

Audio1x
Snelheid
Pauze
OefenenLees
Modus
Woordenschat
Het is een koude ochtend in Friesland.
De lucht is grijs en het gras is nat.
Pieter staat bij het hek van zijn boerderij.
Hij kijkt naar zijn paard.
Het paard heet Sterre.
Sterre is groot en zwart.
Haar manen zijn lang en mooi.
Pieter houdt veel van Sterre.
Hij hoort de wind zachtjes door de bomen gaan.
De lucht ruikt naar vers gras en een beetje naar modder.
Pieter woont al twintig jaar in Friesland.
Hij heeft altijd paarden gehad.
Friese paarden zijn heel bekend in Nederland.
Ze zijn groot, sterk en mooi.
Veel mensen vinden ze prachtig.
Pieter vindt ze ook prachtig.
Hij denkt aan de eerste keer dat hij Sterre zag.
Dat was vijf jaar geleden.
Ze was nog klein en speels.
Nu is ze groot en rustig.
Deze ochtend komt er een bezoeker.
De man heet Joost.
Joost komt uit Amsterdam.
Hij rijdt in een grote, zwarte auto.
De auto maakt een zacht geluid als hij stopt.
Joost stapt uit en loopt naar Pieter.
Hij draagt een mooie jas en dure schoenen.
"Goedemorgen," zegt Joost.
"Is dat Sterre?" "Ja," zegt Pieter.
"Dat is Sterre." Joost kijkt naar het paard.
Zijn ogen worden groot.
"Ze is prachtig," zegt hij.
"Ik wil haar kopen." Pieter schudt zijn hoofd.
"Sterre is niet te koop." Joost lacht.
"Ik betaal veel geld.
Heel veel geld.
Duizenden euro's." Pieter denkt even na.
Hij kijkt naar Sterre.
Sterre staat rustig bij het hek.
Ze eet wat gras.
Ze kijkt Pieter aan met haar grote bruine ogen.
Haar ogen zijn zacht en kalm.
Pieter voelt een beetje kou op zijn wangen.
"Nee," zegt Pieter.
"Ze is niet te koop.
Ze is mijn paard." Joost is niet blij.
Zijn gezicht wordt een beetje rood.
Hij stapt weer in zijn auto en rijdt weg.
De auto maakt een hard geluid en verdwijnt achter de bomen.
Pieter blijft bij het hek staan.
Hij denkt aan wat hij weet over Friese paarden.
Er zijn nu minder Friese paarden dan vroeger.
Dat komt omdat mensen te veel op geld letten.
Ze willen mooie paarden.
Ze willen paarden die veel geld opbrengen.
Maar ze letten niet goed op de dieren zelf.
Sommige paarden worden moe en zwak.
Ze kunnen niet goed rennen.
Dat is niet goed voor de paarden.
Pieter heeft dat al vaak gezien.
Pieter wil dat niet.
Hij zorgt goed voor Sterre.
Hij geeft haar elke dag vers water en goed eten.
Hij borstelt haar manen.
De manen zijn zacht en glanzen in het grijze licht.
Hij loopt elke dag met haar over het land.
Het land is groen en nat.
Sterre is sterk en blij.
Ze rent soms een beetje, maar meestal loopt ze rustig.
Na een tijdje komt Pieters dochter naar buiten.
Ze heet Emma.
Emma is twaalf jaar oud.
Ze houdt ook veel van Sterre.
Ze draagt een warme jas en laarzen.
"Papa, wie was die man?" vraagt Emma.
Haar stem is nieuwsgierig.
"Een man uit Amsterdam," zegt Pieter.
"Hij wilde Sterre kopen." Emma kijkt haar vader aan.
"Maar je hebt nee gezegd, toch?" "Ja," zegt Pieter.
"Ik heb nee gezegd." Emma lacht.
Ze loopt naar Sterre toe.
Ze aait het paard op haar neus.
Sterre beweegt haar hoofd een beetje.
Ze vindt het fijn.
Emma voelt de warmte van Sterres vacht.
"Goed zo, papa," zegt Emma.
Pieter kijkt naar zijn dochter en zijn paard.
Hij ruikt de frisse lucht van Friesland.
Hij hoort de wind door het gras.
Hij is blij.
Sterre blijft hier.
Ze is niet te koop.
Pieter denkt: "Geld is niet alles.
Een paard is een vriend.
En een vriend is niet te koop." Hij voelt de koude wind op zijn gezicht, maar hij voelt zich warm vanbinnen.
Emma aait Sterre nog een keer en dan lopen ze samen terug naar de boerderij.
Sommige dingen zijn belangrijker dan geld.
Pieter weet dat.
En Emma weet dat ook.
Tot de volgende keer.
OefenenLees
Tekst
Modus
Audio
Pauze