Niveau B2 · Regelmatig
Vervoeging van Fronsen
fronsen = to frown
- Hele werkwoord
- fronsen
- Verleden tijd
- fronste · fronsten
- Voltooide tijd
- heeft gefronst
Kort antwoord
Fronsen is in het Engels to frown. Verleden tijd: fronste (enkelvoud) en fronsten (meervoud). Voltooid deelwoord: gefronst, met hebben: ik heb gefronst.
Oefen fronsenTegenwoordige tijd
| ik | frons |
| jij | fronst |
| hij/zij/het | fronst |
| wij | fronsen |
| jullie | fronsen |
| zij | fronsen |
Verleden tijd
| ik | fronste |
| jij | fronste |
| hij/zij/het | fronste |
| wij | fronsten |
| jullie | fronsten |
| zij | fronsten |
Voltooide tijd
| ik | heb gefronst |
| jij | hebt gefronst |
| hij/zij/het | heeft gefronst |
| wij | hebben gefronst |
| jullie | hebben gefronst |
| zij | hebben gefronst |
Voltooid verleden tijd
| ik | had gefronst |
| jij | had gefronst |
| hij/zij/het | had gefronst |
| wij | hadden gefronst |
| jullie | hadden gefronst |
| zij | hadden gefronst |
Toekomende tijd
| ik | zal fronsen |
| jij | zult fronsen |
| hij/zij/het | zal fronsen |
| wij | zullen fronsen |
| jullie | zullen fronsen |
| zij | zullen fronsen |
Voorwaardelijke wijs
| ik | zou fronsen |
| jij | zou fronsen |
| hij/zij/het | zou fronsen |
| wij | zouden fronsen |
| jullie | zouden fronsen |
| zij | zouden fronsen |
Oefen fronsen
Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.
Tegenwoordige tijd
fronsen in een zin
Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.
Zo werkt dit werkwoord
- Regelmatig werkwoord. De stam is frons. In fronsen staat s voor -en, een van de klanken van 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), dus de verleden tijd krijgt -te (fronste, fronsten) en het voltooid deelwoord eindigt op -t (gefronst).
- Staat jij achter het werkwoord, dan valt de -t weg: jij fronst, maar frons jij?
Vragen over werkwoorden
Wat is de verleden tijd van fronsen?
fronste (ik, jij, hij/zij/het) en fronsten (wij, jullie, zij).
Wat is het voltooid deelwoord van fronsen?
gefronst, met hebben: ik heb gefronst.
Gebruik je fronsen met hebben of zijn?
Met hebben: ik heb gefronst, hij heeft gefronst.
Meer werkwoorden
Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker
Wil je niet meer alles opzoeken?
De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.
Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.