Alle podcasts

Treinstoring bij Woerden

RICK: Hé, horen jullie het nieuws?

EMMA: Welk nieuws?

Ik heb nog niks gehoord vandaag.

Ik was de hele ochtend thuis.

LARS: Vertel op, Rick.

Ik ben benieuwd.

Ik hou van nieuwtjes.

RICK: Er rijden geen treinen rond Woerden.

Geen treinen, helemaal niks.

Stel je voor, geen treinen.

EMMA: Oh nee, echt?

Dat is vervelend voor de reizigers.

Heel vervelend.

LARS: Wat is er gebeurd?

Is er een ongeluk?

Of iets anders?

RICK: Een brand bij het station.

Een kleine brand, maar groot genoeg.

Het begon in een gebouw.

EMMA: Dus veel reizigers hebben pech?

Heel veel pech?

Zijn ze gestrand?

RICK: Ja, 1.300 mensen zijn gestrand.

Dertienhonderd, dat is veel.

Heel veel mensen zonder trein.

LARS: Dat is veel.

Stel je voor, 1.300 mensen zonder trein.

Ze kunnen niet naar huis.

EMMA: Gelukkig zijn wij hier op het terras.

Geen gestrand voor ons.

Wij zitten lekker.

LARS: Ja, met een biertje.

Een koud biertje, heerlijk.

Ik heb een pilsje.

RICK: Precies, geen stress voor ons.

Wij zitten hier rustig.

Geen chaos.

EMMA: Hoe lang duurt de storing?

Weten ze dat al?

Ik hoop niet te lang.

RICK: Ze weten het nog niet.

Het is onduidelijk, zeggen ze.

Het kan uren duren.

LARS: De politie is bezig met onderzoek.

Ze kijken naar de oorzaak van de brand.

EMMA: Is er iemand gewond?

Is iedereen oké?

Dat is belangrijk.

RICK: Nee, geen gewonden.

Gelukkig niet, iedereen is veilig.

De brandweer was snel.

LARS: Dat is mooi.

Geen gewonden is het belangrijkste.

Dat is goed nieuws.

EMMA: Maar de reizigers, wat doen die?

Ze kunnen niet naar huis.

Ze wachten.

RICK: Ze wachten op bussen.

Bussen van de NS, hopelijk snel.

De NS regelt vervoer.

LARS: De NS regelt vervoer.

Dat doen ze altijd bij storingen.

Het is hun taak.

EMMA: Hopelijk snel.

Wachten is niet leuk, vooral niet in de kou.

Het is fris vandaag.

RICK: Ja, het is druk op het station.

Veel mensen, veel chaos.

Mensen lopen rond.

LARS: Ik woon in de buurt van Woerden.

Ik ken het station goed.

Ik fiets er vaak langs.

EMMA: Jij fietst altijd toch?

Je neemt nooit de trein?

Fietsen is jouw ding.

LARS: Ja, ik pak de fiets.

Fietsen is sneller voor mij.

Geen gedoe met treinen.

RICK: Slim, Lars.

Geen gedoe met treinen voor jou.

Jij bent altijd op tijd.

EMMA: Ik neem de auto.

Auto is makkelijk, maar soms druk.

Files zijn vervelend.

LARS: Maar de brand is er nog.

Het vuur is niet helemaal weg.

Rook is nog zichtbaar.

RICK: De brandweer is aan het werk.

Ze blussen nog steeds.

Het duurt nog even.

EMMA: Zij blussen de brand.

Hard werk, die brandweer.

Ze doen hun best.

LARS: Het duurt nog een paar uur.

Misschien tot vanavond.

Dan is het voorbij.

RICK: Dus wij zitten hier veilig.

Geen brand hier, alleen zon.

Het is lekker weer.

EMMA: Proost op dat idee.

Op een veilige plek.

Geen problemen voor ons.

LARS: Proost.

En op geen treinstoring voor ons.

Gelukkig zijn wij thuis.

RICK: Tot de volgende.

Alle transcripten en meer Nederlandse verhalen op Dutch Fluency, dutchfluency.com slash transcripts.

Volledig transcript · gratis

Log in voor quiz, flashcards, chat en PDF

0:00

Tekst

Modus

Audio

Pauze