnen de meest duisteren,
rauwe, menselijke tragedies en blinde vlekken kunnen bloot leggen.
Dus welkom bij deze nieuwe verkending.
Ja, dank je. Ik heb je zin in.
Oké, laten we dit eens uitpakken.
Want we hebben vandaag echt een ongelofelijk fascinerend contrast voor ons liggen, vind ik.
Absoluut.
Aan de ene kant de meest basale grammatica die je maar kunt bedenken.
En aan de andere kant de absoluutige gaals van het menselijke bestaan.
Ja, en weet je wel wat deze teksten zo krachtig maakt.
Is dat ze ons echt dwingen om voorbij de oppervlak te te kijken?
Zonder de afleiding van ingewikkeld jaar goon, of van die zware literaire constructies,
blijf je echt over met een nakedessensie van ons gedrag.
Je kunt je nergens achter verschuilen.
Nee, precies.
Kijk, we lopen allemaal rond met het idee dat we de volledige controle hebben over ons leven, toch?
Oh ja, ik heb mijn lijstjes, maar genda alles onder controle.
Precies, we plannen ons de dagen, we vinken netjes ons de lijstjes af.
We houden ons stevig vast aan ons routine.
En deze twee verhalen van vandaag houden ons echt een snoeihardespiegel voor.
Ze laten veilig zien hoe we onszelf voor de gek houden,
en hoe onvorspelbaar de wereld om ons heen werkelijk is.
Zeker weten, laten we dan maar direct in de setting stoppen.
We hebben twee verhalen die zich afspelen op twee regenachtige dagen in Nederland.
Twee momenten waarop de scheinbare controle volledig, maar dan ook echt volledig uit iemand's handen gelukt.
Ja, twee heel verschillende situatie, zo.
Klopt, we beginnen in Amsterdam, het zijn zaterdagavond, missen-tumbeetje.
En we volgen een man genaamd bram.
Oké.
Bram draagt een groene jas en een oude rode muts.
Hij heeft net in een heel druk café behoorlijk wat bier zit te drinken met de vriend.
Het is gezellig, maar goed, dan begint het al.
Precies.
Hij heeft het warm, voelt zich fantastisch en is onderweg naar de andere kant van de stad,
naar een vrouw die lotteheid.
Maar bij lotte haalt hij namelijk twee jonge bruine slangen met donkere vlekken op.
Slangen?
Oké.
Ja, slangen.
En dit is dus exact het moment waarop het vrahal zo bizar tegenstrijdig wordt.
Bram is namelijk extreem zorgzaam als het om deze koudbloeden gedieren gaat.
Jij hebt je goed ingelezen?
Nou, en of.
Hij boeken gelezen, hij weet exact wat ze eten en hij weet precies hoeveel graden hun kamer moet zijn.
Thuis staat het perfecte ecosysteem om voor ze klaar, met warm te lampen en alles.
Een echte liefhebber dus op dat vlak te minsten?
Op dat vlak wel.
Maar dan, en hier gaat het miss, stijf van de alcohol, loopt hij naar zo'n auto.
Hij zet de kleine plasticbak met deksel waar die slangen in zitten.
Echt heel zorgvuldig klem tussen de voorstoeden.
Hoezo?
Hij zegt nog zachtjes tegen die beesten.
Nou, jullie hoef geen kaartje te kopen.
Hij lacht om zijn eigen grapje.
Zet een vrode glietje op de radio aan en rijdt gewoon die donkere straat in.
De absurditeit van die situatie is bijna niet te bevatten als je de logisch overnadeinkt.
Het is echt de ultieme blinde vlek in actie.
Nou, ik zat dat stuk dus te lezen en ik zocht naar een manier om dat te begrijpen.
En? Lukt er dat?
Nou, eerst dacht ik, oké.
Hij is gewoon als een hyperefocus de projectmanager die een briljante spreadsheet bouwt,
maar er gewoon vergeten stekker in het topkontakte steek.
Ja, soort slurighetsvoud.
Precies, maar dat klopt eigenlijk niet.
Dat is een simpele vergissing.
Wat Bram hier doet, verijst echt actieve mentale gymnastiek.
Het is als of je een overtuigd, luutruchtig milieuactivist bent die wij het vlees te eten,
maar vervolgens wel dood leuk, speciaal en een klimaatprotest vliegt in een privéjet.
Dat is een hele goede vergelijking, ja.
Je brein moet dan een gigantische, onderdringbare muurbouwen tussen die twee feiten,
want anders stort je jezelf in elkaar.
Hoe kan Bram nou zo gefocus zijn op de veiligheid van de paarslangen?
En echt totaal blind zijn voor de levensvervaarlijke situatie die hij voor andere mensen op de weg creëert?
Nou ja, dat komt op een menselijke brein een meester in zelfbescherming.
Wat je hier beschrijft, dat is de puurrewerking van cognitieve dissonantie.
Gecombineerd met een extremerform van tunnelvisie.
Tunnelvisie? Ja, leg dat uit in deze context.
Om dit echt te begrijpen, moet we kijken naar wat er neurologisch en psychologisch bij hem gebeurt.
Bram heeft voor zichzelf een heel sterk internaaratief opgebouwd.
Zijn verhaal is, ik ben een uiterst verantwoordelijke dierenliefhebber.
Ik heb de teorie bestudeerd, ik heb de perfecte warmkamer voor zich gebouwd.
Hij voelt zich de held van zijn eigen verhaal.
Exact, dat is zijn identiteit op dat moment, maar de realiteit is natuurlijk,
ik ben dronken, ik bestuur een zwaar voortuig en ik ben op dit moment een gigantisch gevaar op de weg.
En dat botst? Dat botst enorm.
Die twee waarheden kunnen absoluut niet naar zo'n kaar bestaan.
Ze veroorzaken enorme psychologische vrijving.
En ons brein ervaart die vrijving letterlijk als stress als een akute dreiging voor het ego.
Wow, oké, dus het brein raakt hem paniek.
Ja, en om die stress op te lossen, snijdt het brein het schadelijke deel van de realiteit z'n proweg weg.
Bram baut zijn hele wereld op dat moment uit sluitend rondom die plasticbak met slangen.
Dus de rest van de wereld bestaat niet meer?
Helemaal niet.
De andere auto's, de fietsers, de verkeersregels, pof weg.
Ze bestaan even niet in zijn hoofd.
Totdat en dat is mooi, totdat de realiteit keihard op zijn ruimtje tikt.
Letterlijk in dit geval.
Ja, bij een brug verderop stuit er namelijk op een politiecontrole.
Agente Ellen, zoals in het verhaal heet, laat hem stoppen.
Bram moet uitstappen en blazen in zo'n apparaat het hei, exiteren uit het tekst,
alleen kent van de televisie.
Ja, hier heeft hij dit al jaren.
Prachtig toch. En dan ontploft die bubbel van hem dus.
Zijn auto moet blijven staan, maar en dit is fascinerend.
In plaats van dat hij meteen inziet hoe dommer hij is geweest,
gebruikt die de slangen gewoon als excursie.
Natuurlijk, het ego-vechtrug.
Ja, wij is naar die plasticbak, noemt ze zijn let op twee stille gasten.
En probeer het echte frame als of hij juist heel verantwoordelijk is
om dat hij voor die dieren moet zorgen.
Wat een piezer.
Ja, en probeer het letterlijk zijn goede zorg voor de slangen in te zetten
als een soort vrijstelling voor zijn wanggedrag op de weg.
En dan is het prachtig om te zien hoe agenten ellen daarop reageert.
Zij is daar echt de ultieme vertegenwoordiger van de kouden nuchtere realiteit.
Wat hier zo interessant dan is, is dat ze totaal niet meegat in zijn verhaal.
Ze geeft geen krimp.
Nee, ze dont genenkele interesse in de exotische art van zijn passagiers
of zijn goede bedoelingen.
Ze snijd echt direct door die cognitieve mist heen met een hele simpel constatering.
Oh ja, wat zijn ze ook alweer?
Ze zegt en dit staat zo in het tekst, de dieren zijn niet het grootste probleem.
U mag niet rijden naar zoveel bier, punt.
Bam! Ja, dat duidelijk.
Ja, dat is dus de kracht van die A2 te halen.
Is gewoon geen enkele ruimte voor manipulatie of voor allebei voorzachte nonstandigheden.
Ellen vileert zijn illusion van controle echt tot op het bot.
En dan komt natuurlijk de genade slag voor brandsego.
Hij is gestrand en hij moet Lotta bellen.
Je weet wel, de vrouw van wie hij die slangen een uurtje daarvoor heeft gekocht.
Pijnlijk. Erg pijnlijk.
Zij moet hele mannen die brucht toe komen om haar oude slangen te redden.
Ze komt niet alleen, ze heeft haar broer meegenomen die en dit wordt heel droogjes in de tekst vermeld.
alleen thee heeft gedronken en nuchter is.
En het contrast kan niet groter? Nee, exact.
Lotta is voerdend en brand die nog steeds van hopig zoek naar de manier om zich gezicht te redden.
Verscheld zich opnieuw achter zijn teori. Hij mond dat niet van, ja, ik weet veel over hun eten en hun kamer.
Maar ik denk niet goed na over mijn eigen reis.
En de reactie van Lotta erop is misschien wel, het meest diep gaan de moment van dit eerste verhaal vind ik.
Vertel.
Ze kijkt hem aan en ze zegt, een boek over dieren leertje niet alles.
Kijk, en dit is niet zomaar een boze opmerking van een verkoper.
Het is eigenlijk een fundamentele kritiek op hoe we in onze maatschappij kennis waarderen.
Hoe bedoel je dat precies in deze context?
Nou, we leven een wereld die Theorie, Veiten en data enorm prijst.
Bramdag dat hij de hele situatie meester was, pur omdat hij de feite kende, hij wist het iët, hij wist het temperatuur.
Hij had zijn huiswerk gedaan.
Precies, maar Lotte wijste hem hier op het cruciële verschil tussen intellectuele kennis en praktische, morale levenswijsheid.
Oh wow.
Ja, kijk, kennis is weten hoe een slaan over leeft, toch?
Maar wijsheid is beseffen dat jouw beslissing om dronken in een auto te stappen, een heel systeem van levensverwoestende gevolgen in gang kan zetten.
Je kunt de theorie nog zo goed bestudeerd hebben, maar als je de basisverantwoordelijkheid naar je medemens verliest, ben je gewoon blind.
Dat is echt een harde les.
Brams zorgvuldig opgebouwde zaterdagavond ligt nu dus volledig in puin.
Hij moet met een taxi terug, hij moet de volgende dag die hele administratieve puinhoop op het politiebureau oplossen.
Zijn hele routine is gebroken.
Inderdaad, zijn routine is gebroken.
En waarom, omdat hij zelf de hamer vasthield, hij maakt heel bewust een desastreuze keuze.
Nou goed, dat roept voor ons dan wel meteen de vraag op over de andere kant van de medaille, toch?
Ja, precies.
Want wat gebeurt er nou met onze menselijke psychen als die dagelijkse routine ook aan diggelen wordt geslagen?
Maar hoe iets waar we echt totaal geen controle over hebben?
Ja, dan verschuift het perspectief van daadschap naar puur, rauwe machteloosheid.
En dat brengt ons naadloos bij het tweede verhaal.
Een grijze maandagochtend in Eindhoven.
De regen druipt van de ramen in de kleine bloemenwinkel van Eva.
Een heel ander decor.
Een heel ander decor.
Eva werkt daar nu drie jaar. Je kent dat wel, toch, de geur van natte jassen van klanten die net uit de regen binnenstappen, vermengd met die zware zoete geur van verse bloemen.
Oh ja, ik ruik het bijna.
Ja, dat is heel tastbaar.
En Eva doet wat ze eigenlijk elke maandaghoogtend doet.
Ze zet water op voor een kop thee, ze bereidt zich voor op de komst van haar vaste klant, Els.
Els komt elke maandag.
Elke maandag, vaste prik.
En ze heeft een voorkeur voor geel.
Dat is de kleur van de zon, zegt altijd, perfect voor op haar kleine ronde tafel thuis.
Dus Eva pakt vijf gele bloemen uit de emmers, legt er een heel mooi stukje groen papier naast en legt die bos alvast apart op de toonbank.
Het is het ultieme gerustelende ritme van een werkdag.
Ja, en een ritme dat heel even, en dat is boeiend in de tekst, op een bijna komische manier wordt onderbroken door een toevallige passant.
Ja, dat stukje.
Er stapt een andere man de winkel binnen en toevallig draagt deze man ook een rode muts.
Hij zoekt bloemen voor de verjaardag van zijn vrouw.
Eva vraagt heel vriendelijk en professioneel, wat vindt uw vrouw mooi?
En dan komt dat antwoord?
Ja, die man begint het keihard te lachen en zegt, vooral taart.
Geweldig.
Eva lacht gezellig mee en antwoordt heel droog dat ze de bloemen dan in ieder geval niet kan opeten.
Hij koopt uiteindelijk toch maar rode bloemen en verdwijnt de regen in.
Maar oké, ik ga heel eerlijk zijn met je.
Toen ik het las, dacht ik echt even dat de schrijver van de tekst de weg kwijt was.
Eva, waarom?
Nou, ja, dit is een nieuws recap op beginnersniveau, toch?
We hebben superbeperkte ruimte, elk woord telt.
Waarom in vredesnaam krijgen we dan deze hele willekeurige anekdote over een man die eigenlijk gebak had moeten kopen?
Is dit geen overbodige ruis die enorm afleidt van de kern?
Dat lijkt zo ja.
Zeker als je snel leest, maar totdat je begrijpt hoe de psychologie van verhalenvertelling werkt en eigenlijk hoe we het leven zelf verwerken.
Oké, leg uit?
Deze kleine scène is cruciaal.
Ons brein heeft een referentiekader nodig om impact te kunnen voelen.
Dus door dit schijnbaar nutteloze grappige detail in te voegen, verankeren we de ochtend in absolute veilige normaliteit.
Ah, het stelt je op je gemak.
Precies?
Het stelt jou als lezer gerust.
Het zinnetje leert eigenlijk, kijk, er is hier helemaal niets aan de hand.
Het is een doodnormale maandag, mensen maken onhandige grapjes over taart in een bloemenwinkel.
En dit is precies hoe de werkelijkheid in het echte leven functioneert.
Hoe bedoel je?
Grote catastrofes kondigen zichzelf aan met donderwolken en aanzwellende, onheilspellende muziek, zoals in films.
Ze breken vaak in op exact het moment dat je net een slok koffie neemt of lacht om een heel flauwe grap.
Dat sterke contrast maakt de klap die daarna volgt, echt exponentieel harder.
Dat waren, want de klok in de winkel tikt rustig verder.
Het is inmiddels tien uur.
En die vrolijkheid van die grap over die taart zakt langzaam weg in een soort lichte onrust.
Want Els is er nog steeds niet.
En dat is niks voor haar.
Precies. Eva kijkt naar buiten de straat in en probeert het nog te rationaliseren.
Misschien slaapt Els in of is ze laat. Of misschien drinkt ze ergens koffie met haar zoon.
Maar dan stopt er plotseling een auto bij het huis van Els, even verderop in de straat.
Twee mensen in blauwe kleding stappen snel uit.
De politie.
De politie in de straat. En even later komen ze naar buiten, geflankeerd door een onbekende man die naar de grond staart.
Hij stapt achterin de politieauto en ze rijden weg.
De normaliteit begint hier scheuren te vertonen.
Helemaal. Eva kijkt ernaar door de beslagen ruit van de bloemenwinkel en ze snapt er eigenlijk helemaal niets van.
Totdat, even later, Tom, de zoon van Els, de bloemenwinkel binnenstapt.
Ja.
Zijn jas druipt van de regen, zijn handen zijn ijskoud.
Hij kijkt Eva aan en zegt met een hele zachte stem, mijn moeder is dood.
Ik heb er voor morgen thuis gevonden.
En zo stopt de wereld dus.
Niet met geweld of explosief, maar met een vluistering in een bloemenwinkel.
Ja, kippen wel.
Eva's natuurlijk volledig uitveld geslagen.
Ze zet haar teekopje de trillend op de toonbank neer.
En dan begint Tom te praten over de avond ervoor.
En hier snijden die simpelen a2 zijn echt dwaars door je ziel heen.
Omdat het zo herkendbaar is.
Ja, Tom zie je namelijk die vijf gede bloemen liggen in dat groene papier die klaar stonden.
Eva knikten bevestigd dat ze die inderdaad speciaal voor Elzat klaargelegd.
En Tom begint het te vertellen over zo'n moeder of die kleine ronde tafel thuis.
De plek waar die bloemen altijd stonden.
Het centrum van haar huis eigenlijk.
Ja, hij vertelt dat ze zo vaak boeken zat te lezen aan die tafel.
Ze kon zo deep in een verhaal verdwijnen.
Dat ze vaak doorweeg voor galt om haar tee op te drinken.
En dan komt hij geniale wispiegeling.
Ja, precies op het moment, dat Tom dat vertelt.
Neemt Eva aan de andere kant van de toonbank gedachtloos een slokje van haar eigen te.
En ze merkt tot haar schrik dat hij helemaal is afgekoeld.
Ze kijkt naar dat koude water in haar kopje.
En plotseling is dat, daagelijk ze bijna grappige detij van Elzat die haar tevergeet,
veranderd in een lootswaar symbol van permanent afwezigheid.
Ja, dat moment met die koude te is voor mij echt een masterclass in de psychologie vrouw.
Waarom raken dit soort hele kleine, fysieke detijs ons nou zo hard?
Waarom helpt iemand soms niet bij het horen van het vreselijke nieuws?
Maar stort die gene wel volledig in als ze een halfleger toe betaanpasta van de overledenen zien wegren?
Pzies hoe werkt dat meegenis maar eigenlijk?
Nou, dat komt omdat het menselijk bruin evolutioneer gezien zinpelweg niet is gebouwd om het in mensen...
abstracte concept van vooral tijd weg in een kit te verwerken.
Het is de groot.
Het is veel te groot, de massivte veel omvatend.
Als je de absolute finaliteiter van een klap in de volle omvang zou voelen, dan zou je psychologisch echt kortsluiten.
Dus wat doet ons brein dan als een soort verdedigingsmegenismen?
Het zoekt iets kleins.
Precies, het vracht menteert het verdriet.
Het gaat kortsachtig op zoek naar fysieke, tastbare anchors in de echte wereld...
om die onzichtbare grote pijn even aan vast te kunnen maken.
Zoals een object.
Ja, het hecht zich aan een ongelezen boek, aan een lege stoel aan die ronde tafel.
Of in dit geval aan de hele fysieke kille sensatie van Koude-T in iemand.
Die Koude-T maakt het abstracte grad dat else achterlaat, plotseling, fysiek meetbaar en voelbaar voor Eva.
Het is de afwezigheid van warmte, letterlijk en vergeurlijk, samengebald in één object.
We zien dat anchoren ook heel sterk gebeuren aan het absolute einde van dit verhaal.
Want ondanks te schrokken, alles wat er is gebeurd...
besluit Tom om die vijfgele bloemen toch te kopen voor op die lege ronde tafel.
Prachtig.
En Eva paktswijgend een geel lint en bent dat heel zorgvuldig om het papier heen.
Dat lint is op dat moment geen stukje decoratie meer voor een winkelier.
Het is een soort primair die het wel van afscheid geworden.
Het is de menselijke behoefte om iets wat dan ook met onze handen te doen...
als we de controle volledig kwijt zijn.
Exact.
Zelfs in de meest minimalistische simpele zinnen zien we hier...
hoe de mens van hopig probert betekenis te creëren...
te midden van de ultieme zinloosheid.
We hebben nu twee schijnbaar totaal verschillende werelden naast elkaar gelegd.
Twee verhalen opgescheven een taal die de normaal gesproken gebruikt om de dagen van de week te oefenen...
of de kleuren te leren.
Toch delen ze een ongelooflijk duidelijke rode draad.
Zeker weten.
We zagen in beide verhalen het decor van de regen.
Wat betenen soort gevoel van zware alle dagseheid versterkt.
We zagen de blauwe lichten van de politie, die in beide verhalen...
zoals een soort harde grenslein fungeren tussen de normale rutine en de keihard de realiteit.
En in beide verhalen werden mannen zwijgend afgevoerd op de achterbank van een auto.
Ja, bram in het eerste verhaal en die onbekende man in het tweede.
Precies.
Bram, winst, arrogantie en slechte keuze zijn einde aan zijn avond maakten.
En die onbekende man bij het huis van Elz, winst, exacte rolven die tenst kennen...
maar winst, arrestatie onderdeel is van een onbeschrijvlijke tragedie.
Kijk, en als jij nu luistert, dan herken je die staat van zijn, waarschijnlijk wel bij jezelf.
Je stapt zorgt dus in je auto of je pakte fiets naar je werk.
En de automatische pilot gaat direct aan.
Dat doen we allemaal.
Ja, we gaan er allemaal blindelings vanuit dat de wereld wel netjes mee werkt...
dan de strakopleiding die wij toevallig in ons hoofd hebben.
We zijn druk met onze eigen projecten, we bescherm ons eigen twee stille gasten.
Of we verwachten gewoon dat de gele bloemen vandaag weer voor ons klaar staan, zoals ze elke week klaar staan.
En wat we in deze verkendingen van vandaag hebben gezien...
is de uiterste brekbaarheid van die veronderstelling.
Door alle academische jargon en de poetische bijzinnen weg te laten...
bleef in deze brontexte echt alleen de ruwe kern van de menselijke contitie over.
Ja, de nakte waarheid.
Precies.
En die kern wordt heel vaak gedreven door twee verstoogende krachten.
Eenerzijd, de hammer die we zelf laten vallen door onze blinden vlekken...
en onze enorme egos, zoals we duidelijk zagen bij Bram.
En anderzijds?
Anderzijds de keiharde inslag van buitenaf.
Het verliezt dat we simpelweg moeten inkaceren, totaal zonder waarschuwing, zoals dat even een tom over kwam.
Bij de krachten versplintere direct de iluzy dat we het stuur van ons leven stevig in handen hebben.
Dat twinkje wel met andere ogen na je eigen dagelijks houdt in het te kijken.
Nou, we zijn daarmee aan het eindige komen van deze diepe duikende bronnen van vandaag.
We hebben gezien hoe complexe cognitieve disonatie en de rauwe werking van rau...
die er perfect verborgen kunnen liggen onder de meest op een vlakke gezin.
Ik wil je nog dit mee geven.
Als je zometeen je koptelevorn afzet, je eigen routine weer instapt,
probeer dan heel even stilte staan bij de kleine dingen.
Merkte gele bloemen op, die iemand misschien wel speciaal ergens voor jou heeft klaargezet.
Realiseer je de waarde van een simpule warme koptee lang voor dat deze koud wordt.
En wist je bewust van het feit dat jij echt niet de enige op de weg bent als je keusers maakt?
Maar laat ik voordat we de deur definitief sluiten, nog een gedachte in de groep gooien.
Gewoon iets om straks als je buit op straat loopt, ergens in je achterhoofd houden.
Hoe ga ik dit zeggen? Kom maar op.
Het zat er minder een heel klein detail dat in beide brontexten voorkwam.
En detail dat we eerder kort bespraken.
Twee keer, in verhalen die vollede glos van elkaar stonden,
zagen we een man met een rode met.
Oh wow, ja.
In Amsterdam was het bram de slangenlieferber die zichzelf weg rationaliseerde in zijn oude rode met.
En in Eindhoven was het die vrolijke passant die lacht omtaart,
terwijl letterlijk honderd mee te verderop en leven abrupte eindigte.
Natuurlijk is dit in deze nieuws overzichte puur toevall, een samelop van omstandigheden.
Maar het is echt een perfecte illustratie van een prachtig en lichtelijk beklemend psychologisch concept.
Sander.
Sander vertel wat het precies is.
Sander is dat plotselingen over homplende besef,
dat elke wilken gevreemden die jou op straat passeerd en leven leidt,
dat net zo in mens complex, levendig en vol tegenstrijdigheden is als dat van jou.
Oh, dat is een intensige dachten.
Ja, kijk voor jou is die persoon met die rode muts die even voor je in de rij staat bij de kassa,
of die misschien net op de fiets inhoudt niet meer dan een figurant in de film van jou leven,
een anonyme stipje op de achtergrond.
Maar in hun eigen hoofd zijn zij de absolute hoofdperson.
Ze worstelen op dit exacte moment,
misschien wel met een ondraagelijk verlies waar je helemaal niets van ziet.
Of ze zijn het bezig om een gigantische katastrovalen inschattingsvoud te maken,
blind gestuurd door een ego dat wijger de realiteit onder oog te zien.
De gedachte is, je loopt elke dag door een drukke zeven mensen en onzichtbaar,
direct naast je, voldrekken zich duizenden stille tragedies en vreemde triompen.
De wereld is eigenlijk een verzameling van miljarden, fragile bubbel's die continu langs elkaar heen schuren.
Ja, dat zit die zogenaamde, simpelen zinnen wel in een heel ander perspektief.
Zelfs de meest pasale grammatica kan de enorme gaals van de mensen om ons heen uiteindelijk niet bedwingen.
Een werkelijk prachtige gedachte om mee te nemen, de dag in.
Dank je wel en tot de volgende keer.
Settings
Text
Mode
Audio
Pause