Dutch Fluency
Encontrar mi nivelNivel
Iniciar sesión

Nivel A2 · Irregular, separable

Conjugación de Uitgeven

uitgeven = gastar, publicar

Infinitivo
uitgeven
Pasado
gaf uit · gaven uit
Perfecto
heeft uitgegeven

Respuesta rápida

Uitgeven significa gastar, publicar. Pasado: gaf uit (singular) y gaven uit (plural). Participio: uitgegeven, con hebben: ik heb uitgegeven.

Practica uitgeven

Presente (tegenwoordige tijd)

ikgeef uit
jijgeeft uit
hij/zij/hetgeeft uit
wijgeven uit
julliegeven uit
zijgeven uit

Pasado (verleden tijd)

ikgaf uit
jijgaf uit
hij/zij/hetgaf uit
wijgaven uit
julliegaven uit
zijgaven uit

Pretérito perfecto (voltooide tijd)

ikheb uitgegeven
jijhebt uitgegeven
hij/zij/hetheeft uitgegeven
wijhebben uitgegeven
julliehebben uitgegeven
zijhebben uitgegeven

Pluscuamperfecto (voltooid verleden tijd)

ikhad uitgegeven
jijhad uitgegeven
hij/zij/hethad uitgegeven
wijhadden uitgegeven
julliehadden uitgegeven
zijhadden uitgegeven

Futuro (toekomende tijd)

ikzal uitgeven
jijzult uitgeven
hij/zij/hetzal uitgeven
wijzullen uitgeven
julliezullen uitgeven
zijzullen uitgeven

Condicional (voorwaardelijke wijs)

ikzou uitgeven
jijzou uitgeven
hij/zij/hetzou uitgeven
wijzouden uitgeven
julliezouden uitgeven
zijzouden uitgeven

Uitgeven es un verbo separable

En una oración principal uit va al final (ik geef uit). En una subordinada las dos partes permanecen juntas (dat ik uitgeef). Participio: uitgegeven.

Oración principalik geef uit
Preguntageef jij uit?
Oración subordinada… dat ik uitgeef
Con un verbo modalik wil uitgeven
Pretérito perfectoik heb uitgegeven
Con om ... teom uit te geven
Imperativogeef uit!

Verbos separables: reglas y comprobador

Practica uitgeven

Seis formas rápidas. Escribe la respuesta, pulsa Enter y mira al momento si es correcta.

1 de 60 ✓

Presente

ik

Cómo funciona este verbo

  • Verbo irregular: el pasado y el participio no siguen el patrón regular con -te/-de, así que aprende las tres formas juntas: uitgeven, gaf uit, uitgegeven.
  • Verbo separable. En una oración principal el prefijo uit va al final: ik geef uit. En una subordinada se queda unido: ... dat ik uitgeef, ... dat ik uitgaf.
  • En el participio, ge va entre las dos partes: uitgegeven.

Preguntas sobre los verbos neerlandeses

¿Cuál es el pasado de uitgeven?

gaf uit (ik, jij, hij/zij/het) y gaven uit (wij, jullie, zij).

¿Cuál es el participio de uitgeven?

uitgegeven, con hebben: ik heb uitgegeven.

¿El verbo uitgeven va con hebben o con zijn?

Con hebben: ik heb uitgegeven, hij heeft uitgegeven.

¿Es uitgeven un verbo separable?

Sí. En una oración principal uit va al final (ik geef uit), en una subordinada permanece unido (dat ik uitgeef). Participio: uitgegeven.

Más verbos

Todos los verbosTodos los verbos de la A a la ZVerbos separables: reglas y comprobadorComprobador de de o het

¿Quieres dejar de buscar cada palabra?

La prueba de nivel gratuita muestra dónde está tu neerlandés y qué aprender después.

Formas comprobadas con Wiktionary. Los tiempos compuestos usan las formas fijas de hebben, zijn, zullen y zou.