

Audio1x
Snelheid
Pauze
OefenenLees
Modus
Woordenschat
Marco zette zijn koffie op tafel en opende zijn laptop.
Het was een rustige ochtend in zijn appartement in Den Haag.
Hij werkte als journalist voor een klein online tijdschrift over muziek in de Caribische wereld.
Vandaag had hij een moeilijk artikel te schrijven.
Een paar weken geleden was zijn vriend Rodney Leysner spoorloos verdwenen in Suriname.
Rodney was een bekende producer van dancehall en reggae muziek in Paramaribo.
Hij maakte beats voor artiesten in heel Suriname en was geliefd bij veel mensen in de muziekwereld.
Marco had hem twee jaar geleden ontmoet op een festival in Amsterdam.
Ze hadden meteen een klik gehad.
Marco pakte zijn telefoon en belde zijn contactpersoon in Paramaribo.
Dat was Yasmin, een vrouw die voor een lokale radiozender werkte.
"Yasmin, heb jij al nieuws gehoord?" vroeg Marco.
"Ja," zei ze zacht.
"De politie heeft drie mensen opgepakt.
Ze denken dat die mensen iets te maken hebben met wat er met Rodney is gebeurd." Marco zweeg even.
Hij voelde een zware druk op zijn borst.
"Weet je al meer?
Is hij gevonden?" "Nee," antwoordde Yasmin.
"Dat weten we nog niet.
De politie doet onderzoek.
Het is een ingewikkelde zaak." Na het telefoongesprek stond Marco op en liep naar het raam.
Buiten reed een tram voorbij.
Een kind op de stoep gooide brood naar de duiven.
Het leven in Den Haag ging gewoon door, terwijl ergens ver weg zijn vriend nog steeds niet terecht was.
Marco dacht terug aan de laatste keer dat hij Rodney had gesproken.
Dat was via een videogesprek, drie maanden geleden.
Rodney had gelachen en gezegd: "Marco, kom een keer naar Paramaribo.
Ik laat je de echte muziek horen." Marco had beloofd dat hij zou komen.
Maar hij was er nooit geweest.
Hij ging weer zitten en begon te typen.
Hij schreef over Rodney als persoon.
Over zijn werk, zijn energie, zijn lach.
Hij wilde niet alleen een nieuwsbericht schrijven.
Hij wilde dat mensen begrepen wie Rodney was.
Tijdens het schrijven belde zijn collega Sander.
"Hoe gaat het met het artikel?" vroeg Sander.
"Het is moeilijk," zei Marco eerlijk.
"Ik ken hem persoonlijk.
Dat maakt het anders." "Dat begrijp ik," zei Sander rustig.
"Maar juist daarom moet jij dit schrijven.
Niemand anders kent hem zo goed." Marco knikte, ook al kon Sander dat niet zien.
"Je hebt gelijk.
Ik ga door." Die avond stuurde Marco het artikel in.
Hij had geschreven over de drie mensen die de politie had meegenomen voor verhoor.
Hij had ook geschreven over de familie van Rodney, die in Paramaribo wachtte op nieuws.
En hij had geschreven over de hoop die er nog steeds was.
Hij sloot zijn laptop en keek naar een foto op zijn bureau.
Het was een foto van hem en Rodney op het festival in Amsterdam.
Rodney had zijn arm om Marco's schouder gelegd en lachte breed naar de camera.
"Kom maar terug," zei Marco zacht tegen de foto.
Hij stond op, zette zijn lege koffiekop in de gootsteen en deed het licht uit.
Morgen zou hij verder zoeken naar antwoorden.
Maar vanavond was het genoeg.
Tot de volgende keer.
OefenenLees
Tekst
Modus
Audio
Pauze