Niveau C1 · Regelmatig
Vervoeging van Dagvaarden
dagvaarden = to subpoena
- Hele werkwoord
- dagvaarden
- Verleden tijd
- dagvaardde · dagvaardden
- Voltooide tijd
- heeft gedagvaard
Kort antwoord
Dagvaarden is in het Engels to subpoena. Verleden tijd: dagvaardde (enkelvoud) en dagvaardden (meervoud). Voltooid deelwoord: gedagvaard, met hebben: ik heb gedagvaard.
Oefen dagvaardenTegenwoordige tijd
| ik | dagvaard |
| jij | dagvaardt |
| hij/zij/het | dagvaardt |
| wij | dagvaarden |
| jullie | dagvaarden |
| zij | dagvaarden |
Verleden tijd
| ik | dagvaardde |
| jij | dagvaardde |
| hij/zij/het | dagvaardde |
| wij | dagvaardden |
| jullie | dagvaardden |
| zij | dagvaardden |
Voltooide tijd
| ik | heb gedagvaard |
| jij | hebt gedagvaard |
| hij/zij/het | heeft gedagvaard |
| wij | hebben gedagvaard |
| jullie | hebben gedagvaard |
| zij | hebben gedagvaard |
Voltooid verleden tijd
| ik | had gedagvaard |
| jij | had gedagvaard |
| hij/zij/het | had gedagvaard |
| wij | hadden gedagvaard |
| jullie | hadden gedagvaard |
| zij | hadden gedagvaard |
Toekomende tijd
| ik | zal dagvaarden |
| jij | zult dagvaarden |
| hij/zij/het | zal dagvaarden |
| wij | zullen dagvaarden |
| jullie | zullen dagvaarden |
| zij | zullen dagvaarden |
Voorwaardelijke wijs
| ik | zou dagvaarden |
| jij | zou dagvaarden |
| hij/zij/het | zou dagvaarden |
| wij | zouden dagvaarden |
| jullie | zouden dagvaarden |
| zij | zouden dagvaarden |
Oefen dagvaarden
Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.
Tegenwoordige tijd
dagvaarden in een zin
Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.
Zo werkt dit werkwoord
- Regelmatig werkwoord. De stam is dagvaard. In dagvaarden staat d voor -en, en die zit niet in 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), dus de verleden tijd krijgt -de (dagvaardde, dagvaardden) en het voltooid deelwoord eindigt op -d (gedagvaard).
- Staat jij achter het werkwoord, dan valt de -t weg: jij dagvaardt, maar dagvaard jij?
Vragen over werkwoorden
Wat is de verleden tijd van dagvaarden?
dagvaardde (ik, jij, hij/zij/het) en dagvaardden (wij, jullie, zij).
Wat is het voltooid deelwoord van dagvaarden?
gedagvaard, met hebben: ik heb gedagvaard.
Gebruik je dagvaarden met hebben of zijn?
Met hebben: ik heb gedagvaard, hij heeft gedagvaard.
Meer werkwoorden
Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker
Wil je niet meer alles opzoeken?
De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.
Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.