المستوى B2 · منتظم, قابل للفصل
تصريف Uitwerken
uitwerken = يفصّل
- المصدر
- uitwerken
- الماضي
- werkte uit · werkten uit
- التام
- heeft uitgewerkt
إجابة سريعة
Uitwerken يعني يفصّل. الماضي: werkte uit (مفرد) و werkten uit (جمع). اسم المفعول (voltooid deelwoord): uitgewerkt، مع hebben: ik heb uitgewerkt.
تمرّن على uitwerkenالمضارع (tegenwoordige tijd)
| ik | werk uit |
| jij | werkt uit |
| hij/zij/het | werkt uit |
| wij | werken uit |
| jullie | werken uit |
| zij | werken uit |
الماضي (verleden tijd)
| ik | werkte uit |
| jij | werkte uit |
| hij/zij/het | werkte uit |
| wij | werkten uit |
| jullie | werkten uit |
| zij | werkten uit |
التام (voltooide tijd)
| ik | heb uitgewerkt |
| jij | hebt uitgewerkt |
| hij/zij/het | heeft uitgewerkt |
| wij | hebben uitgewerkt |
| jullie | hebben uitgewerkt |
| zij | hebben uitgewerkt |
الماضي التام (voltooid verleden tijd)
| ik | had uitgewerkt |
| jij | had uitgewerkt |
| hij/zij/het | had uitgewerkt |
| wij | hadden uitgewerkt |
| jullie | hadden uitgewerkt |
| zij | hadden uitgewerkt |
المستقبل (toekomende tijd)
| ik | zal uitwerken |
| jij | zult uitwerken |
| hij/zij/het | zal uitwerken |
| wij | zullen uitwerken |
| jullie | zullen uitwerken |
| zij | zullen uitwerken |
الشرطي (voorwaardelijke wijs)
| ik | zou uitwerken |
| jij | zou uitwerken |
| hij/zij/het | zou uitwerken |
| wij | zouden uitwerken |
| jullie | zouden uitwerken |
| zij | zouden uitwerken |
Uitwerken فعل منفصل
في الجملة الرئيسية يذهب uit إلى النهاية (ik werk uit). وفي الجملة الفرعية يبقى الجزآن معًا (dat ik uitwerk). اسم المفعول: uitgewerkt.
| الجملة الرئيسية | ik werk uit |
| السؤال | werk jij uit? |
| الجملة الفرعية | … dat ik uitwerk |
| مع فعل مساعد | ik wil uitwerken |
| الماضي التام (perfect) | ik heb uitgewerkt |
| مع om ... te | om uit te werken |
| الأمر | werk uit! |
تمرّن على uitwerken
ست صيغ سريعة. اكتب الإجابة واضغط Enter لترى فورًا إن كانت صحيحة.
المضارع
uitwerken في جملة
اكتب الصيغة الصحيحة. تخبرك الجملة بمن يقوم بالفعل ومتى، وبعد التحقق ترى معناها.
كيف يعمل هذا الفعل
- فعل منتظم. الجذع هو werk. في المصدر werken يأتي k قبل -en، وهو من أصوات 't kofschip (t, k, f, s, ch, p)، لذلك يأخذ الماضي -te (werkte، werkten) وينتهي اسم المفعول بـ -t (uitgewerkt).
- فعل قابل للفصل. في الجملة الرئيسية تذهب البادئة uit إلى آخر الجملة: ik werk uit. وفي الجملة التابعة تبقى متصلة: ... dat ik uitwerk، ... dat ik uitwerkte.
- في اسم المفعول تأتي ge بين الجزأين: uitgewerkt.
أسئلة حول الأفعال الهولندية
ما صيغة الماضي من uitwerken؟
werkte uit (ik، jij، hij/zij/het) و werkten uit (wij، jullie، zij).
ما اسم المفعول (voltooid deelwoord) من uitwerken؟
uitgewerkt، مع hebben: ik heb uitgewerkt.
هل يُستخدم uitwerken مع hebben أم مع zijn؟
مع hebben: ik heb uitgewerkt, hij heeft uitgewerkt.
هل uitwerken فعل منفصل؟
نعم. في الجملة الرئيسية يذهب uit إلى النهاية (ik werk uit)، وفي الجملة الفرعية يبقى ملتصقًا (dat ik uitwerk). اسم المفعول: uitgewerkt.
أفعال أخرى
كل الأفعالكل الأفعال من A إلى Zالأفعال المنفصلة: القواعد وأداة التحققأداة de أو het
تريد أن تتوقف عن البحث عن كل كلمة؟
يُظهر اختبار المستوى المجاني مستوى لغتك الهولندية الآن وما تتعلمه بعد ذلك.
الصيغ مُراجَعة مع ويكاموس. الأزمنة المركبة تستخدم صيغ hebben وzijn وzullen وzou الثابتة.