Dutch Fluency
Encontrar mi nivelNivel
Iniciar sesión

Nivel B2 · Regular

Conjugación de Automatiseren

automatiseren = automatizar

Infinitivo
automatiseren
Pasado
automatiseerde · automatiseerden
Perfecto
heeft geautomatiseerd

Respuesta rápida

Automatiseren significa automatizar. Pasado: automatiseerde (singular) y automatiseerden (plural). Participio: geautomatiseerd, con hebben: ik heb geautomatiseerd.

Practica automatiseren

Presente (tegenwoordige tijd)

ikautomatiseer
jijautomatiseert
hij/zij/hetautomatiseert
wijautomatiseren
jullieautomatiseren
zijautomatiseren

Pasado (verleden tijd)

ikautomatiseerde
jijautomatiseerde
hij/zij/hetautomatiseerde
wijautomatiseerden
jullieautomatiseerden
zijautomatiseerden

Pretérito perfecto (voltooide tijd)

ikheb geautomatiseerd
jijhebt geautomatiseerd
hij/zij/hetheeft geautomatiseerd
wijhebben geautomatiseerd
julliehebben geautomatiseerd
zijhebben geautomatiseerd

Pluscuamperfecto (voltooid verleden tijd)

ikhad geautomatiseerd
jijhad geautomatiseerd
hij/zij/hethad geautomatiseerd
wijhadden geautomatiseerd
julliehadden geautomatiseerd
zijhadden geautomatiseerd

Futuro (toekomende tijd)

ikzal automatiseren
jijzult automatiseren
hij/zij/hetzal automatiseren
wijzullen automatiseren
julliezullen automatiseren
zijzullen automatiseren

Condicional (voorwaardelijke wijs)

ikzou automatiseren
jijzou automatiseren
hij/zij/hetzou automatiseren
wijzouden automatiseren
julliezouden automatiseren
zijzouden automatiseren

Practica automatiseren

Seis formas rápidas. Escribe la respuesta, pulsa Enter y mira al momento si es correcta.

1 de 60 ✓

Presente

ik

automatiseren en una frase

Completa con la forma correcta. La frase te indica quién y cuándo, y al comprobar tu respuesta ves qué significa.

  1. Presente

    Het bedrijf het werk steeds meer.

  2. Pasado

    Jullie vorig jaar de hele administratie.

  3. Pretérito perfecto

    Ik mijn rapporten eindelijk .

  4. Presente

    Jij vaak saaie taken op je computer.

Cómo funciona este verbo

  • Verbo regular. La raíz es automatiseer. En el infinitivo automatiseren hay una r antes de -en, que no está en 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), así que el pasado lleva -de (automatiseerde, automatiseerden) y el participio termina en -d (geautomatiseerd).
  • Cuando jij va después del verbo, se pierde la -t: jij automatiseert, pero automatiseer jij?

Preguntas sobre los verbos neerlandeses

¿Cuál es el pasado de automatiseren?

automatiseerde (ik, jij, hij/zij/het) y automatiseerden (wij, jullie, zij).

¿Cuál es el participio de automatiseren?

geautomatiseerd, con hebben: ik heb geautomatiseerd.

¿El verbo automatiseren va con hebben o con zijn?

Con hebben: ik heb geautomatiseerd, hij heeft geautomatiseerd.

Más verbos

Todos los verbosTodos los verbos de la A a la ZVerbos separables: reglas y comprobadorComprobador de de o het

¿Quieres dejar de buscar cada palabra?

La prueba de nivel gratuita muestra dónde está tu neerlandés y qué aprender después.

Formas comprobadas con Wiktionary. Los tiempos compuestos usan las formas fijas de hebben, zijn, zullen y zou.