Niveau B1 · Onregelmatig, scheidbaar
Vervoeging van Oversteken
oversteken = to cross, stick out
- Hele werkwoord
- oversteken
- Verleden tijd
- stak over · staken over
- Voltooide tijd
- heeft / is overgestoken
Kort antwoord
Oversteken is in het Engels to cross, stick out. Verleden tijd: stak over (enkelvoud) en staken over (meervoud). Voltooid deelwoord: overgestoken, met hebben / zijn: ik heb / ben overgestoken.
Oefen overstekenTegenwoordige tijd
| ik | steek over |
| jij | steekt over |
| hij/zij/het | steekt over |
| wij | steken over |
| jullie | steken over |
| zij | steken over |
Verleden tijd
| ik | stak over |
| jij | stak over |
| hij/zij/het | stak over |
| wij | staken over |
| jullie | staken over |
| zij | staken over |
Voltooide tijd
| ik | heb / ben overgestoken |
| jij | hebt / bent overgestoken |
| hij/zij/het | heeft / is overgestoken |
| wij | hebben / zijn overgestoken |
| jullie | hebben / zijn overgestoken |
| zij | hebben / zijn overgestoken |
Voltooid verleden tijd
| ik | had / was overgestoken |
| jij | had / was overgestoken |
| hij/zij/het | had / was overgestoken |
| wij | hadden / waren overgestoken |
| jullie | hadden / waren overgestoken |
| zij | hadden / waren overgestoken |
Toekomende tijd
| ik | zal oversteken |
| jij | zult oversteken |
| hij/zij/het | zal oversteken |
| wij | zullen oversteken |
| jullie | zullen oversteken |
| zij | zullen oversteken |
Voorwaardelijke wijs
| ik | zou oversteken |
| jij | zou oversteken |
| hij/zij/het | zou oversteken |
| wij | zouden oversteken |
| jullie | zouden oversteken |
| zij | zouden oversteken |
Oversteken is een scheidbaar werkwoord
In een hoofdzin gaat over naar het einde (ik steek over). In een bijzin blijven de twee delen bij elkaar (dat ik oversteek). Voltooid deelwoord: overgestoken.
| Hoofdzin | ik steek over |
| Vraag | steek jij over? |
| Bijzin | … dat ik oversteek |
| Met een modaal werkwoord | ik wil oversteken |
| Voltooide tijd | ik heb / ben overgestoken |
| Met om ... te | om over te steken |
| Gebiedende wijs | steek over! |
Oefen oversteken
Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.
Tegenwoordige tijd
oversteken in een zin
Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.
Zo werkt dit werkwoord
- Onregelmatig werkwoord: de verleden tijd en het voltooid deelwoord volgen het gewone -te/-de-patroon niet, dus leer de drie vormen samen: oversteken, stak over, overgestoken.
- Scheidbaar werkwoord. In een hoofdzin gaat over naar het eind: ik steek over. In een bijzin blijft het vast: ... dat ik oversteek, ... dat ik overstak.
- In het voltooid deelwoord staat ge tussen de twee delen: overgestoken.
- Hebben of zijn: hebben voor de activiteit zelf, zijn als je zegt waarheen of wat er veranderde. Ze hebben de straat veilig overgestoken. We zijn bij het stoplicht overgestoken.
Vragen over werkwoorden
Wat is de verleden tijd van oversteken?
stak over (ik, jij, hij/zij/het) en staken over (wij, jullie, zij).
Wat is het voltooid deelwoord van oversteken?
overgestoken, met hebben of zijn, afhankelijk van de betekenis: Ze hebben de straat veilig overgestoken. We zijn bij het stoplicht overgestoken.
Gebruik je oversteken met hebben of zijn?
Allebei, afhankelijk van de betekenis: Ze hebben de straat veilig overgestoken. We zijn bij het stoplicht overgestoken.
Is oversteken een scheidbaar werkwoord?
Ja. In een hoofdzin gaat over naar het einde (ik steek over), in een bijzin blijft het vast (dat ik oversteek). Voltooid deelwoord: overgestoken.
Meer werkwoorden
Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker
Wil je niet meer alles opzoeken?
De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.
Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.