Dutch Fluency
Vind mijn niveauNiveau
Inloggen

Niveau B1 · Regelmatig, scheidbaar

Vervoeging van Instorten

instorten = to collapse

Hele werkwoord
instorten
Verleden tijd
stortte in · stortten in
Voltooide tijd
is ingestort

Kort antwoord

Instorten is in het Engels to collapse. Verleden tijd: stortte in (enkelvoud) en stortten in (meervoud). Voltooid deelwoord: ingestort, met zijn: ik ben ingestort.

Oefen instorten

Tegenwoordige tijd

ikstort in
jijstort in
hij/zij/hetstort in
wijstorten in
julliestorten in
zijstorten in

Verleden tijd

ikstortte in
jijstortte in
hij/zij/hetstortte in
wijstortten in
julliestortten in
zijstortten in

Voltooide tijd

ikben ingestort
jijbent ingestort
hij/zij/hetis ingestort
wijzijn ingestort
julliezijn ingestort
zijzijn ingestort

Voltooid verleden tijd

ikwas ingestort
jijwas ingestort
hij/zij/hetwas ingestort
wijwaren ingestort
julliewaren ingestort
zijwaren ingestort

Toekomende tijd

ikzal instorten
jijzult instorten
hij/zij/hetzal instorten
wijzullen instorten
julliezullen instorten
zijzullen instorten

Voorwaardelijke wijs

ikzou instorten
jijzou instorten
hij/zij/hetzou instorten
wijzouden instorten
julliezouden instorten
zijzouden instorten

Instorten is een scheidbaar werkwoord

In een hoofdzin gaat in naar het einde (ik stort in). In een bijzin blijven de twee delen bij elkaar (dat ik instort). Voltooid deelwoord: ingestort.

Hoofdzinik stort in
Vraagstort jij in?
Bijzin… dat ik instort
Met een modaal werkwoordik wil instorten
Voltooide tijdik ben ingestort
Met om ... teom in te storten
Gebiedende wijsstort in!

Scheidbare werkwoorden: regels en checker

Oefen instorten

Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.

1 van 60 ✓

Tegenwoordige tijd

ik

instorten in een zin

Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.

  1. Tegenwoordige tijd

    Het oude huis bijna na de storm.

  2. Verleden tijd

    Vorige week het dak van de school .

  3. Voltooide tijd

    De brug door het zware verkeer .

  4. Tegenwoordige tijd

    Als het zo blijft regenen, de schuur .

Zo werkt dit werkwoord

  • Regelmatig werkwoord. De stam is stort. In storten staat t voor -en, een van de klanken van 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), dus de verleden tijd krijgt -te (stortte, stortten) en het voltooid deelwoord eindigt op -t (ingestort).
  • Scheidbaar werkwoord. In een hoofdzin gaat in naar het eind: ik stort in. In een bijzin blijft het vast: ... dat ik instort, ... dat ik instortte.
  • In het voltooid deelwoord staat ge tussen de twee delen: ingestort.
  • Voltooide tijd met zijn: ik ben ingestort, niet ik heb ingestort.

Vragen over werkwoorden

Wat is de verleden tijd van instorten?

stortte in (ik, jij, hij/zij/het) en stortten in (wij, jullie, zij).

Wat is het voltooid deelwoord van instorten?

ingestort, met zijn: ik ben ingestort.

Gebruik je instorten met hebben of zijn?

Met zijn: ik ben ingestort, hij is ingestort.

Is instorten een scheidbaar werkwoord?

Ja. In een hoofdzin gaat in naar het einde (ik stort in), in een bijzin blijft het vast (dat ik instort). Voltooid deelwoord: ingestort.

Meer werkwoorden

Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker

Wil je niet meer alles opzoeken?

De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.

Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.