Dutch Fluency
Find my levelLevel
Login

Verdieping: 28 t/m 30 oktober

# Recap Dutch News Dialogues - A1: 2026-10-31-3d Hieronder volgen de afleveringen van de afgelopen 3 dagen.

Vat ze samen in één natuurlijke Nederlandse Deep Dive aflevering: geef per aflevering de kerngedachte, link de verhalen aan elkaar waar dat kan, en sluit af met wat luisteraars uit de afgelopen 3 dagen kunnen meenemen. ## Taalniveau Dit is een A1 aflevering.

Spreek heel rustig en in heel korte zinnen.

Gebruik alleen woorden die een A1-leerder kent.

Vermijd lange bijzinnen, beeldspraak en moeilijke werkwoordstijden.

Herhaal kernideeën in eenvoudige bewoordingen. ## Koffie en het nieuws RICK: Goedemorgen.

Koffie?

SOPHIE: Ja, graag.

Ik ben moe.

DAAN: Ik ook.

Ik drink veel koffie vandaag.

RICK: Ik heb nieuws.

Het bedrijf is in het nieuws.

SOPHIE: Ja?

Wat is er?

RICK: Het bedrijf heeft geen werk voor veel mensen.

DAAN: Dat is slecht nieuws.

SOPHIE: Hoeveel mensen?

RICK: Tweehonderdvijfentwintig mensen.

Dat is veel.

DAAN: Ja, dat is veel.

Dat is niet goed.

SOPHIE: Dat is niet fijn voor hen.

RICK: Nee.

Het is niet fijn.

DAAN: Mijn buurman werkt daar.

SOPHIE: O, dat is naar.

DAAN: Ja.

Hij is een goede man.

RICK: Wat doet hij daar?

DAAN: Hij maakt boten.

Grote boten.

SOPHIE: Boten?

Dat is mooi werk.

DAAN: Ja, maar nu is er geen werk.

RICK: Het bedrijf maakt veel boten.

SOPHIE: Maar mensen kopen weinig boten nu.

DAAN: Ja.

De boten zijn groot.

Maar de vraag is klein.

RICK: De vraag is klein.

Dat is het probleem.

SOPHIE: Arme mensen.

Dat is niet fijn.

DAAN: Nee.

Ik voel me niet fijn.

RICK: Ik ook niet.

Ik drink nog koffie.

SOPHIE: Ja, koffie helpt.

DAAN: Koffie helpt altijd.

RICK: Dat is waar.

Koffie is goed.

SOPHIE: Ik neem een koekje.

Jij ook?

RICK: Ja, graag.

Een koekje is fijn.

DAAN: Ik ook.

Ik eet veel koekjes vandaag.

SOPHIE: Jij eet altijd veel koekjes.

DAAN: Ja.

Ik ben een koekjesman.

RICK: Haha.

Jij bent grappig.

SOPHIE: Hij is grappig.

Maar hij eet te veel.

DAAN: Nee, nee.

Koekjes zijn goed voor mij.

RICK: Koekjes zijn niet goed.

Maar ze zijn lekker.

SOPHIE: Dat is waar.

Ze zijn lekker.

DAAN: Ik neem nog een koekje.

RICK: Nee, Daan.

Een koekje is genoeg.

DAAN: Oké.

Een koekje is genoeg.

SOPHIE: Goed zo.

Jij bent braaf.

DAAN: Ik ben altijd braaf.

RICK: Haha.

Nee, dat is niet waar.

SOPHIE: Hij is niet braaf.

Hij eet veel.

DAAN: Oké, oké.

Ik stop.

RICK: Goed.

Nu praten we over het werk.

SOPHIE: Ja.

Het werk is belangrijk.

DAAN: Ja.

Ik heb werk.

Jij ook?

SOPHIE: Ja, ik heb werk.

Jij ook, Rick?

RICK: Ja, ik heb werk.

Wij hebben geluk.

DAAN: Ja.

Wij hebben geluk.

SOPHIE: Maar die mensen hebben geen werk.

RICK: Nee.

Dat is niet fijn.

DAAN: Nee.

Ik denk aan hen.

SOPHIE: Ik ook.

Ik denk aan hen.

RICK: Wij kunnen niet veel doen.

SOPHIE: Nee.

Dat is waar.

DAAN: Ik kan een koekje voor hen eten.

RICK: Nee, Daan.

Dat is niet goed.

SOPHIE: Haha.

Jij bent echt een koekjesman.

DAAN: Ja.

Ik ben een koekjesman.

RICK: Oké.

Nu is het tijd voor werk.

SOPHIE: Ja.

De pauze is klaar.

DAAN: Tot straks.

RICK: Tot straks.

En sterkte met het werk.

SOPHIE: Jij ook.

Tot straks.

RICK: Tot de volgende.

Open de speler op dutchfluency.com.

Tik op een woord.

Dutch Fluency helpt je. RICK: Hoi Emma.

Hoi Lars.

EMMA: Hoi Rick.

Ga je zitten?

LARS: Ja, kom erbij.

RICK: Ik lees iets op mijn telefoon.

EMMA: Wat lees je dan?

RICK: Een rots valt in Turkije.

LARS: Een rots?

Dat is raar.

RICK: Ja, een grote rots.

EMMA: Is het erg?

RICK: Ja, het is niet goed.

LARS: Zijn er mensen daar?

RICK: Ja, veel mensen.

EMMA: Och, wat erg.

LARS: Dat is niet fijn.

RICK: Nee, echt niet.

EMMA: Ik drink even koffie.

LARS: Ik ook.

Ik heb dorst.

RICK: De koffie is hier goed.

EMMA: Ja, ik vind het lekker.

LARS: En de koekjes zijn ook goed.

RICK: Ik neem een koekje.

EMMA: Neem er twee.

Dat is fijn.

LARS: Rick, jij eet veel.

RICK: Ik ben een grote man.

EMMA: Haha, dat is waar.

LARS: Vertel meer over de rots.

RICK: De rots is groot en zwaar.

EMMA: Zwaar?

Hoe weet je dat?

RICK: Het staat in het bericht.

LARS: Ik zie geen rots.

RICK: Nee, de rots is ver weg.

EMMA: Dat is maar goed ook.

LARS: Ja, ik wil geen rots hier.

RICK: Nee, ik ook niet.

EMMA: Wij zijn hier in het café.

LARS: En het is hier warm.

RICK: Ja, de koffie is warm.

EMMA: En de stoel is zacht.

LARS: Ik zit goed.

RICK: Ik ook.

Dit is fijn.

EMMA: Het nieuws is soms niet fijn.

LARS: Nee, maar wij zijn hier.

RICK: Ja, wij drinken koffie.

EMMA: En wij eten koekjes.

LARS: Dat is een goede dag.

RICK: Ja, een goede dag.

EMMA: Rick, jij bent een goede leraar.

RICK: Dank je, Emma.

LARS: Ja, jij legt het goed uit.

RICK: Ik doe mijn best.

EMMA: Nog een koffie?

LARS: Ja, graag.

RICK: Ik ook.

Dank je.

EMMA: Oké, ik ga naar de bar.

LARS: Ik wacht hier.

RICK: Ik ook.

Ik ben moe.

EMMA: Hier is de koffie.

LARS: Dank je wel.

RICK: Lekker.

Dank je.

EMMA: Proost, jongens.

LARS: Proost, Emma.

RICK: Proost.

En tot de volgende keer.

EMMA: Tot de volgende.

LARS: Tot de volgende.

RICK: Tot de volgende.

Open de interactieve speler op dutchfluency.com slash transcripts.

Tik op een woord als je vastloopt.

0:00
Settings

Text

Mode

Audio

Pause