Dutch Fluency
Encontrar mi nivelNivel
Iniciar sesión

Nivel A1 · Irregular

Conjugación de Lopen

lopen = caminar

Infinitivo
lopen
Pasado
liep · liepen
Perfecto
heeft / is gelopen

Respuesta rápida

Lopen significa caminar. Pasado: liep (singular) y liepen (plural). Participio: gelopen, con hebben / zijn: ik heb / ben gelopen.

Practica lopen

Presente (tegenwoordige tijd)

ikloop
jijloopt
hij/zij/hetloopt
wijlopen
jullielopen
zijlopen

Pasado (verleden tijd)

ikliep
jijliep
hij/zij/hetliep
wijliepen
jullieliepen
zijliepen

Pretérito perfecto (voltooide tijd)

ikheb / ben gelopen
jijhebt / bent gelopen
hij/zij/hetheeft / is gelopen
wijhebben / zijn gelopen
julliehebben / zijn gelopen
zijhebben / zijn gelopen

Pluscuamperfecto (voltooid verleden tijd)

ikhad / was gelopen
jijhad / was gelopen
hij/zij/hethad / was gelopen
wijhadden / waren gelopen
julliehadden / waren gelopen
zijhadden / waren gelopen

Futuro (toekomende tijd)

ikzal lopen
jijzult lopen
hij/zij/hetzal lopen
wijzullen lopen
julliezullen lopen
zijzullen lopen

Condicional (voorwaardelijke wijs)

ikzou lopen
jijzou lopen
hij/zij/hetzou lopen
wijzouden lopen
julliezouden lopen
zijzouden lopen

Practica lopen

Seis formas rápidas. Escribe la respuesta, pulsa Enter y mira al momento si es correcta.

1 de 60 ✓

Presente

ik

Cómo funciona este verbo

  • Verbo irregular: el pasado y el participio no siguen el patrón regular con -te/-de, así que aprende las tres formas juntas: lopen, liep, gelopen.
  • Cuando jij va después del verbo, se pierde la -t: jij loopt, pero loop jij?
  • Hebben o zijn: hebben para la actividad en sí, zijn cuando dices adónde o qué cambió. Ik heb een uur gelopen. Ik ben naar huis gelopen.

Preguntas sobre los verbos neerlandeses

¿Cuál es el pasado de lopen?

liep (ik, jij, hij/zij/het) y liepen (wij, jullie, zij).

¿Cuál es el participio de lopen?

gelopen, con hebben o zijn según el significado: Ik heb een uur gelopen. Ik ben naar huis gelopen.

¿El verbo lopen va con hebben o con zijn?

Con los dos, según el significado: Ik heb een uur gelopen. Ik ben naar huis gelopen.

Más verbos

Todos los verbosComprobador de de o het

¿Quieres dejar de buscar cada palabra?

La prueba de nivel gratuita muestra dónde está tu neerlandés y qué aprender después.

Formas comprobadas con Wiktionary. Los tiempos compuestos usan las formas fijas de hebben, zijn, zullen y zou.