Alle podcasts

Geld en een feestje

RICK: Hé, Tom.

Julia.

Wat een feest.

TOM: Ja, vet.

De muziek is hard.

Heel hard.

JULIA: Ik heb dorst.

De rij is lang.

Heel lang.

Ik wacht al tien minuten.

RICK: Ik denk aan geld.

Grappig, hè?

TOM: Geld?

Nu?

Waarom denk je aan geld?

RICK: Ik lees een bericht.

Over sparen.

Over veel sparen.

JULIA: Sparen?

Wij sparen ook.

Voor een huis.

Een klein huis.

Met een tuin.

TOM: Ik spaar voor een auto.

Een oude auto.

Een leuke oude auto.

Een Volkswagen.

RICK: Nee, ik bedoel veel geld.

Honderd duizend.

Honderd duizend euro.

JULIA: Wow.

Dat is veel.

Heel veel.

Hoe doe je dat?

RICK: Elke maand een beetje.

In een pot.

Een speciale pot.

TOM: Een pot?

Is dat veilig?

Een pot is niet veilig, toch?

RICK: Nee, geen pot.

Een rekening.

Een speciale rekening.

Bij de bank.

JULIA: Ik koop elke maand een beetje van de markt.

Een klein beetje.

TOM: De markt?

Welke markt?

De supermarkt?

JULIA: Nee, de beurs.

De aandelenmarkt.

Maar ik praat er niet veel over.

Het is privé.

RICK: Mijn vriend en ik doen het samen.

Vijftien duizend nu.

Vijftien duizend euro.

TOM: Dat klinkt goed.

Wat is het plan?

Het grote plan?

JULIA: Elke maand duizend vijf honderd erbij.

Tot dertig jaar.

Dertig jaar is lang.

RICK: Ja.

Dan hebben wij honderd duizend.

Hoop ik.

Ik hoop het echt.

Het is een droom.

TOM: Honderd duizend?

Dat is een huis.

Een mooi huis.

JULIA: Of een boot.

Maar ik wil een huis.

Een huis met een tuin.

En een boom.

RICK: Het is een doel.

Ik vind het leuk.

Het is een leuk doel.

Een goed doel.

TOM: Is het moeilijk?

Het klinkt moeilijk.

RICK: Soms.

De prijs gaat omhoog en omlaag.

Omhoog en omlaag, elke dag.

JULIA: Ja, dat zie ik.

Maar ik wacht rustig.

Ik ben geduldig.

Ik wacht en wacht.

RICK: Niet te veel kijken.

Dat is de les.

De les is: niet te veel kijken.

Echt niet.

TOM: Kijk je elke dag?

Elke dag?

RICK: Soms.

Maar ik word er zenuwachtig van.

Zenuwachtig en onrustig.

JULIA: Ik kijk één keer per week.

Dat is genoeg.

Meer is niet nodig.

TOM: Ik kijk nooit.

Mijn geld zit in een sok.

Een oude sok.

Een rode sok.

RICK: Een sok?

Dat is niet slim.

Een sok is niet veilig.

Geen rente.

JULIA: Nee, een sok geeft geen rente.

Geen cent extra.

Helemaal niets.

TOM: Rente?

Wat is dat?

Ik hoor dat woord voor het eerst.

RICK: Geld dat groeit.

Een beetje per jaar.

Een klein beetje.

Bij de bank.

JULIA: Bij een bank of in de markt.

De bank geeft ook rente.

Een klein percentage.

TOM: O, oké.

Ik leer nu.

Dank jullie.

Dank voor de uitleg.

RICK: Geen probleem.

Wij leren ook.

Elke dag leren wij.

JULIA: De rij is korter.

Ik ga een biertje halen.

Een koud biertje.

Voor ons allemaal.

RICK: Ja, ik ook.

Proost op het geld.

Proost op de toekomst.

TOM: Proost op de sok.

Grapje.

Proost op het leren.

Proost.

RICK: Tot de volgende keer.

Alle verhalen op Dutch Fluency, dutchfluency.com.

Tot de volgende.

Alle transcripten en meer Nederlandse verhalen op Dutch Fluency, dutchfluency.com slash transcripts.

Volledig transcript · gratis

Log in voor quiz, flashcards, chat en PDF

0:00

Tekst

Modus

Audio

Pauze