Find my level
Login
Play me!
Alle podcasts

De Alchemist: Volg Je Droom

Hallo en welkom bij Bookie Zoets, de podcast van Dutch Fluency, waarbij elke dag een

beroemd boek samenvatten in eenvoudig Nederlands.

Ik ben Rick en ik ben blij dat je er vandaag weer bij bent.

Heb je ooit een droom gehad die zo echt voelde dat je dacht, misschien betekent dit iets.

Een droom die maar bleef terugkomen, nacht na nacht.

De meeste mensen vergeten hun dromen als ze wakker worden.

Ze drinken een kop koffie en beginnen aan hun dag.

Maar wat als je dat niet doet?

Wat als je besluit om je droom serieus te nemen en die te volgen?

Waar die je ook naartoe leidt.

Dat is de centrale vraag in het boek van vandaag.

Het is een van de meest geliefde boeken van de afgelopen decennia.

Een verhaal dat mensen over de hele wereld heeft geïnspireerd.

We gaan het hebben over De Alchemist.

Geschreven door de Braziliaanse auteur Paulo Coelho in het jaar 1988.

Het is een verhaal dat simpel lijkt, bijna als een sprookje.

Maar dat vol zit met diepe wijsheid over het leven, het lot en het najagen van je dromen.

Dus ga er lekker voor zitten en laat je meenemen op een magische reis van Spanje naar de piramides van Egypte.

Ons verhaal begint in Andalusië, het zonnige zuiden van Spanje.

Hier ontmoeten we onze hoofdpersoon, een jonge man genaamd Santiago.

Santiago is een herder.

Elke dag trekt hij met zijn kudde schapen door de heuvels.

Hij heeft een eenvoudig leven.

Hij heeft zijn dieren, een boek om te lezen en de vrijheid om te gaan en staan waar hij wil.

Zijn ouders wilden dat hij priester werd, een man van status en zekerheid.

Maar Santiago wilde de wereld zien.

Herder zijn was zijn manier om te reizen, om elke dag nieuwe plekken te ontdekken.

Hij is tevreden met zijn leven.

Hij kent de velden, hij kent zijn schapen en hij heeft geen grote zorgen.

Maar diep van binnen is er een verlangen naar meer.

Dit verlangen krijgt een naam en een gezicht door een droom die hij steeds opnieuw heeft.

In zijn droom staat hij met zijn schapen in een veld.

Een kind verschijnt en speelt met zijn schapen.

Dan pakt het kind zijn handen en transporteert hem naar de piramides in Egypte.

Daar zegt het kind, als je hier komt, zul je een verborgen schat vinden.

Elke keer als de droom op dit punt komt, wordt Santiago wakker.

De droom is zo levendig, zo persistent dat hij begint te geloven, dat het meer is dan zomaar een droom.

Het voelt als een boodschap, een belofte.

Santiago is een praktisch persoon, maar ook een dromer.

Hij besluit dat hij antwoorden nodig heeft.

Hij reist naar de stad Tarifa, om een oude zigeunervrouw te zoeken, die dromen kan uitleggen.

De vrouw luistert naar zijn verhaal en geeft een simpel antwoord.

Hij moet naar de piramides van Egypte reizen en de schat zoeken.

Als hij de schat vindt, moet hij haar een tiende deel geven.

Santiago is teleurgesteld.

Dit had hij zelf ook kunnen bedenken.

Hij betaalt de vrouw en vertrekt.

Met het gevoel dat zijn reis naar de stad voor niets was.

Hij besluit zijn droom te vergeten en gewoon weer herder te zijn.

Maar het universum heeft andere plannen voor hem.

Terwijl Santiago op een plein in de stad zit te lezen, komt er een oude man naast hem zitten.

De man begint een gesprek.

Hij weet verrassend veel over Santiago.

Hij weet van zijn droom, van zijn verlangen om te reizen.

En zelfs de naam van het boek dat hij leest.

De oude man stelt zich voor als Melchizedek, de koning van Salem.

Santiago is verward.

Hij heeft nog nooit van Salem gehoord.

De koning legt uit dat hij verschijnt aan mensen die op het punt staan hun persoonlijke legende te volgen.

Een persoonlijke legende, zo legt hij uit, is wat je altijd al hebt willen doen.

Het is je missie in het leven, je diepste wens.

De koning zegt iets dat de kern van het hele boek vormt.

Wanneer je iets echt wilt, werkt het hele universum mee om je te helpen je droom waar te maken.

Hij vertelt Santiago dat hij zijn droom over de schat moet volgen.

Om hem te helpen, vraagt hij Santiago om een tiende van zijn schapen.

In ruil daarvoor zal hij hem vertellen hoe hij moet beginnen.

Santiago twijfelt.

Zijn schapen zijn alles wat hij heeft, maar de woorden van de koning raken hem diep.

Hij besluit de koning te vertrouwen.

De volgende dag verkoopt hij zijn hele kudde schapen.

Hij voelt een mix van verdriet en opwinding.

Hij geeft de koning zes schapen.

En ontvangt twee stenen, een zwarte en een witte.

Ze heten Urim en Thummim.

De stenen kunnen hem helpen om beslissingen te nemen als hij de tekens van het universum niet kan lezen.

Met een zak vol geld en de twee mysterieuze stenen, koopt Santiago een ticket voor een boot.

Hij kijkt nog een laatste keer naar de kust van Spanje en vaart dan naar Afrika.

Op weg naar zijn schat en zijn persoonlijke legende.

Santiago's avontuur begint vol hoop, maar zijn eerste ervaring in Afrika is een harde les.

Hij komt aan in de drukke, chaotische stad Tanger in Marokko.

Alles is anders hier: de taal, de geuren, de kleding van de mensen.

Hij voelt zich alleen en verloren.

Hij spreekt geen arabisch.

Hij vertrouwt op een jonge man die Spaans spreekt en aanbiedt om hem te helpen.

Deze jongeman zal hem naar de piramides brengen.

Santiago is opgelucht en geeft zijn nieuwe 'vriend' al zijn geld om kamelen te kopen.

Terwijl Santiago even is afgeleid op een drukke markt, verdwijnt de jongeman met al zijn geld.

Alles.

In één klap is Santiago alles kwijt.

Hij is alleen zonder geld in een vreemd land.

Hij voelt zich verslagen, boos en dom. Hij huilt.

Hij denkt erover om op te geven en terug naar huis te gaan.

Hij is tenslotte een dief geweest van zijn eigen lot door zijn schapen te verkopen.

Op zijn diepste punt herinnert hij zich de stenen die de oude koning hem gaf.

Urim en Thummim.

Hij haalt ze uit zijn zak.

Hij herinnert zich de belofte van de koning.

Het universum helpt je.

Hij besluit dat hij zichzelf kan zien als een slachtoffer, of als een avonturier op zoek naar een schat.

Hij kiest voor het laatste.

Hij staat op en besluit om door te gaan.

Hij weet dat hij geld moet verdienen.

Hij loopt door de straat en ziet een kristalwinkel.

De winkel is oud, stoffig en er komen weinig klanten.

Santiago biedt de eigenaar aan om al zijn kristallen glazen schoon te maken in ruil voor wat eten.

De eigenaar, een vriendelijke maar voorzichtige man, gaat akkoord.

Terwijl Santiago werkt, komen er zomaar twee klanten de winkel binnen en kopen iets.

De eigenaar ziet dit als een goed teken en biedt Santiago een baan aan.

Santiago blijft bijna een heel jaar in de kristalwinkel werken.

De eigenaar is een man die ook een droom had.

Een pelgrimstocht maken naar Mekka.

Maar hij was altijd te bang om zijn winkel achter te laten.

Hij is een goed mens, maar hij leeft in angst voor verandering.

Santiago, vol jeugdige energie, brengt nieuwe ideeën.

Hij stelt voor om een display buiten te zetten om klanten aan te trekken.

Het werkt.

Daarna stelt hij voor om thee te serveren in de kristallen glazen.

Mensen komen van ver om de thee te drinken en kopen de glazen.

De winkel wordt enorm succesvol.

Santiago leert veel van de kristalhandelaar.

Hij leert over geduld over de kleine details van het leven en over hoe angst een droom kan doden.

Na 11 maanden en negen dagen heeft Santiago genoeg geld verdiend.

Hij heeft genoeg om terug naar Spanje te gaan en een dubbel zo grote kudde schapen te kopen als hij eerst had.

Hij kan zijn oude leven terugkrijgen, maar dan beter.

Hij staat voor de keuze, terug naar de zekerheid of vooruit naar het onbekende.

Hij denkt aan de oude koning en zijn Persoonlijke Legende.

Hij besluit de woestijn over te steken.

Zijn droom is nog steeds levend.

Santiago voegt zich bij een grote karavaan die de Sahara-woestijn doorkruist.

De reis is lang, stil en monotoon.

De dagen zijn heet, de nachten koud.

Santiago leert de stilte van de woestijn te waarderen.

Hij leert te observeren en te luisteren.

Hij begrijpt dat de woestijn net als de zee zijn eigen taal spreekt.

In de karavaan ontmoet hij een Engelsman.

Deze man is het tegenovergestelde van Santiago.

De Engelsman is een intellectueel, altijd met zijn neus in de boeken.

Hij is op zoek naar een legendarische alchemist die in de Al-Fayoum-oase zou wonen.

Een alchemist, zo leert Santiago, is iemand die metalen in goud kan veranderen en het levenselixer kan maken.

Een drankje dat je eeuwig laat leven.

De Engelsman gelooft dat hij de geheimen van alchemie kan leren uit boeken.

Santiago probeert de boeken van de Engelsman te lezen, maar hij vindt ze ingewikkeld en saai.

Hij leert liever door te kijken naar de Kamelen, de woestijn en de sterren.

Hij noemt dit het leren van de taal van de wereld.

De Engelsman probeert op zijn beurt te leren van de woestijn, maar hij kan de tekens niet lezen.

Ze zijn twee verschillende soorten leerlingen, op weg naar hetzelfde doel.

Na maanden reizen, met geruchten over oorlogen tussen stammen in de woestijn,

arriveert de karavaan eindelijk bij de oase van Al-Fayoum.

De oase is een wonder, een enorm gebied vol palmbomen, water en leven, midden in de eindeloze zandzee.

Het is een neutrale plek waar geen geweld is toegestaan.

De karavaan moet hier wachten tot de oorlogen voorbij zijn.

De Engelsman gaat meteen op zoek naar de alchemist.

Santiago, die nu de taal van de wereld een beetje begrijpt, besluit de oase te verkennen.

Bij een van de waterputten ziet hij een jonge vrouw.

haar naam is Fatima.

Vanaf het moment dat hij haar ziet begrijpt hij wat liefde op het eerste gezicht is.

Hij voelt dat het universum dit moment voor hem heeft gecreëerd.

Hij spreekt haar aan en ze praten elke dag bij de put.

Hij vertelt haar over zijn leven als herder, over de koning en over zijn zoektocht naar de schat.

Santiago wordt verliefd en denkt dat hij zijn schat heeft gevonden.

Hij overweegt om in de oase te blijven en met Fatima te trouwen.

Hij is bereid zijn persoonlijke legende op te geven voor haar, maar Fatima is een vrouw van de woestijn.

Ze begrijpt de taal van dromen en lotsbestemming.

Ze vertelt hem dat ze deel uitmaakt van zijn lot, niet het einde ervan.

Ze zegt, als ik echt een deel van je droom ben, zul je op een dag terugkomen.

Ze moedigt hem aan om zijn reis voort te zetten.

Ware liefde, zegt ze, houdt een man niet tegen om zijn legende te volgen.

Op een dag, terwijl Santiago in de woestijn buiten de oase zit, ziet hij twee haviken in de lucht vechten.

Plotseling heeft hij een visioen.

Hij ziet een leger de oase binnenvallen.

Hij begrijpt dat dit een teken is, een waarschuwing.

Hoewel hij bang is, besluit hij de leiders van de oase te waarschuwen.

De stamhoofden zijn oude wijze mannen, ze luisteren naar de jonge vreemdeling.

Ze geloven hem niet helemaal, want de oase is altijd een veilige plek geweest.

Maar ze besluiten toch voorzorgsmaatregelen te nemen.

Ze besluiten de traditie van vrede te breken en hun wapens te dragen.

Voor elke dode vijand, zo waarschuwen ze Santiago, zal zijn leven worden genomen.

De volgende dag wordt de oase inderdaad aangevallen.

Maar omdat de mannen voorbereid zijn, kunnen ze de aanval afslaan en de oase redden.

Santiago wordt een held.

Zijn gave om de taal van de wereld te lezen, heeft honderden levens gered.

Dit buitengewone moment trekt de aandacht van de persoon die de Engelsman zocht, de alchemist.

Die avond wordt Santiago benaderd door een mysterieuze, indrukwekkende ruiter op een wit paard.

De ruiter draagt een valk op zijn schouder en een groot zwaard.

Hij test Santiago's moed, door het zwaard tegen zijn voorhoofd te drukken.

Santiago is bang, maar hij accepteert zijn mogelijke dood.

Hij denkt aan Fatima en voelt geen spijt.

De ruiter is onder de indruk van zijn moed.

Hij is de alchemist.

Hij heeft gewacht op een leerling die de taal van de wereld begrijpt.

De Engelsman zocht hem via boeken, maar Santiago vond hem door te luisteren naar de woestijn.

De alchemist vertelt Santiago dat hij hem zal begeleiden op het laatste deel van zijn reis naar de piramides.

Hij zegt dat de schat daar op hem wacht en dat hij zijn hart moet volgen om die te vinden.

Santiago aarzelt.

Hij wil bij Fatima blijven, maar de alchemist overtuigt hem dat zijn hart bij zijn schat is.

En dat hij Fatima alleen kan terugwinnen als hij zijn legende voltooit.

Met een zwaar hart neemt Santiago afscheid van Fatima, met de belofte om terug te keren.

Samen reizen de alchemist en Santiago door de gevaarlijke door oorlog verscheurde woestijn.

De alchemist is een strenge, maar wijze leraar.

Hij leert Santiago niet over het maken van goud, maar over het luisteren naar zijn eigen hart.

Waar je schat is, daar zal ook je hart zijn, zegt de alchemist.

Santiago leert dat zijn hart soms bang is, soms ongeduldig.

Maar dat het altijd de waarheid spreekt.

Op een dag worden ze gevangengenomen door een Arabische stam.

De alchemist, om hun leven te redden, doet een gewaagde uitspraak.

Hij geeft al het goud van Santiago aan de stamleider en zegt dat de jongen een machtige alchemist is,

die zichzelf in de wind kan veranderen.

De stamleider is geïntrigeerd en geeft Santiago drie dagen de tijd om dit wonder te verrichten.

Als het hem niet lukt, zullen ze beiden sterven.

Santiago is in paniek.

Hij heeft geen idee hoe hij zichzelf in de wind moet veranderen.

De alchemist zegt alleen dat hij het moet proberen.

De volgende drie dagen brengt Santiago door in diepe meditatie.

Hij praat met de woestijn en de woestijn zegt dat hij de wind om hulp moet vragen.

Hij praat met de wind en de wind zegt dat hij de zon om hulp moet vragen.

Hij praat met de zon en de zon zegt dat hij moet praten met de hand die alles geschreven heeft.

Santiago richt zich dan tot de ziel van de wereld.

Hij bidt en duikt diep in zijn eigen ziel.

Op dat moment voelt hij een connectie met alles en iedereen.

Een enorme zandstorm, een simoem steekt op.

De wind waait zo hard dat de tenten van het kamp worden weggeblazen.

Als de storm gaat liggen, staat Santiago aan de andere kant van het kamp.

Hij heeft zichzelf niet letterlijk in de wind veranderd,

maar hij heeft met de krachten van de natuur samengewerkt om een wonder te creëren.

De stamleiders zijn diep onder de indruk en doodsbang.

Ze laten Santiago en de alchemist vrij en geven hen een escorte voor de rest van hun reis.

Kort voor de piramides stoppen ze bij een klooster.

Daar laat de alchemist Santiago eindelijk zien wat alchemie is.

Hij verandert een stuk lood in puur goud.

Hij verdeelt het goud in vier delen.

Een voor het klooster, een voor zichzelf, een voor Santiago en een deel

dat hij bij het klooster achterlaat voor Santiago, voor het geval hij het ooit nodig heeft.

Dan nemen ze afscheid.

De alchemist vertelt hem een laatste verhaal over dromen en stuurt hem alleen op weg voor het laatste stukje.

Santiago reist verder en bereikt eindelijk de piramides.

Hij ziet ze in het maanlicht en valt op zijn knieën huilend van dankbaarheid.

Zijn reis is bijna voorbij.

Hij herinnert zich de droom.

Hij moet graven op de plek waar zijn tranen vallen.

Hij begint te graven de hele nacht lang, maar hij vindt niets.

Plotseling wordt hij omringd door een groep mannen.

Het zijn vluchtelingen van de stammenoorlogen.

Ze zien dat hij aan het graven is en denken dat hij goud verstopt.

Ze slaan hem en dwingen hem om verder te graven.

Als hij nog steeds niets vindt, doorzoeken ze zijn kleren en vinden het stuk goud van de alchemist.

Ze geloven nu dat hij een grotere schat heeft begraven.

Ze slaan hem bijna dood.

Santiago in zijn pijn schreeuwt de waarheid.

Ik graaf hier voor een schat omdat ik een droom had de mannen lachen hem uit.

De leider van de groep zegt voordat ze vertrekken.

Je bent echt dom.

Twee jaar geleden had ik op precies deze plek ook een terugkerende droom.

Ik droomde dat ik naar Spanje moest reizen en een schat moest zoeken in de ruïnes van een oude kerk.

De schat zou begraven liggen onder een grote sycamoreboom die in de sacristie groeit.

De plek waar herders met hun schapen slapen.

Maar ik ben niet zo gek om een hele woestijn over te steken voor een droom.

En op dat moment begrijpt Santiago alles.

De wereld is stil.

Hij kijkt naar de piramides en de piramides lijken naar hem terug te lachen.

Hij heeft zijn schat gevonden.

De schat was niet in Egypte.

De schat was al die tijd op de plek waar hij zijn reis begon.

Wat dit boek ons vertelt is diep en tegelijkertijd heel eenvoudig.

De belangrijkste thema's zijn natuurlijk dromen, lotsbestemming en de reis zelf.

Santiago's persoonlijke legende is de rode draad.

Het boek suggereert dat iedereen een doel in het leven heeft.

Een unieke missie en de belangrijkste stap is om de moed te hebben om die missie te aanvaarden.

Zoals de oude koning zegt, het universum zal je helpen als je die keuze maakt.

Dit idee Maktub wat het staat geschreven betekent in het Arabisch komt steeds terug.

Het betekent niet dat alles vastligt en je niets hoeft te doen.

Het betekent juist dat je lot en je eigen keuzes samenwerken.

Een ander belangrijk thema is dat de reis belangrijker is dan de bestemming.

Santiago moest helemaal naar Egypte reizen.

Ontelbare obstakels overwinnen, liefde vinden en verliezen en bijna sterven.

Alleen om te horen waar de schat echt was, was de reis dan voor niets?

Absoluut niet. Zonder de reis had hij de taal van de wereld niet geleerd.

Hij had de kristalhandelaar niet geholpen. Hij had Fatima niet ontmoet en hij had de wijsheid

van de alchemist niet gekregen. Hij was een simpele herder en werd een wijze man, rijk aan ervaringen.

De schat was de beloning, maar de transformatie die hij onderging was de ware rijkdom.

Het boek leert ons dat we niet alleen moeten focussen op het einddoel, maar moeten genieten van en leren van elke stap op de weg.

Het gaat over het proces, niet alleen over het resultaat.

Tot slot is er het thema van luisteren naar je hart en het lezen van de tekens.

Santiago leert om te vertrouwen op zijn intuïtie en de subtiele hints die de wereld hem geeft.

Een vlinder, een paar vechtende haviken, een gesprek met een vreemdeling.

Voor wie oplet is de wereld vol boodschappen. Dit is een heel spirituele bijna magische manier van naar het leven kijken.

Het moedigt je aan om meer verbonden te zijn met je omgeving en met jezelf.

Het verhaal eindigt waar het begon, maar toch is alles anders.

Santiago reist terug naar Spanje. Hij gaat naar de verlaten kerk met de sycamoreboom.

Hij graaft op de plek die de dief beschreef en vindt een kist vol met Spaanse gouden munten, edelstenen en andere kostbaarheden.

Hij is nu letterlijk en figuurlijk rijk.

De reis heeft hem niet alleen wijs gemaakt, maar hem ook de middelen gegeven om zijn leven vorm te geven zoals hij dat wil.

Hij neemt een handvol munten en weet wat hij als eerste gaat doen. Hij zal terugkeren naar Tarifa.

Om de zigeunervrouw haar tiende deel te geven.

En daarna, de wind waait, brengt de geur van Fatima's parfum met zich mee. Hij glimlacht. Hij gaat terug naar de oase.

Wat blijft hangen na het lezen van de Alchemist is een gevoel van hoop en mogelijkheid.

Het is een boek dat je aanmoedigt om groot te dromen en de eerste stap te zetten, zelfs als je niet weet waar de weg naartoe leidt.

Het vertelt je dat tegenslagen zoals beroofd worden in Tanger, geen reden zijn om op te geven, maar juist onderdeel zijn van het leerproces.

De schoonheid van het boek zit in zijn eenvoud.

Coelho gebruikt de structuur van een sprookje om universele waarheden te vertellen die iedereen kan begrijpen, ongeacht je cultuur of achtergrond.

Daarom is dit boek decennia na publicatie nog steeds zo relevant.

Het herinnert ons eraan dat de meest waardevolle schatten vaak niet ver weg zijn, maar diep in onszelf of op de plek die we thuis noemen.

Maar soms moeten we een lange reis maken om dat te kunnen zien.

Dit was Boekisodes.

Voor de volledige transcriptie van deze aflevering ga naar dutchfluency.com slash transcripts.

Volledig transcript · gratis

Log in voor quiz, flashcards, chat en PDF

0:00

Tekst

Modus

Audio

Pauze