Dutch Fluency
Vind mijn niveauNiveau
Inloggen

Niveau B1 · Onregelmatig, scheidbaar

Vervoeging van Teruglopen

teruglopen = to walk back

Hele werkwoord
teruglopen
Verleden tijd
liep terug · liepen terug
Voltooide tijd
is teruggelopen

Kort antwoord

Teruglopen is in het Engels to walk back. Verleden tijd: liep terug (enkelvoud) en liepen terug (meervoud). Voltooid deelwoord: teruggelopen, met zijn: ik ben teruggelopen.

Oefen teruglopen

Tegenwoordige tijd

ikloop terug
jijloopt terug
hij/zij/hetloopt terug
wijlopen terug
jullielopen terug
zijlopen terug

Verleden tijd

ikliep terug
jijliep terug
hij/zij/hetliep terug
wijliepen terug
jullieliepen terug
zijliepen terug

Voltooide tijd

ikben teruggelopen
jijbent teruggelopen
hij/zij/hetis teruggelopen
wijzijn teruggelopen
julliezijn teruggelopen
zijzijn teruggelopen

Voltooid verleden tijd

ikwas teruggelopen
jijwas teruggelopen
hij/zij/hetwas teruggelopen
wijwaren teruggelopen
julliewaren teruggelopen
zijwaren teruggelopen

Toekomende tijd

ikzal teruglopen
jijzult teruglopen
hij/zij/hetzal teruglopen
wijzullen teruglopen
julliezullen teruglopen
zijzullen teruglopen

Voorwaardelijke wijs

ikzou teruglopen
jijzou teruglopen
hij/zij/hetzou teruglopen
wijzouden teruglopen
julliezouden teruglopen
zijzouden teruglopen

Teruglopen is een scheidbaar werkwoord

In een hoofdzin gaat terug naar het einde (ik loop terug). In een bijzin blijven de twee delen bij elkaar (dat ik terugloop). Voltooid deelwoord: teruggelopen.

Hoofdzinik loop terug
Vraagloop jij terug?
Bijzin… dat ik terugloop
Met een modaal werkwoordik wil teruglopen
Voltooide tijdik ben teruggelopen
Met om ... teom terug te lopen
Gebiedende wijsloop terug!

Scheidbare werkwoorden: regels en checker

Oefen teruglopen

Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.

1 van 60 ✓

Tegenwoordige tijd

ik

teruglopen in een zin

Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.

  1. Tegenwoordige tijd

    Wij na het eten naar huis .

  2. Verleden tijd

    Hij zijn tas te halen naar school .

  3. Tegenwoordige tijd

    Jij vanavond zeker niet alleen .

Zo werkt dit werkwoord

  • Onregelmatig werkwoord: de verleden tijd en het voltooid deelwoord volgen het gewone -te/-de-patroon niet, dus leer de drie vormen samen: teruglopen, liep terug, teruggelopen.
  • Scheidbaar werkwoord. In een hoofdzin gaat terug naar het eind: ik loop terug. In een bijzin blijft het vast: ... dat ik terugloop, ... dat ik terugliep.
  • In het voltooid deelwoord staat ge tussen de twee delen: teruggelopen.
  • Voltooide tijd met zijn: ik ben teruggelopen, niet ik heb teruggelopen.

Vragen over werkwoorden

Wat is de verleden tijd van teruglopen?

liep terug (ik, jij, hij/zij/het) en liepen terug (wij, jullie, zij).

Wat is het voltooid deelwoord van teruglopen?

teruggelopen, met zijn: ik ben teruggelopen.

Gebruik je teruglopen met hebben of zijn?

Met zijn: ik ben teruggelopen, hij is teruggelopen.

Is teruglopen een scheidbaar werkwoord?

Ja. In een hoofdzin gaat terug naar het einde (ik loop terug), in een bijzin blijft het vast (dat ik terugloop). Voltooid deelwoord: teruggelopen.

Meer werkwoorden

Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker

Wil je niet meer alles opzoeken?

De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.

Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.