Niveau B2 · Onregelmatig, scheidbaar
Vervoeging van Terugvallen
terugvallen = to relapse
- Hele werkwoord
- terugvallen
- Verleden tijd
- viel terug · vielen terug
- Voltooide tijd
- is teruggevallen
Kort antwoord
Terugvallen is in het Engels to relapse. Verleden tijd: viel terug (enkelvoud) en vielen terug (meervoud). Voltooid deelwoord: teruggevallen, met zijn: ik ben teruggevallen.
Oefen terugvallenTegenwoordige tijd
| ik | val terug |
| jij | valt terug |
| hij/zij/het | valt terug |
| wij | vallen terug |
| jullie | vallen terug |
| zij | vallen terug |
Verleden tijd
| ik | viel terug |
| jij | viel terug |
| hij/zij/het | viel terug |
| wij | vielen terug |
| jullie | vielen terug |
| zij | vielen terug |
Voltooide tijd
| ik | ben teruggevallen |
| jij | bent teruggevallen |
| hij/zij/het | is teruggevallen |
| wij | zijn teruggevallen |
| jullie | zijn teruggevallen |
| zij | zijn teruggevallen |
Voltooid verleden tijd
| ik | was teruggevallen |
| jij | was teruggevallen |
| hij/zij/het | was teruggevallen |
| wij | waren teruggevallen |
| jullie | waren teruggevallen |
| zij | waren teruggevallen |
Toekomende tijd
| ik | zal terugvallen |
| jij | zult terugvallen |
| hij/zij/het | zal terugvallen |
| wij | zullen terugvallen |
| jullie | zullen terugvallen |
| zij | zullen terugvallen |
Voorwaardelijke wijs
| ik | zou terugvallen |
| jij | zou terugvallen |
| hij/zij/het | zou terugvallen |
| wij | zouden terugvallen |
| jullie | zouden terugvallen |
| zij | zouden terugvallen |
Terugvallen is een scheidbaar werkwoord
In een hoofdzin gaat terug naar het einde (ik val terug). In een bijzin blijven de twee delen bij elkaar (dat ik terugval). Voltooid deelwoord: teruggevallen.
| Hoofdzin | ik val terug |
| Vraag | val jij terug? |
| Bijzin | … dat ik terugval |
| Met een modaal werkwoord | ik wil terugvallen |
| Voltooide tijd | ik ben teruggevallen |
| Met om ... te | om terug te vallen |
| Gebiedende wijs | val terug! |
Oefen terugvallen
Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.
Tegenwoordige tijd
terugvallen in een zin
Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.
Zo werkt dit werkwoord
- Onregelmatig werkwoord: de verleden tijd en het voltooid deelwoord volgen het gewone -te/-de-patroon niet, dus leer de drie vormen samen: terugvallen, viel terug, teruggevallen.
- Scheidbaar werkwoord. In een hoofdzin gaat terug naar het eind: ik val terug. In een bijzin blijft het vast: ... dat ik terugval, ... dat ik terugviel.
- In het voltooid deelwoord staat ge tussen de twee delen: teruggevallen.
- Voltooide tijd met zijn: ik ben teruggevallen, niet ik heb teruggevallen.
Vragen over werkwoorden
Wat is de verleden tijd van terugvallen?
viel terug (ik, jij, hij/zij/het) en vielen terug (wij, jullie, zij).
Wat is het voltooid deelwoord van terugvallen?
teruggevallen, met zijn: ik ben teruggevallen.
Gebruik je terugvallen met hebben of zijn?
Met zijn: ik ben teruggevallen, hij is teruggevallen.
Is terugvallen een scheidbaar werkwoord?
Ja. In een hoofdzin gaat terug naar het einde (ik val terug), in een bijzin blijft het vast (dat ik terugval). Voltooid deelwoord: teruggevallen.
Meer werkwoorden
Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker
Wil je niet meer alles opzoeken?
De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.
Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.