Dutch Fluency
Vind mijn niveauNiveau
Inloggen

Niveau A2 · Onregelmatig, scheidbaar

Vervoeging van Thuisblijven

thuisblijven = to stay at home

Hele werkwoord
thuisblijven
Verleden tijd
bleef thuis · bleven thuis
Voltooide tijd
is thuisgebleven

Kort antwoord

Thuisblijven is in het Engels to stay at home. Verleden tijd: bleef thuis (enkelvoud) en bleven thuis (meervoud). Voltooid deelwoord: thuisgebleven, met zijn: ik ben thuisgebleven.

Oefen thuisblijven

Tegenwoordige tijd

ikblijf thuis
jijblijft thuis
hij/zij/hetblijft thuis
wijblijven thuis
jullieblijven thuis
zijblijven thuis

Verleden tijd

ikbleef thuis
jijbleef thuis
hij/zij/hetbleef thuis
wijbleven thuis
julliebleven thuis
zijbleven thuis

Voltooide tijd

ikben thuisgebleven
jijbent thuisgebleven
hij/zij/hetis thuisgebleven
wijzijn thuisgebleven
julliezijn thuisgebleven
zijzijn thuisgebleven

Voltooid verleden tijd

ikwas thuisgebleven
jijwas thuisgebleven
hij/zij/hetwas thuisgebleven
wijwaren thuisgebleven
julliewaren thuisgebleven
zijwaren thuisgebleven

Toekomende tijd

ikzal thuisblijven
jijzult thuisblijven
hij/zij/hetzal thuisblijven
wijzullen thuisblijven
julliezullen thuisblijven
zijzullen thuisblijven

Voorwaardelijke wijs

ikzou thuisblijven
jijzou thuisblijven
hij/zij/hetzou thuisblijven
wijzouden thuisblijven
julliezouden thuisblijven
zijzouden thuisblijven

Thuisblijven is een scheidbaar werkwoord

In een hoofdzin gaat thuis naar het einde (ik blijf thuis). In een bijzin blijven de twee delen bij elkaar (dat ik thuisblijf). Voltooid deelwoord: thuisgebleven.

Hoofdzinik blijf thuis
Vraagblijf jij thuis?
Bijzin… dat ik thuisblijf
Met een modaal werkwoordik wil thuisblijven
Voltooide tijdik ben thuisgebleven
Met om ... teom thuis te blijven
Gebiedende wijsblijf thuis!

Scheidbare werkwoorden: regels en checker

Oefen thuisblijven

Zes snelle vormen. Typ het antwoord, druk op Enter en zie meteen of het goed is.

1 van 60 ✓

Tegenwoordige tijd

ik

thuisblijven in een zin

Vul de juiste vorm in. De zin laat zien wie het doet en wanneer.

  1. Tegenwoordige tijd

    Ik vandaag omdat ik ziek ben.

  2. Verleden tijd

    De kinderen gisteren vanwege de storm.

  3. Voltooide tijd

    Zij vorige week met haar zieke kind.

  4. Tegenwoordige tijd

    Hij liever terwijl het regent.

Zo werkt dit werkwoord

  • Onregelmatig werkwoord: de verleden tijd en het voltooid deelwoord volgen het gewone -te/-de-patroon niet, dus leer de drie vormen samen: thuisblijven, bleef thuis, thuisgebleven.
  • Scheidbaar werkwoord. In een hoofdzin gaat thuis naar het eind: ik blijf thuis. In een bijzin blijft het vast: ... dat ik thuisblijf, ... dat ik thuisbleef.
  • In het voltooid deelwoord staat ge tussen de twee delen: thuisgebleven.
  • Voltooide tijd met zijn: ik ben thuisgebleven, niet ik heb thuisgebleven.

Vragen over werkwoorden

Wat is de verleden tijd van thuisblijven?

bleef thuis (ik, jij, hij/zij/het) en bleven thuis (wij, jullie, zij).

Wat is het voltooid deelwoord van thuisblijven?

thuisgebleven, met zijn: ik ben thuisgebleven.

Gebruik je thuisblijven met hebben of zijn?

Met zijn: ik ben thuisgebleven, hij is thuisgebleven.

Is thuisblijven een scheidbaar werkwoord?

Ja. In een hoofdzin gaat thuis naar het einde (ik blijf thuis), in een bijzin blijft het vast (dat ik thuisblijf). Voltooid deelwoord: thuisgebleven.

Meer werkwoorden

Alle werkwoordenAlle werkwoorden A tot ZScheidbare werkwoorden: regels en checkerDe of het checker

Wil je niet meer alles opzoeken?

De gratis niveautest laat zien waar je Nederlands nu staat en wat je hierna leert.

Vormen gecontroleerd met Wiktionary. Samengestelde tijden gebruiken de vaste vormen van hebben, zijn, zullen en zou.