Dutch Fluency
Mein Niveau findenNiveau
Anmelden

Niveau A1 · Unregelmäßig

Kijken konjugieren

kijken = schauen, zusehen

Infinitiv
kijken
Präteritum
keek · keken
Perfekt
heeft gekeken

Kurze Antwort

Kijken bedeutet schauen, zusehen. Präteritum: keek (Singular) und keken (Plural). Partizip Perfekt: gekeken, mit hebben: ik heb gekeken.

kijken üben

Präsens (tegenwoordige tijd)

ikkijk
jijkijkt
hij/zij/hetkijkt
wijkijken
julliekijken
zijkijken

Präteritum (verleden tijd)

ikkeek
jijkeek
hij/zij/hetkeek
wijkeken
julliekeken
zijkeken

Perfekt (voltooide tijd)

ikheb gekeken
jijhebt gekeken
hij/zij/hetheeft gekeken
wijhebben gekeken
julliehebben gekeken
zijhebben gekeken

Plusquamperfekt (voltooid verleden tijd)

ikhad gekeken
jijhad gekeken
hij/zij/hethad gekeken
wijhadden gekeken
julliehadden gekeken
zijhadden gekeken

Futur (toekomende tijd)

ikzal kijken
jijzult kijken
hij/zij/hetzal kijken
wijzullen kijken
julliezullen kijken
zijzullen kijken

Konditional (voorwaardelijke wijs)

ikzou kijken
jijzou kijken
hij/zij/hetzou kijken
wijzouden kijken
julliezouden kijken
zijzouden kijken

kijken üben

Sechs kurze Formen. Tippe die Antwort, drücke Enter und sieh sofort, ob sie stimmt.

1 von 60 ✓

Präsens

ik

So funktioniert dieses Verb

  • Unregelmäßiges Verb: Präteritum und Partizip folgen nicht dem regelmäßigen Muster mit -te/-de, also lerne die drei Formen zusammen: kijken, keek, gekeken.
  • Steht jij hinter dem Verb, fällt das -t weg: jij kijkt, aber kijk jij?

Fragen zu niederländischen Verben

Was ist das Präteritum von kijken?

keek (ik, jij, hij/zij/het) und keken (wij, jullie, zij).

Was ist das Partizip Perfekt von kijken?

gekeken, mit hebben: ik heb gekeken.

Wird kijken mit hebben oder zijn gebildet?

Mit hebben: ik heb gekeken, hij heeft gekeken.

Weitere Verben

Alle VerbenAlle Verben von A bis ZTrennbare Verben: Regeln und PrüferDe-oder-het-Prüfer

Willst du nicht mehr alles nachschlagen?

Der kostenlose Einstufungstest zeigt, wo dein Niederländisch steht und was du als Nächstes lernst.

Formen mit Wiktionary abgeglichen. Zusammengesetzte Zeiten nutzen die festen Formen von hebben, zijn, zullen und zou.