Dutch Fluency
Encontrar mi nivelNivel
Iniciar sesión

Nivel A1 · Regular

Conjugación de Zetten

zetten = poner

Infinitivo
zetten
Pasado
zette · zetten
Perfecto
heeft gezet

Respuesta rápida

Zetten significa poner. Pasado: zette (singular) y zetten (plural). Participio: gezet, con hebben: ik heb gezet.

Practica zetten

Presente (tegenwoordige tijd)

ikzet
jijzet
hij/zij/hetzet
wijzetten
julliezetten
zijzetten

Pasado (verleden tijd)

ikzette
jijzette
hij/zij/hetzette
wijzetten
julliezetten
zijzetten

Pretérito perfecto (voltooide tijd)

ikheb gezet
jijhebt gezet
hij/zij/hetheeft gezet
wijhebben gezet
julliehebben gezet
zijhebben gezet

Pluscuamperfecto (voltooid verleden tijd)

ikhad gezet
jijhad gezet
hij/zij/hethad gezet
wijhadden gezet
julliehadden gezet
zijhadden gezet

Futuro (toekomende tijd)

ikzal zetten
jijzult zetten
hij/zij/hetzal zetten
wijzullen zetten
julliezullen zetten
zijzullen zetten

Condicional (voorwaardelijke wijs)

ikzou zetten
jijzou zetten
hij/zij/hetzou zetten
wijzouden zetten
julliezouden zetten
zijzouden zetten

Practica zetten

Seis formas rápidas. Escribe la respuesta, pulsa Enter y mira al momento si es correcta.

1 de 60 ✓

Presente

ik

Cómo funciona este verbo

  • Verbo regular. La raíz es zet. En el infinitivo zetten hay una t antes de -en, uno de los sonidos de 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), así que el pasado lleva -te (zette, zetten) y el participio termina en -t (gezet).

Preguntas sobre los verbos neerlandeses

¿Cuál es el pasado de zetten?

zette (ik, jij, hij/zij/het) y zetten (wij, jullie, zij).

¿Cuál es el participio de zetten?

gezet, con hebben: ik heb gezet.

¿El verbo zetten va con hebben o con zijn?

Con hebben: ik heb gezet, hij heeft gezet.

Más verbos

Todos los verbosTodos los verbos de la A a la ZVerbos separables: reglas y comprobadorComprobador de de o het

¿Quieres dejar de buscar cada palabra?

La prueba de nivel gratuita muestra dónde está tu neerlandés y qué aprender después.

Formas comprobadas con Wiktionary. Los tiempos compuestos usan las formas fijas de hebben, zijn, zullen y zou.