Dutch Fluency
Find my levelLevel
Login

Weer op het groene veld

Ik ben Rick en ik woon in Den Haag.

Vandaag ben ik in Zwolle bij mijn neef Daan.

Hij is 20 en werkt in een winkel.

Op dinsdag gaat hij naar school.

Vandaag is hij vrij, net als ik.

We zitten aan tafel met thee en brood.

Naast zijn stoel staat een tas met voetbalschoenen.

Daan kijkt ernaar, maar zegt niets.

Buiten tikt de regen tegen het raam.

Een bus rijdt door een grote plas.

Het water komt bijna tot aan een fiets.

Normaal maakt Daan daar een grap over.

Vandaag blijft hij stil.

Zijn telefoon ligt naast zijn bord.

Vandaag hoort hij nieuws over een man.

Die man moet 16 jaar achter een dichte deur blijven.

Hij mag niet naar buiten wanneer hij wil.

Het heeft te maken met Daans voetbalclub.

Daar was een dag met harde knallen en veel angst.

Daan was toen ook bij de club.

Hij hoorde de knallen en ging onder een tafel zitten.

Hij dacht alleen aan zijn moeder.

Sinds die dag gaat hij niet meer naar het veld.

Zijn schoenen blijven in de tas.

Hij mist voetbal, maar hij is ook bang.

16 jaar is lang, zegt hij nu.

Ik knik en zet mijn kopje neer.

Wil je vandaag naar de club, vraag ik.

Daan kijkt naar zijn tas.

Alleen kijken, zegt hij.

Ik hoef nog niet mee te doen.

Eerst gaan we naar de winkel voor nieuwe sokken.

Zijn oude sokken hebben gaten bij de tenen.

Mijn tenen willen ook naar buiten, zegt Daan.

Het is zijn eerste grap van vandaag.

Hij kiest blauwe sokken, maar vindt ze duur.

Voor dat geld moeten ze zelf kunnen voetballen.

De vrouw achter de kassa lacht.

Ze doet de sokken in een kleine papieren zak.

Even tussen door.

Bedankt voor het luisteren.

Reageer onder deze aflevering.

Of stuur me een DM op Instagram.

Dan stuur ik je een speciale kortingskode voor de interactieve versie van deze aflevering.

Veel plezier verder met het verhaal.

Buiten is de regen gestopt.

Buiten is de regen gestopt.

We gaan met de bus naar het veld.

Daan houdt zijn tas op zijn knieën.

Bij elke halte kijkt hij even naar buiten.

Ik vertel over mijn fiets in Den Haag.

Mijn fiets maakt al drie dagen een vreemd geluid.

Het klinkt als een eend met een slechte dag.

Daan doet het geluid na.

Een kind voor ons begint te lachen.

Even denkt Daan niet aan die nare dag.

Hij kijkt naar zijn tas en maakt hem open.

Bij de club ruikt het naar nat gras.

Het veld is groen en de lijnen zijn wit.

Achter een raam zien we kopjes op een tafel.

Iemand schenkt koffie in.

Een bal rolt langzaam naar het hek.

Daan stopt de bal met zijn voet.

Daarna kijkt hij naar zijn schoenen.

Een jongen aan de andere kant roept zijn naam.

Daan, doe je straks mee?

Daan kijkt naar mij en dan naar het veld.

Misschien tien minuten, zegt hij.

Hij gaat op een bank zitten en trekt zijn schoenen aan.

De nieuwe sokken zijn zacht.

Eén sok zit eerst aan de verkeerde voet.

Zelf voetballen kunnen ze dus niet, zegt hij.

Ik lach en ga naast het veld staan.

Daan loopt naar de andere jongens.

Eerst geeft hij de bal snel weer weg.

Daarna loopt hij wat verder over het gras.

Hij vraagt om de bal.

Zijn stem klinkt steeds harder.

Na 10 minuten komt hij naar mij toe.

Zijn haar is nat en zijn wangen zijn rood.

Nog 10 minuten, vraagt hij.

Ik wijs naar zijn tas.

Daar ligt nog genoeg brood voor later.

Daan lacht en gaat terug naar het veld.

Hij is nog een beetje bang, maar ook blij.

Voor vandaag is dat genoeg.

Tot de volgende keer.

Bedankt voor het luisteren naar Dutch Fluency.

Op Dutchfluency.com vind je de transcript en oefeningen.

Spreek Nederlands, zelfs als je stottert.

Tot de volgende keer.

0:00
Settings

Text

Mode

Audio

Pause