Dutch Fluency
Vind mijn niveauNiveau
Inloggen

Niveau C1 · Regelmatig

Vervoeging van Knisperen

knisperen = to crackle

Hele werkwoord
knisperen
Verleden tijd
knisperde · knisperden
Voltooide tijd
heeft geknisperd

Kort antwoord

Knisperen is in het Engels to crackle. Verleden tijd: knisperde (enkelvoud) en knisperden (meervoud). Voltooid deelwoord: geknisperd, met hebben: ik heb geknisperd.

Oefen knisperen

Tegenwoordige tijd

ikknisper
jijknispert
hij/zij/hetknispert
wijknisperen
jullieknisperen
zijknisperen

Verleden tijd

ikknisperde
jijknisperde
hij/zij/hetknisperde
wijknisperden
jullieknisperden
zijknisperden

Voltooide tijd

ikheb geknisperd
jijhebt geknisperd
hij/zij/hetheeft geknisperd
wijhebben geknisperd
julliehebben geknisperd
zijhebben geknisperd

Voltooid verleden tijd

ikhad geknisperd
jijhad geknisperd
hij/zij/hethad geknisperd
wijhadden geknisperd
julliehadden geknisperd
zijhadden geknisperd

Toekomende tijd

ikzal knisperen
jijzult knisperen
hij/zij/hetzal knisperen
wijzullen knisperen
julliezullen knisperen
zijzullen knisperen

Voorwaardelijke wijs

ikzou knisperen
jijzou knisperen
hij/zij/hetzou knisperen
wijzouden knisperen
julliezouden knisperen
zijzouden knisperen

Oefen knisperen

Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.

1 van 60 ✓

Tegenwoordige tijd

ik

knisperen in een zin

Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.

  1. Tegenwoordige tijd

    Het vuur zachtjes in de open haard.

  2. Verleden tijd

    Onder zijn voeten de sneeuw.

  3. Bijzin

    Ik hou van de herfst, omdat de bladeren onder mijn schoenen .

  4. Verleden tijd

    Toen wij door het bos liepen, de takken onder onze laarzen.

Zo werkt dit werkwoord

  • Regelmatig werkwoord. De stam is knisper. In knisperen staat r voor -en, en die zit niet in 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), dus de verleden tijd krijgt -de (knisperde, knisperden) en het voltooid deelwoord eindigt op -d (geknisperd).
  • Staat jij achter het werkwoord, dan valt de -t weg: jij knispert, maar knisper jij?

Vragen over werkwoorden

Wat is de verleden tijd van knisperen?

knisperde (ik, jij, hij/zij/het) en knisperden (wij, jullie, zij).

Wat is het voltooid deelwoord van knisperen?

geknisperd, met hebben: ik heb geknisperd.

Gebruik je knisperen met hebben of zijn?

Met hebben: ik heb geknisperd, hij heeft geknisperd.

Meer werkwoorden

Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker

Wil je niet meer alles opzoeken?

De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.

Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.