Dutch Fluency
Encontrar mi nivelNivel
Iniciar sesión

Nivel B2 · Regular

Conjugación de Verrijken

verrijken = enriquecer

Infinitivo
verrijken
Pasado
verrijkte · verrijkten
Perfecto
heeft verrijkt

Respuesta rápida

Verrijken significa enriquecer. Pasado: verrijkte (singular) y verrijkten (plural). Participio: verrijkt, con hebben: ik heb verrijkt.

Practica verrijken

Presente (tegenwoordige tijd)

ikverrijk
jijverrijkt
hij/zij/hetverrijkt
wijverrijken
jullieverrijken
zijverrijken

Pasado (verleden tijd)

ikverrijkte
jijverrijkte
hij/zij/hetverrijkte
wijverrijkten
jullieverrijkten
zijverrijkten

Pretérito perfecto (voltooide tijd)

ikheb verrijkt
jijhebt verrijkt
hij/zij/hetheeft verrijkt
wijhebben verrijkt
julliehebben verrijkt
zijhebben verrijkt

Pluscuamperfecto (voltooid verleden tijd)

ikhad verrijkt
jijhad verrijkt
hij/zij/hethad verrijkt
wijhadden verrijkt
julliehadden verrijkt
zijhadden verrijkt

Futuro (toekomende tijd)

ikzal verrijken
jijzult verrijken
hij/zij/hetzal verrijken
wijzullen verrijken
julliezullen verrijken
zijzullen verrijken

Condicional (voorwaardelijke wijs)

ikzou verrijken
jijzou verrijken
hij/zij/hetzou verrijken
wijzouden verrijken
julliezouden verrijken
zijzouden verrijken

Practica verrijken

Seis formas rápidas. Escribe la respuesta, pulsa Enter y mira al momento si es correcta.

1 de 60 ✓

Presente

ik

verrijken en una frase

Completa con la forma correcta. La frase te indica quién y cuándo, y al comprobar tu respuesta ves qué significa.

  1. Pasado

    Het museum de collectie vorig jaar met nieuwe schilderijen.

  2. Pretérito perfecto

    Die cursus mijn woordenschat echt .

  3. Oración subordinada

    Ik vind dat nieuwe culturen onze stad .

  4. Pasado

    Wij de soep met verse kruiden uit de tuin.

Cómo funciona este verbo

  • Verbo regular. La raíz es verrijk. En el infinitivo verrijken hay una k antes de -en, uno de los sonidos de 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), así que el pasado lleva -te (verrijkte, verrijkten) y el participio termina en -t (verrijkt).
  • Los verbos que empiezan por be-, ge-, her-, ont-, ver- o er- no llevan un ge- extra en el participio: verrijkt.
  • Cuando jij va después del verbo, se pierde la -t: jij verrijkt, pero verrijk jij?

Preguntas sobre los verbos neerlandeses

¿Cuál es el pasado de verrijken?

verrijkte (ik, jij, hij/zij/het) y verrijkten (wij, jullie, zij).

¿Cuál es el participio de verrijken?

verrijkt, con hebben: ik heb verrijkt.

¿El verbo verrijken va con hebben o con zijn?

Con hebben: ik heb verrijkt, hij heeft verrijkt.

Más verbos

Todos los verbosTodos los verbos de la A a la ZVerbos separables: reglas y comprobadorComprobador de de o het

¿Quieres dejar de buscar cada palabra?

La prueba de nivel gratuita muestra dónde está tu neerlandés y qué aprender después.

Formas comprobadas con Wiktionary. Los tiempos compuestos usan las formas fijas de hebben, zijn, zullen y zou.