Dutch Fluency
Vind mijn niveauNiveau
Inloggen

Niveau C1 · Regelmatig

Vervoeging van Sterken

sterken = to strengthen, encourage

Hele werkwoord
sterken
Verleden tijd
sterkte · sterkten
Voltooide tijd
heeft gesterkt

Kort antwoord

Sterken is in het Engels to strengthen, encourage. Verleden tijd: sterkte (enkelvoud) en sterkten (meervoud). Voltooid deelwoord: gesterkt, met hebben: ik heb gesterkt.

Oefen sterken

Tegenwoordige tijd

iksterk
jijsterkt
hij/zij/hetsterkt
wijsterken
julliesterken
zijsterken

Verleden tijd

iksterkte
jijsterkte
hij/zij/hetsterkte
wijsterkten
julliesterkten
zijsterkten

Voltooide tijd

ikheb gesterkt
jijhebt gesterkt
hij/zij/hetheeft gesterkt
wijhebben gesterkt
julliehebben gesterkt
zijhebben gesterkt

Voltooid verleden tijd

ikhad gesterkt
jijhad gesterkt
hij/zij/hethad gesterkt
wijhadden gesterkt
julliehadden gesterkt
zijhadden gesterkt

Toekomende tijd

ikzal sterken
jijzult sterken
hij/zij/hetzal sterken
wijzullen sterken
julliezullen sterken
zijzullen sterken

Voorwaardelijke wijs

ikzou sterken
jijzou sterken
hij/zij/hetzou sterken
wijzouden sterken
julliezouden sterken
zijzouden sterken

Oefen sterken

Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.

1 van 60 ✓

Tegenwoordige tijd

ik

sterken in een zin

Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.

  1. Tegenwoordige tijd

    Jouw woorden mij altijd als ik twijfel.

  2. Verleden tijd

    De steun van haar familie haar tijdens de ziekte.

  3. Voltooide tijd

    Deze ervaring ons .

  4. Bijzin

    Het is fijn dat jij mij als ik moedeloos ben.

Zo werkt dit werkwoord

  • Regelmatig werkwoord. De stam is sterk. In sterken staat k voor -en, een van de klanken van 't kofschip (t, k, f, s, ch, p), dus de verleden tijd krijgt -te (sterkte, sterkten) en het voltooid deelwoord eindigt op -t (gesterkt).
  • Staat jij achter het werkwoord, dan valt de -t weg: jij sterkt, maar sterk jij?

Vragen over werkwoorden

Wat is de verleden tijd van sterken?

sterkte (ik, jij, hij/zij/het) en sterkten (wij, jullie, zij).

Wat is het voltooid deelwoord van sterken?

gesterkt, met hebben: ik heb gesterkt.

Gebruik je sterken met hebben of zijn?

Met hebben: ik heb gesterkt, hij heeft gesterkt.

Meer werkwoorden

Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker

Wil je niet meer alles opzoeken?

De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.

Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.