Dutch Fluency
Vind mijn niveauNiveau
Inloggen

Niveau B2 · Regelmatig

Vervoeging van Knagen

knagen = to gnaw

Hele werkwoord
knagen
Verleden tijd
knaagde · knaagden
Voltooide tijd
heeft geknaagd

Kort antwoord

Knagen is in het Engels to gnaw. Verleden tijd: knaagde (enkelvoud) en knaagden (meervoud). Voltooid deelwoord: geknaagd, met hebben: ik heb geknaagd.

Oefen knagen

Tegenwoordige tijd

ikknaag
jijknaagt
hij/zij/hetknaagt
wijknagen
jullieknagen
zijknagen

Verleden tijd

ikknaagde
jijknaagde
hij/zij/hetknaagde
wijknaagden
jullieknaagden
zijknaagden

Voltooide tijd

ikheb geknaagd
jijhebt geknaagd
hij/zij/hetheeft geknaagd
wijhebben geknaagd
julliehebben geknaagd
zijhebben geknaagd

Voltooid verleden tijd

ikhad geknaagd
jijhad geknaagd
hij/zij/hethad geknaagd
wijhadden geknaagd
julliehadden geknaagd
zijhadden geknaagd

Toekomende tijd

ikzal knagen
jijzult knagen
hij/zij/hetzal knagen
wijzullen knagen
julliezullen knagen
zijzullen knagen

Voorwaardelijke wijs

ikzou knagen
jijzou knagen
hij/zij/hetzou knagen
wijzouden knagen
julliezouden knagen
zijzouden knagen

Oefen knagen

Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.

1 van 60 ✓

Tegenwoordige tijd

ik

knagen in een zin

Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.

  1. Tegenwoordige tijd

    De hond de hele dag op een groot bot.

  2. Verleden tijd

    De muis aan het stuk kaas in de keuken.

  3. Voltooide tijd

    Het konijn de hele nacht aan de houten kooi .

  4. Bijzin

    Ik hoor dat de ratten op het dak .

Zo werkt dit werkwoord

  • Regelmatig werkwoord. De stam is knaag. In knagen staat g voor -en, en die zit niet in 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), dus de verleden tijd krijgt -de (knaagde, knaagden) en het voltooid deelwoord eindigt op -d (geknaagd).
  • Staat jij achter het werkwoord, dan valt de -t weg: jij knaagt, maar knaag jij?

Vragen over werkwoorden

Wat is de verleden tijd van knagen?

knaagde (ik, jij, hij/zij/het) en knaagden (wij, jullie, zij).

Wat is het voltooid deelwoord van knagen?

geknaagd, met hebben: ik heb geknaagd.

Gebruik je knagen met hebben of zijn?

Met hebben: ik heb geknaagd, hij heeft geknaagd.

Meer werkwoorden

Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker

Wil je niet meer alles opzoeken?

De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.

Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.