

Audio1x
Snelheid
Pauze
OefenenLees
Modus
Woordenschat
RICK: Hè, wat een dag.
PIETER: Ja, best vermoeiend.
LISA: Zullen we iets leuks doen?
RICK: Ik las net iets triests.
PIETER: Wat dan?
Vertel op.
RICK: Over een jongen van 18, in Nijmegen.
LISA: Wat is er gebeurd?
Was er een ongeluk?
RICK: Hij is dood, met een wapen.
Het is heel erg.
PIETER: Dat is verschrikkelijk.
Zo jong nog.
LISA: Was het een ongeluk?
Of expres?
RICK: Nee, het was expres.
Iemand heeft hem neergeschoten.
PIETER: Dus iemand heeft hem neergeschoten?
Dat is vreselijk.
RICK: Ja, precies.
De politie onderzoekt het nog.
LISA: En nu is er een stille tocht?
Voor hem?
RICK: Ja, honderden mensen doen mee.
Ze lopen stil.
PIETER: Dat is mooi.
Het laat zien dat mensen om hem geven.
LISA: Waarom een stille tocht?
Wat is het doel?
RICK: Om hem te herdenken.
En om stil te staan bij geweld.
PIETER: En om stil te staan bij geweld in de stad.
LISA: Ja, dat is belangrijk.
Geweld is nooit oké.
RICK: De familie heeft veel verdriet.
Dat snap ik wel.
PIETER: Zeker.
Ik kan me voorstellen hoe zij zich voelen.
LISA: Ik vind het heel erg.
Vooral voor zijn ouders.
RICK: Iedereen is er stil van.
In de buurt ook.
PIETER: Woonde hij in Nijmegen?
In het centrum?
RICK: Ja, hij was daar bekend.
Hij woonde in een wijk bij de Waal.
LISA: Hopelijk helpt de tocht de familie.
Dat zou fijn zijn.
PIETER: Ja, dat hoop ik ook.
De tocht kan de familie steunen.
RICK: De sfeer was heel emotioneel.
Mensen liepen stil met kaarsen.
LISA: Was jij erbij?
Heb je het gezien?
RICK: Nee, ik lees erover.
Ik las het in het nieuws vanavond.
PIETER: Ik ken Nijmegen wel.
Ik ben er vaak geweest voor werk.
LISA: Het is een leuke stad.
Vooral de oude gebouwen.
RICK: Ja, vooral met de Waal.
De Waal is een grote rivier.
PIETER: Jammer dat dit daar gebeurt.
Het is normaal zo rustig.
LISA: Geweld kan overal zijn.
In steden en dorpen.
RICK: Ja, dat is waar.
Het is triest maar waar.
PIETER: Laten we wat vrolijkers doen.
Iets leuks om op te vrolijken.
LISA: Goed idee.
Ik ben moe van al dat nieuws.
Even iets anders.
RICK: Wil je een film kijken?
Een grappige film?
PIETER: Ja, iets grappigs.
Geen drama of actie.
LISA: Ik kies er een.
Ik heb een leuke komedie.
RICK: Top, ik maak popcorn.
Met boter en zout.
PIETER: En ik zorg voor drinken.
Cola of sinas?
LISA: Sinas graag.
Ik hou van sinas.
Lekker fris.
RICK: Oké, ik start de film.
Even de televisie aanzetten.
PIETER: Ik ben er klaar voor.
Ik ga op de bank zitten.
LISA: Zet het geluid wat harder.
Ik hoor niet goed.
RICK: Doen we.
Ik zet het iets luider.
Zo beter?
PIETER: Dit is beter.
Nu kunnen we genieten.
LISA: Ja, weg met de narigheid.
Even lachen.
RICK: Even ontspannen nu.
Geen verdriet meer.
PIETER: Goed plan.
Ontspannen is fijn.
Dat hebben we nodig.
LISA: De film begint zo.
Ik zie de titel al.
RICK: Mooi, lekker chillen.
Popcorn is klaar.
PIETER: Tot zo, ik schenk in.
Ik breng de glazen.
LISA: Ik pak een deken.
Het is koud in huis.
RICK: Gezellig zo.
Samen een film kijken.
PIETER: Ja, precies wat we nodig hebben.
Even iets anders.
LISA: Ik ben benieuwd naar de film.
Is hij echt grappig?
RICK: Ik ook.
Hopelijk is hij leuk.
PIETER: Laten we genieten.
De film start nu.
RICK: Zeker.
Tot de volgende, fijne avond.
Alle transcripten en meer Nederlandse verhalen op Dutch Fluency, dutchfluency.com slash transcripts.
OefenenLees
Tekst
Modus
Audio
Pauze