

Audio1x
Snelheid
Pauze
OefenenLees
Modus
Woordenschat
Ik ben Rick, een leraar Nederlands in Den Haag.
Elke dinsdag geef ik les in een klein lokaal.
Het lokaal is boven een winkel met schoenen.
Vandaag is de lucht grijs en de straat nat.
Binnen is het warm, want de kachel staat aan.
Op de tafel staat thee in kleine glazen.
De kopjes tikken zacht tegen elkaar.
Een gele tram rijdt buiten langs het plein.
Het geel van de tram maakt de dag lichter.
Samir komt als eerste binnen.
Hij heeft een blauwe jas en nat haar.
Hij werkt in een werkplaats voor fietsen.
Daar maakt hij banden, bellen en lampen.
Hij komt uit Sudan en woont nu hier.
Zijn zus Amina woont nog daar met hun moeder.
Ik zeg dat we vandaag over werk en winkels praten.
Samir knikt, maar zijn ogen blijven bij het raam.
Dan piept zijn mobiel.
Er is een kort bericht van Amina.
Samir leest langzaam.
Zijn hand blijft stil op de tafel.
Ik vraag zacht: 'Gaat het, Samir?' Hij zegt: 'Mijn zus is nu bij tante Huda.' Daarna zegt hij niets.
De klas wordt stil.
Mariam, een vrouw uit de les, pakt de theepot.
Ze schenkt thee in voor Samir.
Het glas maakt een klein tikje op het bordje.
Samir vertelt dan verder.
In Sudan zijn veel gewone mensen bang.
Soms komen kleine vliegende apparaten boven straten.
Daarna volgt soms een harde klap.
Huizen krijgen gaten en ramen gaan kapot.
Mensen willen naar school of naar de markt.
Maar ze moeten vaak binnen blijven.
Amina zegt dat hun huis nu geen ramen heeft.
Moeder maakt thee op een klein fornuis.
Zij zegt dat ze sterk is.
Samir kijkt naar zijn handen.
'Ik wil iets doen,' zegt hij.
'Maar ik ben hier, heel ver van haar.' Ik zeg: 'Je bent hier, maar je bent niet alleen.' Mariam knikt en wijst naar zijn tas.
'Jij maakt fietsen,' zegt zij.
'Fietsen brengen mensen ergens heen.' Samir kijkt verbaasd.
Ik maak een klein grapje.
'Mijn fiets brengt mij vooral naar de bakker.' 'Hij kent de weg naar taart,' zeg ik.
De klas kijkt vrolijk.
Samir ademt langzaam uit.
Daarna praat hij over zijn werkplaats.
Vandaag staat daar een oude gele fiets.
De bel maakt een raar geluid.
Samir doet het geluid na.
'Ping, ping, joh,' zegt hij met Haags accent.
Nu kijkt zelfs Samir even vrolijk.
Na de les gaan we samen naar de werkplaats.
De straat glimt door de regen.
Auto's rijden door plassen en maken zacht gespetter.
In de werkplaats hangen banden aan de muur.
Er staat een doos met rode lampjes.
Samir zet de gele fiets op een standaard.
Hij draait aan een wiel en luistert goed.
'Deze fiets praat te veel,' zegt hij.
'Net als ik in de les,' zeg ik.
Samir zegt: 'Nee, Rick, jij praat meer.' Dat is waar, dus ik pak maar thee.
Terwijl hij werkt, praat Samir verder.
Hij leest soms korte berichten over Sudan.
Daarin staat dat mensen uit andere landen geld sturen.
Ze sturen ook spullen voor de strijd.
Daardoor gaat de strijd langer door.
Gewone mensen krijgen dan meer stress en pijn.
Samir vindt dat moeilijk en vreemd.
'Waarom sturen ze dat?' vraagt hij.
Ik heb geen simpel antwoord.
Ik zeg alleen: 'Veel grote mensen maken koude keuzes.' Samir veegt olie van zijn vingers.
'Mijn moeder wil alleen brood en school,' zegt hij.
'Amina wil rekenen leren.' De volgende dag maken we in de klas een plan.
Het is een klein plan, maar het past bij ons.
We maken kaartjes met Nederlandse woorden.
Brood, fiets, school, markt, huis en regen.
Samir maakt foto's van de kaartjes.
Mariam koopt stroopwafels in de winkel beneden.
In de pauze verkopen we thee en wafels.
Een man koopt drie wafels voor zijn kantoor.
Hij zegt: 'Mijn collega's leren graag met suiker.' Aan het einde ligt er geld in een glazen pot.
Het is niet veel, maar het is echt.
Mariam stuurt het geld naar Amina en moeder.
Samir stuurt ook de foto's van de kaartjes.
Later komt er een bericht terug.
Amina schrijft dat ze het woord fiets mooi vindt.
Ze tekent een gele fiets naast het woord.
Samir kijkt lang naar de tekening.
Zijn ogen zijn nat, maar zijn stem is rustig.
'Zij leert Nederlands met ons,' zegt hij.
Ik voel warmte in mijn borst.
Buiten rijdt weer een gele tram voorbij.
Samir pakt zijn jas en zijn tas.
Morgen gaat hij weer naar de werkplaats.
Hij heeft nog veel fietsen te maken.
Maar vanavond voelt de afstand iets kleiner.
Tot de volgende keer.
OefenenLees
Tekst
Modus
Audio
Pauze