Dutch Fluency
Vind mijn niveauNiveau
Inloggen

Niveau B2 · Onregelmatig, scheidbaar

Vervoeging van Terugvallen

terugvallen = to relapse

Hele werkwoord
terugvallen
Verleden tijd
viel terug · vielen terug
Voltooide tijd
is teruggevallen

Kort antwoord

Terugvallen is in het Engels to relapse. Verleden tijd: viel terug (enkelvoud) en vielen terug (meervoud). Voltooid deelwoord: teruggevallen, met zijn: ik ben teruggevallen.

Oefen terugvallen

Tegenwoordige tijd

ikval terug
jijvalt terug
hij/zij/hetvalt terug
wijvallen terug
jullievallen terug
zijvallen terug

Verleden tijd

ikviel terug
jijviel terug
hij/zij/hetviel terug
wijvielen terug
jullievielen terug
zijvielen terug

Voltooide tijd

ikben teruggevallen
jijbent teruggevallen
hij/zij/hetis teruggevallen
wijzijn teruggevallen
julliezijn teruggevallen
zijzijn teruggevallen

Voltooid verleden tijd

ikwas teruggevallen
jijwas teruggevallen
hij/zij/hetwas teruggevallen
wijwaren teruggevallen
julliewaren teruggevallen
zijwaren teruggevallen

Toekomende tijd

ikzal terugvallen
jijzult terugvallen
hij/zij/hetzal terugvallen
wijzullen terugvallen
julliezullen terugvallen
zijzullen terugvallen

Voorwaardelijke wijs

ikzou terugvallen
jijzou terugvallen
hij/zij/hetzou terugvallen
wijzouden terugvallen
julliezouden terugvallen
zijzouden terugvallen

Terugvallen is een scheidbaar werkwoord

In een hoofdzin gaat terug naar het einde (ik val terug). In een bijzin blijven de twee delen bij elkaar (dat ik terugval). Voltooid deelwoord: teruggevallen.

Hoofdzinik val terug
Vraagval jij terug?
Bijzin… dat ik terugval
Met een modaal werkwoordik wil terugvallen
Voltooide tijdik ben teruggevallen
Met om ... teom terug te vallen
Gebiedende wijsval terug!

Scheidbare werkwoorden: regels en checker

Oefen terugvallen

Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.

1 van 60 ✓

Tegenwoordige tijd

ik

terugvallen in een zin

Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.

  1. Tegenwoordige tijd

    Hij soms in zijn oude gewoonte om te roken.

  2. Verleden tijd

    De patiënt na twee weken weer in zijn ziekte.

  3. Voltooide tijd

    Ze na de vakantie in slechte gewoontes.

  4. Verleden tijd

    Wij toen in ons oude gedrag.

Zo werkt dit werkwoord

  • Onregelmatig werkwoord: de verleden tijd en het voltooid deelwoord volgen het gewone -te/-de-patroon niet, dus leer de drie vormen samen: terugvallen, viel terug, teruggevallen.
  • Scheidbaar werkwoord. In een hoofdzin gaat terug naar het eind: ik val terug. In een bijzin blijft het vast: ... dat ik terugval, ... dat ik terugviel.
  • In het voltooid deelwoord staat ge tussen de twee delen: teruggevallen.
  • Voltooide tijd met zijn: ik ben teruggevallen, niet ik heb teruggevallen.

Vragen over werkwoorden

Wat is de verleden tijd van terugvallen?

viel terug (ik, jij, hij/zij/het) en vielen terug (wij, jullie, zij).

Wat is het voltooid deelwoord van terugvallen?

teruggevallen, met zijn: ik ben teruggevallen.

Gebruik je terugvallen met hebben of zijn?

Met zijn: ik ben teruggevallen, hij is teruggevallen.

Is terugvallen een scheidbaar werkwoord?

Ja. In een hoofdzin gaat terug naar het einde (ik val terug), in een bijzin blijft het vast (dat ik terugval). Voltooid deelwoord: teruggevallen.

Meer werkwoorden

Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker

Wil je niet meer alles opzoeken?

De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.

Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.