Dutch Fluency
Vind mijn niveauNiveau
Inloggen

Niveau B2 · Onregelmatig

Vervoeging van Dwingen

dwingen = to force

Hele werkwoord
dwingen
Verleden tijd
dwong · dwongen
Voltooide tijd
heeft gedwongen

Kort antwoord

Dwingen is in het Engels to force. Verleden tijd: dwong (enkelvoud) en dwongen (meervoud). Voltooid deelwoord: gedwongen, met hebben: ik heb gedwongen.

Oefen dwingen

Tegenwoordige tijd

ikdwing
jijdwingt
hij/zij/hetdwingt
wijdwingen
julliedwingen
zijdwingen

Verleden tijd

ikdwong
jijdwong
hij/zij/hetdwong
wijdwongen
julliedwongen
zijdwongen

Voltooide tijd

ikheb gedwongen
jijhebt gedwongen
hij/zij/hetheeft gedwongen
wijhebben gedwongen
julliehebben gedwongen
zijhebben gedwongen

Voltooid verleden tijd

ikhad gedwongen
jijhad gedwongen
hij/zij/hethad gedwongen
wijhadden gedwongen
julliehadden gedwongen
zijhadden gedwongen

Toekomende tijd

ikzal dwingen
jijzult dwingen
hij/zij/hetzal dwingen
wijzullen dwingen
julliezullen dwingen
zijzullen dwingen

Voorwaardelijke wijs

ikzou dwingen
jijzou dwingen
hij/zij/hetzou dwingen
wijzouden dwingen
julliezouden dwingen
zijzouden dwingen

Oefen dwingen

Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.

1 van 60 ✓

Tegenwoordige tijd

ik

dwingen in een zin

Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.

  1. Tegenwoordige tijd

    De regen ons om binnen te blijven.

  2. Verleden tijd

    De directeur de werknemers om te vertrekken.

  3. Voltooide tijd

    De ziekte hem om te stoppen met werken .

  4. Bijzin

    Ik vind het erg dat ze hem om mee te doen.

Zo werkt dit werkwoord

  • Onregelmatig werkwoord: de verleden tijd en het voltooid deelwoord volgen het gewone -te/-de-patroon niet, dus leer de drie vormen samen: dwingen, dwong, gedwongen.
  • Staat jij achter het werkwoord, dan valt de -t weg: jij dwingt, maar dwing jij?

Vragen over werkwoorden

Wat is de verleden tijd van dwingen?

dwong (ik, jij, hij/zij/het) en dwongen (wij, jullie, zij).

Wat is het voltooid deelwoord van dwingen?

gedwongen, met hebben: ik heb gedwongen.

Gebruik je dwingen met hebben of zijn?

Met hebben: ik heb gedwongen, hij heeft gedwongen.

Meer werkwoorden

Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker

Wil je niet meer alles opzoeken?

De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.

Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.