Dutch Fluency
Encontrar mi nivelNivel
Iniciar sesión

Nivel A1 · Verbo modal

Conjugación de Mogen

mogen = poder (tener permiso)

Infinitivo
mogen
Pasado
mocht · mochten
Perfecto
heeft gemogen

Respuesta rápida

Mogen significa poder (tener permiso). Pasado: mocht (singular) y mochten (plural). Participio: gemogen, con hebben: ik heb gemogen.

Practica mogen

Presente (tegenwoordige tijd)

ikmag
jijmag
hij/zij/hetmag
wijmogen
julliemogen
zijmogen

Pasado (verleden tijd)

ikmocht
jijmocht
hij/zij/hetmocht
wijmochten
julliemochten
zijmochten

Pretérito perfecto (voltooide tijd)

ikheb gemogen
jijhebt gemogen
hij/zij/hetheeft gemogen
wijhebben gemogen
julliehebben gemogen
zijhebben gemogen

Pluscuamperfecto (voltooid verleden tijd)

ikhad gemogen
jijhad gemogen
hij/zij/hethad gemogen
wijhadden gemogen
julliehadden gemogen
zijhadden gemogen

Futuro (toekomende tijd)

ikzal mogen
jijzult mogen
hij/zij/hetzal mogen
wijzullen mogen
julliezullen mogen
zijzullen mogen

Condicional (voorwaardelijke wijs)

ikzou mogen
jijzou mogen
hij/zij/hetzou mogen
wijzouden mogen
julliezouden mogen
zijzouden mogen

Practica mogen

Seis formas rápidas. Escribe la respuesta, pulsa Enter y mira al momento si es correcta.

1 de 60 ✓

Presente

ik

Cómo funciona este verbo

  • Verbo modal: suele ir seguido de un infinitivo al final de la frase, por ejemplo: Ik mag morgen komen.

Preguntas sobre los verbos neerlandeses

¿Cuál es el pasado de mogen?

mocht (ik, jij, hij/zij/het) y mochten (wij, jullie, zij).

¿Cuál es el participio de mogen?

gemogen, con hebben: ik heb gemogen.

¿El verbo mogen va con hebben o con zijn?

Con hebben: ik heb gemogen, hij heeft gemogen.

Más verbos

Todos los verbosComprobador de de o het

¿Quieres dejar de buscar cada palabra?

La prueba de nivel gratuita muestra dónde está tu neerlandés y qué aprender después.

Formas comprobadas con Wiktionary. Los tiempos compuestos usan las formas fijas de hebben, zijn, zullen y zou.