Niveau B2 · Onregelmatig, scheidbaar
Vervoeging van Omslaan
omslaan = to turn over, change
- Hele werkwoord
- omslaan
- Verleden tijd
- sloeg om · sloegen om
- Voltooide tijd
- heeft / is omgeslagen
Kort antwoord
Omslaan is in het Engels to turn over, change. Verleden tijd: sloeg om (enkelvoud) en sloegen om (meervoud). Voltooid deelwoord: omgeslagen, met hebben / zijn: ik heb / ben omgeslagen.
Oefen omslaanTegenwoordige tijd
| ik | sla om |
| jij | slaat om |
| hij/zij/het | slaat om |
| wij | slaan om |
| jullie | slaan om |
| zij | slaan om |
Verleden tijd
| ik | sloeg om |
| jij | sloeg om |
| hij/zij/het | sloeg om |
| wij | sloegen om |
| jullie | sloegen om |
| zij | sloegen om |
Voltooide tijd
| ik | heb / ben omgeslagen |
| jij | hebt / bent omgeslagen |
| hij/zij/het | heeft / is omgeslagen |
| wij | hebben / zijn omgeslagen |
| jullie | hebben / zijn omgeslagen |
| zij | hebben / zijn omgeslagen |
Voltooid verleden tijd
| ik | had / was omgeslagen |
| jij | had / was omgeslagen |
| hij/zij/het | had / was omgeslagen |
| wij | hadden / waren omgeslagen |
| jullie | hadden / waren omgeslagen |
| zij | hadden / waren omgeslagen |
Toekomende tijd
| ik | zal omslaan |
| jij | zult omslaan |
| hij/zij/het | zal omslaan |
| wij | zullen omslaan |
| jullie | zullen omslaan |
| zij | zullen omslaan |
Voorwaardelijke wijs
| ik | zou omslaan |
| jij | zou omslaan |
| hij/zij/het | zou omslaan |
| wij | zouden omslaan |
| jullie | zouden omslaan |
| zij | zouden omslaan |
Omslaan is een scheidbaar werkwoord
In een hoofdzin gaat om naar het einde (ik sla om). In een bijzin blijven de twee delen bij elkaar (dat ik omsla). Voltooid deelwoord: omgeslagen.
| Hoofdzin | ik sla om |
| Vraag | sla jij om? |
| Bijzin | … dat ik omsla |
| Met een modaal werkwoord | ik wil omslaan |
| Voltooide tijd | ik heb / ben omgeslagen |
| Met om ... te | om om te slaan |
| Gebiedende wijs | sla om! |
Oefen omslaan
Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.
Tegenwoordige tijd
omslaan in een zin
Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.
Zo werkt dit werkwoord
- Onregelmatig werkwoord: de verleden tijd en het voltooid deelwoord volgen het gewone -te/-de-patroon niet, dus leer de drie vormen samen: omslaan, sloeg om, omgeslagen.
- Scheidbaar werkwoord. In een hoofdzin gaat om naar het eind: ik sla om. In een bijzin blijft het vast: ... dat ik omsla, ... dat ik omsloeg.
- In het voltooid deelwoord staat ge tussen de twee delen: omgeslagen.
- Hebben of zijn: hebben voor de activiteit zelf, zijn als je zegt waarheen of wat er veranderde. Ze heeft de bladzijde omgeslagen. Het weer is plotseling omgeslagen.
Vragen over werkwoorden
Wat is de verleden tijd van omslaan?
sloeg om (ik, jij, hij/zij/het) en sloegen om (wij, jullie, zij).
Wat is het voltooid deelwoord van omslaan?
omgeslagen, met hebben of zijn, afhankelijk van de betekenis: Ze heeft de bladzijde omgeslagen. Het weer is plotseling omgeslagen.
Gebruik je omslaan met hebben of zijn?
Allebei, afhankelijk van de betekenis: Ze heeft de bladzijde omgeslagen. Het weer is plotseling omgeslagen.
Is omslaan een scheidbaar werkwoord?
Ja. In een hoofdzin gaat om naar het einde (ik sla om), in een bijzin blijft het vast (dat ik omsla). Voltooid deelwoord: omgeslagen.
Meer werkwoorden
Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker
Wil je niet meer alles opzoeken?
De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.
Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.